Posts tonen met het label toekomst van de bibliotheek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label toekomst van de bibliotheek. Alle posts tonen

maandag 7 april 2014

Een Turks avontuur

In februari ontving ik een bericht via LinkedIn van een Turkse bibliothecaris. Of ik wilde spreken op het 50ste bibliotheekcongres in Ankara begin april. Of ik iets over de toekomst van bibliotheken wilde vertellen en iets over de bibliotheken van de toekomst. Ik was verrast en voelde me ook vereerd. Dat overkomt je toch niet dagelijks dat je gevraagd wordt om in het buitenland te spreken. Ik heb het wel eens eerder gedaan, daar niet van. Maar dat was vanuit de EBLIDA, omdat onze vergadering samenviel met een congres in dat land. Dat is toch anders dan rechtstreeks benaderd te worden.

Ik checkte mijn agenda, ja ik kon, en ik antwoordde dat ik graag kwam en me vereerd voelde. En ik stelde nog wat praktische vragen over de vliegreis, visum, hotel etc. Daarna..........stilte..........
Geen antwoord op mijn bericht op LinkedIn. Zou het niet meer hoeven, hadden ze een andere spreker gevonden? Inmiddels was het maart en nam de druk op de eerste dagen van april qua agenda toe. Nog maar eens een mail gestuurd via LinkedIn. Weer geen bericht.

Toen na een week, vanuit Turkije een bericht. Of ik nou kwam of niet, ze hadden nog steeds niets gehoord. Vreemd. Dus weer geantwoord dat ik graag kwam. Daarna weer stilte........
Na nog een paar dagen kreeg ik ineens een rechtstreekse mail van mijn Turkse collega. Niet via zijn werkadres, niet via LinkedIn maar via gmail. En mijn antwoorden kwamen toen ineens aan.  

Ik heb toen voorgesteld elkaar maar even te bellen, en dat gebeurde. Kortgesloten wat de bedoeling was, dat het hotel geregeld zou worden, dat ik zelf mijn ticket moest boeken (of ik dat dan wel via Turkish Airlines wilde doen, goed voor de Turkse economie ;-), ik zou op het vliegveld opgehaald worden als ik mijn vluchtgegevens doorgaf, en een link naar een website om mijn visum te regelen. Fijn, even een stem te horen zodat je van gedachten kunt wisselen, en gelijk het telefoonnummer opgeslagen in mijn mobiel.

Afgelopen dinsdag, ja 1 april, reisde ik af naar Ankara. Met een overstap in Istanbul zou ik rond een uur of half elf 's avonds aankomen in Ankara. Presentatie mee op een USB stick, en op het laatste moment ook nog even het adres van het hotel op een briefje geschreven. Je weet tenslotte maar nooit. De reis verliep voorspoedig. Ach ja, het gebruikelijke gedoe met de veiligheidscontrole waarbij ik me altijd in moet prenten dat het voor ons aller veiligheid is. En dan op het vliegveld in Ankara.....drie keer de aankomsthal doorgelopen. Heel veel mannetjes met een bordje voor zich, maar niemand met een bordje met mijn naam. Geen mannetje met een bordje 'kutuphane', niets. Buiten bij de taxi's ook genoeg mannetjes met een bordje, maar mijn naam staat er niet bij. Ik bel het telefoonnummer van mij contactpersoon en krijg het geluid van een piepende fax aan de andere kant. Hm, zou ik in een dure 1 april grap beland zijn?  Zo blij dat ik wel het adres van het hotel heb opgeschreven. Ik pak een taxi. 

In het hotel wordt mij gelijk gemeld dat ik verwacht word. Er is een kamer op mijn naam geboekt. Gelukkig! Ik vraag waar de volgende dag het congres plaats zal vinden. De jongeman van het hotel weet het niet. Ik vraag of er iemand van de organisatie is, hij zegt van niet. Ik vraag of hij weet hoe laat ik morgen ergens moet zijn.... Ja gelukkig gaat er een lampje branden. Er zal morgen een busje klaar staan om 9.00 uur die me naar de congreslocatie zal brengen. Enigszins gerustgesteld zoek ik mij kamer op en ga naar bed.

De volgende ochtend aan het ontbijt hoor ik ineens 'Ha Erna'. Ingrid Bon, collega uit Gelderland blijkt ook uitgenodigd te zijn, als lid van IFLA.  Er blijken toch nog wat meer Europeanen uitgenodigd te zijn. 

Het congres die ochtend gaat verder prima.  Professioneel met simultaan tolken. Alle deelnemers aan het congres krijgen een headset zodat wat er op het podium gezegd wordt ook gelijk wordt vertaald. Mijn presentatie over onze visie op bibliotheekwerk en praktijkvoorbeelden van Kennemerwaard worden met interesse gevolgd. En naderhand volgen een aantal positief kritische vragen.  Over hoe wij omgaan met collecties voor immigranten, of laaggeletterde immigranten het grootste probleem is in Nederland, of we speciale opleidingen hebben voor jeugdbibliothecarissen voor bijvoorbeeld ons project 100 talenten.


Tussen de middag werd er een leesevenement georganiseerd. Overal in de stad werd in het openbaar gelezen. Ingrid Bon en ik werden meegevraagd, dus daar zaten we even later. In een park, in de zon, met allemaal lezende mensen om ons heen. Ingrid met haar IPad, ik met mijn taalgidsje "Hoe en wat in het Turks" ;-)




Naderhand krijg ik de nodige complimenten van een aantal Turkse collega's, en als kers op de taart natuurlijk de gegraveerde glazen plaquette namens de Turkse minister van cultuur en toerisme. Kom daar maar eens om in Nederland ;-) 

In de korte gesprekken die ik daarna met de Turkse collega's heb valt me op dat zij minstens zo bevlogen zijn als veel van ons in Nederland. Dat ze op sommige punten een grote stap voorwaarts willen maken door gelijk over te gaan op digitaal lezen. Dit terwijl de beschikbaarheid van gedrukte boeken lang niet overal geregeld is. Hier is toch nog vaak schaarste op het gebied van de mogelijkheid om te kunnen lezen, omdat de collecties van boeken in bibliotheken vaak klein zijn en mensen thuis lang niet altijd boeken hebben. Turkije heeft procentueel veel meer laaggeletterden dan Nederland. En het land kent niet een volledige toegang tot informatie, geen volledige persvrijheid, afgelopen weken had de overheid toegang tot Twitter en YouTube geblokkeerd. Er werd overigens wel gegrinnikt toen ik in mijn presentatie iets zei over Twitter. Er werd driftig op instagram gedeeld met de wereld over wat er op het congres gebeurde.  Het is een land waarvan een gedeelte Koerdistan is, en waar af en toe geweld oplaait. Daar voert de Turkse overheid een beleid van Turkificering, of op zijn minst wordt het Koerden niet gemakkelijk gemaakt hun eigen taal en cultuur te beleven en te spreken. Dat roept geweld op in die regio. Over die situatie spraken Ingrid Bon en ik met een Turkse collega, een heel erg moeilijke situatie. Hoe blijf je dan trouw aan de principes van de doelstellingen van de bibliotheek? 

Wij in Nederland vergeten wel eens te gemakkelijk welke verworvenheden we hebben. Relatieve rijkdom, waardoor ook veel politici denken dat alles er voor iedereen is, al dan niet via internet. Vrije toegang tot informatie, cultuur en educatie. En dat laatste, de educatie is meer en meer de rol van de bibliotheek aan het worden. Mensen, burgers ondersteunen en uitdagen om zichzelf te ontwikkelen en het beste uit zichzelf te halen om daarmee bij te kunnen dragen aan de maatschappij. Een bezoek aan een land waarin dat een stuk minder makkelijk is zet je met beide benen op de grond. Onze democratische verworvenheden mogen we niet zomaar verkwanselen. Dat zouden (lokale) politici zich ook moeten realiseren.

dinsdag 11 juni 2013

Waar is wat we doen goed voor?

De afgelopen weken en komende tijd heb ik samen met mijn managementteamleden met enige regelmaat gesprekken met raadsfracties in onze vier gemeenten. Gewoon, om in aanloop naar de verkiezingen te praten over hoe zij aankijken tegen de bibliotheek en de toekomst van dit prachtige instituut. Natuurlijk zijn er gesprekken bij met min of meer gelijk gestemden, politici die de bibliotheek een warm hart toe dragen. Die nut en noodzaak van alles wat de bibliotheek doet in een breder kader zien. Er zijn ook gesprekken bij waarbij de bibliotheek wordt gezien als een instituut van gisteren, boekenuitleen, niet meer van deze tijd. Die ons beschouwen als een kostenpost, een vrijetijdsbesteding, burgers moeten zelfredzaam zijn, wie heeft jullie het mandaat gegeven om je met het onderwijs te bemoeien, waarom verhoog je je eigen inkomsten niet meer?

Als we dan beginnen te vertellen over onze mooie samenwerking met en dienstverlening aan het onderwijs op het gebied van leesbevordering "Is een taak van het onderwijs", mediawijsheid "Alles is te vinden op internet en je hoeft die jongelui niks meer bij te brengen op dat gebied", projecten en samenwerking rondom erfgoed "dat lijkt me meer iets voor het regionaal archief", samenwerking rondom groen en duurzaam "je trekt wel heel erg veel naar je toe", cursussen 7 dingen om ouderen meer internetvaardig te maken "dat kunnen ze toch aan hun kinderen vragen"...... ja dan... dan realiseer ik me dat er ook mensen zijn die zo naar de bibliotheek kijken. En dat wij daar nog heel wat aan uit te leggen hebben.

Toen schoot mij ineens weer die lezing te binnen die ik een tijdje geleden bijwoonde van Arjo Klamer. Waarin hij iets uitlegde over de 'andere economie'. Dat hoe we nu denken gebaseerd is op de denkbeelden van Keynes en Tinbergen. Keynes bepleitte dat overheid en markt samen moeten werken. Dat een overheid een belangrijke rol speelt in het stabiliseren van de markt (met name in tijden van crisis). Tinbergen geloofde dat je de economie in rekenkundige modellen kunt vatten. Dat je de overheid wel nodig hebt om de markt te reguleren, maar dan op basis van wetenschappelijk handelen. Op dit idee is ook het Sociaal Cultureel Planbureau ontstaan. Terwijl nu inmiddels meer en meer geaccepteerd wordt dat economie ook een sterke sociale, zo je wilt emotionele, factor heeft. Dat zien we nu heel goed in ons eigen land. Mensen geven geen geld meer uit, omdat men zich onzeker voelt. Niets rekenkundig aan, allemaal gevoel.
Economie-Loesje

Klamer legde vervolgens uit welke elementen een rol spelen in de economie: de sociale sfeer, de sociale logica, reciprociteit, relaties, groepen en de logica van afhankelijkheid. Het gaat te ver om dat allemaal uit te leggen, daarvoor moet je maar wat artikelen van Klamer lezen of wat boeken in onze bibliotheek lenen. Wat mij het meeste raakte in zijn verhaal is dat hij zei dat we op een nieuwe manier naar de economie moeten kijken, vanuit een kwalitatief oogpunt. In plaats van dat kwantiteit, altijd maar meer, het doel is, op zoek naar kwaliteit. Minder en beter. 'Het gaat er om' zei hij, 'om het goed na te streven, op sociaal, maatschappelijk, persoonlijk en transcendentaal vlak'.

En dan is het niet moeilijk om uit te leggen waar wat de bibliotheek doet goed voor is: voor iedereen, de mogelijkheid om je zelf te ontwikkelen, vrije toegang tot informatie, sociale cohesie bevorderend, kritisch na leren denken door informatie aan te reiken en te duiden en nooit als instituut op zich zelf maar midden in de maatschappij in samenwerking met die samenleving. Dat dit van ongelooflijk economisch en maatschappelijk nut is, dat is voor mij dan volstrekt duidelijk. Nu de rest van de wereld nog overtuigen ;-)

vrijdag 21 december 2012

Het gaat er om spannen

We zijn de afgelopen tijd in Kennemerwaard druk bezig geweest met allerlei ideeën voor de toekomst. We hebben een mooie toekomstdroom gemaakt in een BHAG, in droge tekst en in verhaalvorm. We hebben een organisatieontwikkelplan gemaakt en we hebben een nieuw functiehuis gemaakt. De bouwstenen liggen er om een mooie toekomst tegemoet te gaan.

En toch.... na het lezen van het artikel van Edwin Mijnsbergen in de Informatieprofessional over de toekomstige informatiespecialist voelde ik mij onrustig worden. Op het gebied van de informatiespecialisme zoals Edwin dat ziet..... we laten daar steken vallen.  Door wat ervaringen die we hier hebben gehad doordat we de boer zijn opgegaan en onze diensten hebben 'verkocht' aan scholen, weet ik: het gaat er om spannen. We moeten echt bijschakelen. De tijd gaat snel en de veranderingen razen aan ons voorbij.

Ik moet in alle eerlijkheid bekennen dat ik af en toe me ernstig zorgen maak. En dat wil wat zeggen, want ik ben een optimistisch mens. Ik geloof in de kracht van mensen, van onze mensen en dus in de kracht van onze organisatie. Maar we moeten echt naar een hoger niveau. We zullen in staat moeten zijn om de dienstverlening die wij aan het onderwijs verlenen naar dat hogere niveau te brengen. Het gaat om de inhoud waarop we het verschil moeten maken. Onze betere kennis van onze collectie, onze databanken, de kennis en vaardigheden om de rijkdom en overvloed aan informatie op het internet te kunnen filteren. Het gaat om de kennis en vaardigheden om te kunnen gidsen op al die (nieuwe) ontwikkelingen.

Ik denk dat we op de inhoud van collectie en databanken de slag wel kunnen maken. Daar zullen we best aan moeten trekken, maar dat gaat goed komen. Onder andere door de functie-innovatie van circa 10-15 jaar geleden aangejaagd door Stef van Breugel heeft er in de frontoffice een uitholling plaats gevonden. De brede vakkennis van vroeger hebben veel medewerkers niet meer, of een specialistische kennis. Of we hebben nagelaten ze daar op aan te spreken. In Kennemerwaard prijs ik mij gelukkig met het feit dat er nog veel medewerkers zijn die wel kennis hebben in de breedte, die als kernkwaliteit nieuwsgierigheid hebben. En we hebben er altijd voor gekozen om onze specialisten ook in te blijven zetten in de frontoffice. Daardoor kunnen deze medewerkers hun collega's ook meenemen in de ontwikkeling. Van elkaar leren. Dus voor die kant van het verschil maken zie ik het niet zo somber in.

Maar de kant van het meegaan in de informatiemaatschappij, om daar een gidsrol in te kunnen spelen. Daar zie ik donkere wolken. Gelukkig hebben we wel medewerkers die prima een groep ouderen kan scholen op het gebied van sociale media. We hebben wel medewerkers die speciaal gezocht worden door specifieke klanten die wegwijs geholpen willen worden op sociale media of geholpen willen worden in het zoeken op internet. We hebben wel medewerkers die interactieve programma's met schoolkinderen kunnen doen. Medewerkers die in staat zijn om als gids op te treden voor bijvoorbeeld kritische ondernemers of leerkrachten van voortgezet onderwijs, die hebben we niet. Die moeten we inhuren. En dat doen we dan ook. Maar ik wil ze in mijn eigen team hebben. En dat gaat denk ik veel meer moeite kosten. Want het gaat er om dat je meer weet, het in je vingers hebt én een vertaalslag kunt maken naar de groep waar je op dat moment voor staat.

We hebben bij mijn weten hebben we niet echt de specialist in huis die helemaal bij is op de manier waarop Edwin daar over schrijft. En dan vooral iemand die er een vertaling van kan maken voor onze eigen organisatie. En als die persoon er wel is, nodig ik hem bij deze uit met mij te komen praten. Want dan wil ik hem of haar graag gebruiken als vliegwiel voor onze organisatie! En als je niet bij ons werkt, maar je voelt je aangesproken en uitgedaagd, dan nodig ik je ook van harte uit om eens te komen praten.

Omdat ik graag positief afsluit ben ik heel blij met de mensen die bij ons de dienstverlening aan VVE en basisonderwijs doen. Met onze combinatiefunctionarissen maken we echt een verschil op die scholen die dat samen met ons doen. De lees- en taalvaardigheden van de kinderen op die scholen gaan vooruit, en kinderen weten beter informatie te vinden, te beoordelen en er zit meer variatie in spreekbeurten en werkstukken. Daar zitten we al op een hoger niveau en is het zaak om daar ook echt blijvend op in te zetten.

Het komend jaar gaan we van start met ons ontwikkelplan. En dus is het voor iedereen van hoog tot laag in de organisatie een tandje er bij, schakelen naar een hogere versnelling. Omdat het moet, omdat we kunnen en omdat we willen!



donderdag 20 december 2012

WEL WEL WEL WEL WEL WEL DOEN

Waar mijn vorige blog ging over wat we volgens onze medewerkers allemaal niet meer moesten doen, waar onze missie en visie niet over mocht gaan, wil ik nu met jullie delen wat er volgens hen allemaal WEL in moet, wat er wel moet gebeuren:
filosoferen met elkaar
mentaliteitsverandering
met elkaar praten in plaats van over elkaar
in gesprek gaan met bezoekers
kiezen
praten met en luisteren met de medewerkers
meer personeelsuren voor uitvoeren van projecten tbv laaggeletterdheid
crowdsourcing
leden mee laten denken over nieuw beleid
inzetten op 100 talenten
een domeinspecialist digitale vaardigheden aanstellen
leden inzetten voor collectie
meer werken volgens de cyclus 'nieuwe dingen' van Rob Bruijnzeels (met de gebruiker creëren)
meer communicatie met meer contacten
meer reclame voor de bibliotheek
voortdurende scholing en ontwikkeling voor het personeel
goed bibliotheekcafé met lekkere koffie en broodjes, taartjes
blijven dansen en keuzes maken
online 'branding'
actief en persoonlijk
ten behoeve van publiek, imago en nieuwe klanten
uitbreiden van 'diensten' zoals de combinatiefunctionaris (samen met scholen iets creëren zodat je waardevol blijft)
nog meer op verblijfsfunctie inzetten
nog meer naar de scholen toe met themacollecties
online aanwezig voor huiswerkondersteuning
experimenteren
educatie van 0-100
ontwikkelen naar een kenniscentrum
specialisten
commerciëler werken
bieden van podium en ontmoeting
voorlopen op digitaal vlak
binnenkomen bij instellingen
centraal punt worden voor samenwerking met instanties
aansluiten bij landelijke ontwikkelingen
100 talenten voor alle leeftijden
imago veranderen
bekendheid creëren
multifunctioneel gebruik van gebouw
inspireren
creëren
participeren
bibliotheek als sociaal podium voor lezingen, muziek, toneel
meer momenten om met collega's te brainstormen
reading/dining
publieke ontmoetingsplaats
ruimer open
retail
inzetten op e-books
nieuw professioneel personeel
workshops digitaal creëren (wiki's, video, curation)
kennisnetwerk, personen en platform gestuurd door burgers
werkplekken bieden
loslaten
kansen voor alle medewerkers
minder versnipperde programmering
minder veel maar groter
midden in de maatschappij
actief zijn in de maatschappij
poort tot kennis zijn in de breedste zin van het woord
kwaliteit leveren
oud en nieuw verbinden: erfgoed en nieuwe media
taalaanbieder worden
cultureel erfgoed ism bv historische verenigingen voro het voetlicht brengen
groen en duurzaam
bibliotheek voor ondernemers
HRM als voorwaarde
permanente educatie voor medewerkers
twittergebruik als voorwaarde voor iedere medewerker (ook MT)
de collectie anders presenteren
in behoeftepiramide scherper formuleren waar we voor gaan en wat we faciliteren
gebruiker wordt onderwerp, personeel wordt meewerkend voorwerp
focus op digitaal
gemeenten mee nemen in onze toekomstvisie
realiseren waar de bibliotheek voor is en waar de bieb voor staat en als laatste:

nieuwsgierigheid als kernkwaliteit

Ik voel me gesteund en uitgedaagd ;-)





zondag 9 december 2012

Wie heeft het juiste recept?

Afgelopen dagen heeft zich, wederom, een felle discussie afgespeeld over het retaildenken in het openbare bibliotheekwerk in Nederland. Aanleiding was een interview in Bibliotheekblad met Hanneke Kunst, aanhanger en aanjager van retaildenken van het eerste uur. En daarop kwamen de reacties van vermaarde tegenstanders van dit denken en ook voorstanders van dit concept. Ook op twitter barstte de discussie weer los.

Ik moet zeggen dat ik er inmiddels heel erg moe van word. Want wie heeft nou het juiste recept om de bibliotheek van de toekomst neer te zetten? Je kunt heel veel van retail vinden, je kunt het prachtig vinden, want meer leden en meer uitleningen. Je kunt het afschuwelijk vinden want het gaat in de toekomst niet meer over uitleningen en leden, het gaat om zingeving en het gaat om maatschappelijke waarde. In ieder geval denk ik dat je het niet als een doel moet zien, maar als een middel. En zo gebruiken wij het dus ook. Een middel om vernieuwing in te zetten. Eén die voor veel medewerkers nog behapbaar is, en dat zelfs nog niet altijd. Wij zetten het in om onze huidige lezers beter te kunnen bedienen, en om het beeld dat zij van de bibliotheek hebben positief te beïnvloeden. Daar zijn vast ook andere manieren voor... wij gebruiken retail.

Er zijn collega's in het land die geloven dat het e-book onze redding is, mits we de rechten eindelijk voor elkaar krijgen. Er zijn collega's die daar absoluut niet in  geloven. Ook hiervoor geldt dat het geen doel op zich is, het is een middel. En het is goed om te kijken hoe je dit in je dienstverlening kunt opnemen. Want ons publiek heeft op dat gebied wel een verwachtingspatroon, ze willen het graag via de bibliotheek kunnen lenen. Zo niet, hebben ze nog wel een vriend, vriendin, kennis die voor hen 5.000 titels op een stickje zet. Dat lid zie je nooit meer terug en die schrijft zich uit. In Kennemerwaard bieden we dat wat er is op landelijk niveau, uitgezonderd het e-portal van de NBD,  via onze website aan. Dus zijn wij blij met Lees meer, al kan het allemaal nog veel beter.

Er zijn collega's die vinden dat het om zingeving moet gaan, om de informatiefunctie, om content curation. Er zijn er  die dat een heilloze weg vinden. Wij zijn die positie in hun ogen al jaren kwijt en gaan die achterstand nooit meer inlopen. In Kennemerwaard zetten we wel met hernieuwde krachten in op de informatiefunctie. Door mee te doen met Biebsearch, door met combinatiefunctionarissen op scholen het onderwijs te ondersteunen in leesbevordering en informatievaardigheden. Dat vraagt andere medewerkers met andere competenties. Daar moeten we ruimte voor vinden, soms in eigen begroting, soms door co-financiering. Met een krimpend budget en bulten ambities is dat niet eenvoudig.

Je zou kunnen zeggen dat bibliotheek Kennemerwaard een opportunist is. of dat we geen visie hebben op het bibliotheekwerk. Ik denk dat we al werkend aan verbetering op zoek zijn, naar hoe we de waarde van de bibliotheek voor de toekomst nieuwe invulling kunnen geven. Wij hangen alles wat we doen op aan de behoeftepiramide die ons richting geeft. Want we doen veel, proberen het goede te behouden en tegelijkertijd te vernieuwen en te innoveren. Ik weet zeker dat heel veel collega's in het land op dezelfde manier bezig zijn, ieder vanuit zijn of haar idee van wat goed is nu en in de toekomst. Laten we vooral open staan voor elkaars ideeën  en van elkaar leren. Want al wil je niets met retail, dat wil niet zeggen dat de gedachte die er in ieder geval voor mij achter zit, kijken en luisteren naar je klant, een heel belangrijke is. En dat moet zich niet beperken tot je fysieke vestiging, ook in het educatieve en digitale terrein gaat dit op. Het gaat er om dat besef bij je medewerkers tussen de oren te krijgen, voor zover ze dat niet hadden. En dat het bibliotheekwerk van de toekomst er één is waarin je je plek in de maatschappij moet bevechten op maatschappelijke waarde. Door je burgers verdieping te bieden, door ze ter verleiden iets te ontdekken wat ze daarvoor nog niet wisten, om ze het beste uit zichzelf te laten halen, ze de mogelijkheid te geven zich te ontwikkelen.

Ik vind de Overijsselse bibliotheken een mooi voorbeeld. Zij voeren de retail door, en zetten daarnaast ook met hun Innovatielab goed in op vernieuwing, digitale ontwikkelingen en zingeving. Het één kan prima naast het ander bestaan, en waarschijnlijk bevruchten ze elkaar ook nog. En natuurlijk lukt het bij de ene bibliotheek beter dan bij de ander. De een richt zich meer op digitalisering, de ander is heel blij met het uitmelken van de uitleenfunctie.

Ik ken collega's die roepen dat we één koers moeten varen. Ik ken collega's die zeggen dat we lokaal gefinancierd worden en dat het dus een mission impossible is om één nationale bibliotheekorganisatie met franchisehouders na te streven. Beide hebben vast gelijk. Vooralsnog is het zo dat we met onder andere het bekvechten over wel of niet retail geen stap verder komen.

Ik leer heel graag van mijn collega's, van mensen binnen en buiten de branche. Ik ben geïnteresseerd in hun ideeën  En ik doe er mijn voordeel mee. En als ik iets hoor of zie dat ik toepasbaar en kansrijk acht voor Kennemerwaard ga ik er mee aan de slag. Van die zaken die ik minder kansrijk acht, of wat kritische kanttekeningen bij heb, probeer ik (geheel tegen mijn karakter in ;-) mij toch te onthouden van veroordeling. Dat helpt namelijk niets. Het mooie is dat zolang we allemaal nog lokaal gefinancierd worden we tot op zekere hoogte de ruimte hebben tot lokaal ondernemerschap. En daaronder versta ik ook goed kijken wat je buren, je collega's doen, en daar van te leren. Want daar was de bibliotheek toch van? Een ieder de kans te geven via vrije toegang tot informatie, cultuur en educatie om het beste uit zich zelf te halen? En laat dat nou voor iedereen iets anders kunnen zijn.

dinsdag 3 juli 2012

Keuzes maken deel 6

In Castricum kwamen natuurlijk ook zaken aan de orde die we wel moeten gaan doen. Dus hier de oogst van zaken die nieuw werden genoemd.

WEL
Uitbreiding van succesprojecten over andere vestigingen
Daar kan ik het niet anders dan mee eens zijn. We zijn een lerende organisatie, en al onze vestigingen zijn in meer of mindere mate een proeftuin. We proberen dingen lokaal uit en als ze succesvol zijn dan proberen we ook in de andere gemeenten deze projecten uit te rollen. Dat hebben we tot nu toe steeds gedaan, en daar zullen we ook mee doorgaan.

Een team voor cultuur en educatie Kennemerwaard breed
Dat is een goed idee, en daar zijn we nu ook mee bezig om dit mogelijk te maken. We willen als managementteam heel graag naar een team van medewerkers toe die geschoold zijn om dienstverlening aan het onderwijs te geven, die een klassenbezoek kunnen geven en die op school de leerkrachten kunnen ondersteunen. Daarnaast willen we graag een groep van medewerkers die bij culturele of informatieve lezingen en activiteiten aanwezig kunnen zijn om dit te begeleiden.

Inzet op talenten en differentiatie in personeel
Het eerste doen we volgens mij al. We zijn erg bezig om mensen in te zetten waar ze goed in zijn. Dat gaat helaas niet altijd even makkelijk. Ook al zijn we een grote bibliotheekorganisatie, er is niet gelijk voor alle medewerkers de mogelijkheid om door te stromen naar een functie die past bij hun competenties. Maar de wil is er zeker om dit mogelijk te maken. Verder zijn we bezig met het anders regelen van ons scholingsbeleid, daarmee worden medewerkers zelf ook mede verantwoordelijk voor hun eigen scholing.
Verder willen we heel graag in de samenstelling van onze teams een afspiegeling van de maatschappij zijn. Dat valt in de praktijk soms tegen. Het is best lastig om jongeren, of jongere allochtonen, of zelfs jongere mannelijke allochtonen binnen te krijgen als medewerker van de bibliotheek. We zullen daar echt actief naar op zoek moeten gaan, en zorgen dat zij geinteresseerd raken in een baan in de bibliotheek. Want zeg nou zelf, er is toch geen leukere baan dan in de bibliotheek werken ?

maandag 2 juli 2012

Keuzes maken deel 5

foto op blog Anita van Leeuwenkamp
Het vervolg van de sessies waarin onze medewerkers met elkaar in gesprek gingen over waar bibliotheek Kennemerwaard de komende twee jaar niet meer mee bezig moest zijn, en waar vooral wel.
In Castricum kwamen grotendeels van de medewerkers de zelfde do's en dont's die ook in Bergen en Alkmaar door collega's waren genoemd. Die zal ik niet herhalen, ik noem alleen de nieuwe zaken.

NIET
Bedrijfskleding
Daarover zijn de meningen verdeeld onder de collega's. Het heeft met houding en uitstraling te maken, wie wil je zijn en hoe geef je daar uiting aan. Dat kan heel goed via bedrijfskleding, al realiseer ik me terdege dat dit voor een aantal collega's een zeer heikel punt is. Voorlopig vind ik het belangrijker dat we met z'n allen bezig zijn met wat voor de belangrijk is, klantvriendelijkheid, hulpvaardigheid, pro-activiteit. En dan komt misschien de wens tot bedrijfskleding vanzelf van de medewerkers zelf. Zo is het in ieder geval in het verleden in Alkmaar ook gegaan, de collega's wilden zelf graag bedrijfskleding gaan dragen en dat heeft de bibliotheek toen mogelijk gemaakt.

Vasthouden aan het verleden en hakken in het zand.
De uitdaging, om maar eens een fijn sleets woord te gebruiken ;-) zit er in om vernieuwend bezig te zijn, en tegelijkertijd ook niet het kind met het badwater weg te gooien. Het is belangrijk dat we als bibliotheek goed weten waar we voor zijn en waar we voor staan. Namelijk om ieder mens de kans te geven zich zelf te ontwikkelen, om een gelijkwaardig bestaan op te kunnen bouwen en te leiden. Dat is een mooie 'oude' waarde, laten we daarvoor alsjeblieft de hakken in het zand zetten als iemand daar aan gaat komen. Maar laten we de manieren waarop we dat mogelijk maken zoveel mogelijk van deze tijd laten zijn. Modern, aansprekend, spraakmakend, prikkelend.


vrijdag 15 juni 2012

Keuzes maken deel 4

Het feuilleton met de uitwerkingen van wat onze medewerkers dachten als ze naar de toekomst van de bibliotheek kijken gaat verder. Dit is wat de medewerkers die in Alkmaar aanwezig waren zeiden over wat de bibliotheek de komende twee jaar wel moet gaan doen. En mijn opmerkingen er weer bij in cursief.


Op het technische vlak de volgende zaken:

Goed werkende apparatuur en 100% zelfbediening, publieksschermen met heldere en goed toegankelijke links (ook voor laaggeletterden), op de pilaren aanraakschermen waarop je iets verteld wordt, werken met QR codes.

We zullen blijven investeren in goede apparatuur. Het is een blijvende bron van aandacht, zorg en er boven op blijven zitten. Meer werken met grote informatieborden is een wens, en daar zullen we middelen voor vrij moeten maken. We zullen moeten investeren in de functionaliteit van onze website, zodat deze ook hardop uitgesproken kan worden. We streven er naar om met de invoer van de nieuwe inrichting in Alkmaar Centrum naar 100% zelfbediening door de klant te gaan.

Over het fysiek van de bibliotheek werden de volgende zaken genoemd: stilteruime voor studie maken, een lunchroom of koffiecorner, de draaideur weg halen.

In de plannen voor de herinrichting denken we er over na hoe dat goed vorm zullen gaan geven. Stilteplekken zijn echt belangrijk in de bibliotheek, naast plekken waar een beetje lawaai of reuring niet erg zijn. Een koffiecorner gaat er komen, de gesprekken zijn al gaande met een ondernemer. De draaideur is ook mij een doorn in het oog, en we zijn aan het kijken of het financieel haalbaar is om de deur weg te halen en te vervangen door een schuifdeur.

Ten aanzien van de klanten, onze dienstverlening: opvallend aanwezig zijn bij evenementen, tevreden klanten hebben, houden en krijgen.

We gaan steeds meer naar buiten, op zoek naar onze klanten en potentiële klanten. Dat kan altijd nog beter, en dat kost dan ook menskracht. Dus daar zullen we keuzes in moeten maken. Tevreden klanten hebben en krijgen hebben we met elkaar in de hand. Door goed te meten en te weten welke behoefte er is bij de klant. En dan niet alleen de gekende klant die komt voor specifieke boeken, cd’s of andere onderdelen van de collectie. Het gaat juist om de dienstverlening aan klanten die zich niet zo laten gelden. Die moeten we ook op zoeken. Want daar zitten mensen die potentiële afhakers zijn.

Wat betreft onszelf, wij als collega’s en als leidinggevenden: meer teamwork, betere collegialiteit, inspirerende leiding en geïnspireerd personeel, meer eigen verantwoordelijkheid per vestiging, een floormanager per vestiging, collectieaanschaf in eigen hand houden.

Dat hebben we allemaal zelf in de hand. Nieuwsgierigheid naar elkaar, feedback geven en krijgen om elkaar te helpen, volgens mij is dat een pad wat we nu al een aantal jaren aan het bewandelen zijn. Dus laten we vooral doorgaan op die weg. Laten we elkaars kwaliteiten zien en niet focussen op de dingen waar we niet goed in zijn. En tegelijkertijd, we hebben een gezamenlijk missie en visie. Als je die niet deelt, dan is er geen ruimte in onze organisatie om met je ‘eigen feestjes’ bezig te gaan. Dan is het verstandiger om op zoek te gaan naar een baan waarin je wel je talenten kwijt kunt.

We regelen een flink aantal zaken bovenlokaal, op Kennemerwaard niveau. Omdat dat slimmer is en efficiënter, omdat we één beleid voeren. Tegelijkertijd zijn er best een aantal zaken die je lokaal kunt afspreken en verantwoordelijkheid voor kunt dragen. Als je daar ideeën over hebt leg ze neer bij je leidinggevende, zodat die er over na kan denken en er mee aan de slag kan. Als we alle vestigingen hebben omgeturnd naar de retailformule dan horen daar ook floormanagers bij. Dat is alleen niet iemand die voor alle klussen aan te spreken valt. Lokaal meer zaken zelf regelen en oplossen kunnen we nu al mee beginnen. Een floormanager is degene die kijkt als meewerkend voorman of - vrouw of in de vestiging de collectie wel goed loopt, of er wel voldoende nieuwe leden worden binnen gehaald. De floormanager stuurt op de van te voren met elkaar vastgesteld resultaten.

De aanschaf van boeken en andere materialen doen we nog gewoon zelf. Op basis van profielen wat nodig is voor een vestiging. Die profielen stellen we zelf op en zullen we zelf blijven opstellen. We zijn wel aan het kijken of de aanschaf op basis van die profielen efficiënter kan, en tegelijkertijd zal er altijd een gedeelte van de aanschaf uit lokale titels blijven bestaan. Dus die aanschaf blijven we in eigen hand houden.

Over abonnementen werd ook iets gezegd: jongerenabonnement, korting voor 65+ opheffen, minder Alkmaarpas korting.

Het is een mooie opdracht voor onze marketingmedewerker om uit het woud van vragen en opmerkingen een samenhangend verhaal te maken, waarbij we ook een bepaald bedrag aan contributies binnen moeten gaan halen. Om voor jongeren een soort overgangstarief te maken is sympathiek. En ook voor ouderen geldt dat we goed moeten kijken of we niet met het aanslaan van goed gesitueerde ouderen ook niet de mensen treffen die van een klein pensioentje en AOW rond moeten komen. Gelukkig hebben gemeente Alkmaar en Heerhugowaard een regeling voor deze kansarmen in de maatschappij. Maar Castricum en Bergen kennen zo’n maatregel niet en dus treffen we die inwoners wel als we het tarief voor 65+ gelijk trekken met de gewone leners.

En dan nog een aantal zaken die echt nieuw zijn, of in ieder geval niet heel standaard: kunnen we in de toekomst taken overnemen van de Kamer van Koophandel en bijvoorbeeld cursussen aanbieden voor jonge ondernemers; kunnen we meer met het begrip duurzaamheid gaan doen en dat beter uitdragen, kunnen we flexplekken aanbieden als een betaalde faciliteit voor zelfstandige professionals.

Het is leuk dat er nu echt nagedacht wordt over wat wij voor ondernemers kunnen bieden. Daar gaan we de komende tijd echt mee bezig. Er zijn al wat gesprekken gaande, en er liggen echt mogelijkheden. Mogelijkheden voor keine vergaderplekken, flexwerkplekken, maar ook voor ondersteuning van ondernemers door ze cursussen in het digitale terrein aan te bieden. Door ze met spreekuren te ondersteunen.


Duurzaamheid is een thema dat we nog beter kunnen uitdragen. In Heerhugowaard en Castricum doen we dat al, in Alkmaar en Bergen liggen er nog mooie kansen voor samenwerking.

Er liggen mooie kansen in het verschiet. Ik ben erg benieuwd hoe we aan al die ambities vorm gaan geven.







donderdag 14 juni 2012

Keuzes maken deel 3

Ons rondje langs de vestigingen begon in Bergen en werd vervolgd in Alkmaar. Ook daar een groep betrokken medewerkers die graag wilden meedenken over wat we wel en niet meer gaan doen.


Dit willen de medewerkers niet meer gaan doen (en mijn commentaar er bij)

Bibliotheek voor de elite (duur), en een bibliotheek alleen voor de grote massa:

Dat zijn we nu ook niet. We zitten qua prijs voor een groot abonnement en basisabonnement wel zo’n beetje aan de grens van wat zo mooi “prijselasticiteit” heet. Dus bij het vinden van meer inkomsten zullen we echt goed moeten kijken wat we er tegen over kunnen zetten. Met onze abonnementstarieven en met ons aanbod qua collectie en activiteiten zullen we zodanig moeten variëren dat we een zo groot mogelijke groep kunnen aanspreken. Dat is wat we zelf willen, dat is wat de politiek van ons vraagt. Bibliotheek is ‘main stream’ met uitschieters in eigenwijze programmerin, discussies en debatten en prikkelende titels.

Over de collectie een aantal opmerkingen die ik cluster: niet vereenzelvigen met de collectie, afstand nemen van de collectie. Onfrisse onoverzichtelijke collectie, bibliotheek zonder boeken. Geen eenheidsworst (geen HEMA maar wel de kwaliteit van de HEMA)

We zitten midden in een veranderingstraject waarbij we het spanningsveld op zoeken van meer aansluiten bij de gekende behoefte van onze klanten en het willen verrassen en verdieping bieden voor de niet gekende behoefte van de burger en klant. Daar zit een spanningsveld dat door de collega’s mooi is benoemd. De één wil vooral meer nieuwe titels, niet een breed aanbod, de ander heeft het idee dat we afkoersen op een bibliotheek zonder boeken. Beide zijn niet waar. Zeker voor een grote vestiging als Alkmaar Centrum is het een breed aanbod bieden, met daarin ook heel veel titels die de klant verdieping bieden. Voor de kleinere vestigingen echt aansluiten bij de recreatieve behoefte van de klant, dus een smallere collectie, actueel en aantrekkelijk. Grappig de vergelijking met de HEMA. Want de HEMA maakt dusdanige artikelen dat ze in ieder Nederlands huishouden volgens mij met een artikel aanwezig zijn. Dus als wij HEMA kunnen worden met doordringen in ieder huishouden doen we het heel erg goed. Een mooie opdracht!

De hele dag staan

Tot nu toe voeren wij veranderingen altijd door met het belang van de klant voorop. Daarbij kijken we heel goed wat haalbaar is voor ons personeel. Dus als een hele dag staan niet gaat, gaan we kijken hoe we zaken anders kunnen regelen, of dat we de medewerker iets anders kunnen bieden.

Werkeloos worden

Tja, het klinkt erg flauw, maar dat heb je als medewerkers gedeeltelijk zelf in de hand. Los van bezuinigingen is het belangrijk dat je je zelf bijschoolt, bijblijft op ontwikkelingen. Als je dat doet is het geen garantie dat je in bezuinigingen buiten schot zult blijven, maar de kans is wel kleiner. Het bevechten van bezuinigingen is mijn taak. En daar ga ik vol voor. Tot nu toe is het goed gelukt om bezuinigingen bij te draaien en de gemeenten te overtuigen van nut en noodzaak van de bibliotheek.

Ook over de klanten een aantal opmerkingen die ik cluster: dat de klant binnenkomt zonder gezien te worden, ontevreden klanten, dat de klant weg gaat zonder materiaal.

Een mooie opdracht aan ons allemaal. Dat hebben we als medewerkers zelf in de hand.

Apparatuurproblemen

Een voortdurende bron van aandacht. Geheel foutloos zal het wel nooit worden, want apparaten gaan wel eens stuk. En tegelijkertijd moeten we zorgen dat apparaten het doen en dat we geld hebben om zaken te vervangen.

Onaantrekkelijk voor jongeren, geen suf en saai imago.

Ook dat hebben we zelf in de hand. We zijn zelf aan zet als we geen suf en saai imago willen hebben. We kunnen zelf het beste zorgen dat we als modern, aantrekkelijk, innovatief etc bekend staan door het uit te dragen. Dan worden we ook aantrekkelijk voor jongeren. Dus een mooie huiswerk opdracht voor ons allemaal, naast een opdracht om te kijken hoe we samen met jongeren onze collectie, inrichting, programmering aanpassen om aan te sluiten bij hun behoeften.

Daklozenopvang

Dat zijn we niet. De bibliotheek is een openbaar gebouw, met alle voordelen en nadelen die daar aan vast zitten. Mensen die overlast veroorzaken kun je naar buiten zetten. En anders zijn we gastvrij voor een ieder en dragen dat ook uit.

Gebouw niet schoon

Klachten over het gebouw geef je door aan je teamleider. Die kan kijken wat er nog aangescherpt kan worden in de schoonmaak. En verder zijn we met z’n allen ook verantwoordelijk voor het opruimen van (kleine) rommel, papier etc.

Bibliotheek marginaal verschijnsel

Dat waren we niet van plan. We zijn nu niet marginaal, ongeveer 50-60% van de bevolking komt wel eens in de bibliotheek. Al onze vestigingen te zamen worden meer dan een miljoen keer bezocht. Onze website is in 2011 werd meer dan 260.000 bezocht. Hoe zo marginaal?

Erna

woensdag 23 mei 2012

Keuzes maken, deel 2

Hoewel de medewerkers vooral een positief beeld hadden bij alles wat we wel gingen doen vind ik besluiten om iets niet meer te doen erg veel voldoening geven. Lekker als je een besluit hebt genomen om ergens afscheid van te nemen.

Maar goed, nu komen we dus op het rijtje waarvan onze medewerkers vinden dat we daar als bibliotheek Kennemerwaard op in moeten gaan zetten voor de toekomst.


Wat gaan we wel doen:
  • E-Books uitlenen
Dat gaan we doen. We sluiten aan bij het aanbod van bibliotheek.nl. Dat aanbod is nu nog niet erg uitgebreid, maar het groeit voorzichtig en gestaag. Helaas hebben we het zelf niet in de hand, op dit moment ligt het vooral bij de uitgevers, of zij de rechten vrij willen geven aan bibliotheken om e-books uit te kunnen lenen.


  • 3 keer per week transport in plaats van 2 keer per week
Het gaat hierbij vooral om gelijkheid bij de verschillende vestigingen. Het managementteam wil ook heel graag een eigen vervoersdienst, zodat elke vestiging op de dag dat die open is ook aangevraagde materialen afgeleverd kunnen worden.
  • Meer voorraad van populaire titels en sneller afschrijven
Van bijna al onze vestigingen hebben we een collectiescan gemaakt. Daarin wordt ook rekening gehouden met snellere doorstroom van titels. Dit vergt (helaas) ook een investering en niet voor alle vestigingen zijn er voldoende financiën beschikbaar om dat te realiseren.
  • Ruimere openingstijden, open op zondag en een boekenbrievenbus op alle vestigingen
Als we dat willen realiseren zullen we ook met elkaar naar andere manieren van openstelling moeten kijken. Met de huidige formatie kunnen we niet meer open, en meer geld zit er niet in. Dat betekent dat we goed moeten kijken naar de mogelijkheden om bijvoorbeeld naar zelfbedieningsuren te kijken, waarop er maar één personeelslid is om toezicht te houden. De klant zal zich zelf moeten redden. De zondag staat ook hoog op het wensenlijstje voor Alkmaar Centrum en wellicht voor Bergen omdat daar alle winkels elke zondag open zijn. De boekenbrievenbus voor iedere vestiging staat ook op de wensenlijst van het managementteam. Het kan helaas niet even makkelijk op iedere vestiging en het brengt ook kosten met zich mee.
  • Aparte ruimtes voor zzp'ers en goede studiepklekken in de magneetvestigingen
Zeker in het maken van plannen voor Alkmaar Centrum worden deze ideeën meegenomen. Het is ook een grote wens van het managementteam om hier op in te zetten.
  • Geld verdienen door meer commercieel te denken, verbeteren van onze horecavoorziening, sponsoring.
Daar zijn we voortdurend mee bezig, om te kijken of we op een aantal fronten onze 'business case' beter kunnen maken. In Alkmaar Centrum gaan we een horecavoorziening realiseren. We zijn met onze fondsenwerver steeds op zoek naar sponsoren. Het vinden van fondsen lukt al goed, maar het vinden van sponsoren is langdurig werk, het vergt tijd en aandacht en vasthoudendheid.
  • De bibliotheek neerzetten als een vraagbaak, een fysieke zoekmachine.
Dit betekent eigenlijk dat we vinden dat wij beter zijn dan Google. Dat is nogal een handschoen om op te pakken. En ik vind het leuk en mooi dat onze medewerkers zo'n uitspraak aandurven. En wellicht kunnen we het zo goed doen, dat we er bijvoorbeeld de ZZP'ers ondersteuning kunnen bieden en er dan ook geld voor kunnen vragen. Cursus zoeken op internet, voor gevorderden.
  • Investeren in de uitstraling van de vestigingen, verder gaan met retail en zo mensen binnen weten te houden.
Dat zullen we zeker blijven doen. Zorgen, met de beschikbare middelen dat onze vestigingen er spic en span uit blijven zien. Ik vind het fijn om te horen dat de retail in ieder geval in de sessie van vanochtend zo breed werd omarmd. Zorgen dat de prachtige schatten die wij te bieden hebben beter worden ontdekt en meegenomen.
  • Specialisaties meer verspreiden over de vestigingen
We proberen zo goed mogelijk om de kennis die we hebben op de verschillende vestingen ook te delen met de andere vestigingen. Dus kennis en ervaringen delen, ideeën verspreiden kan nog beter, maar het begin is er zeker.
  • Doorontwikkelen van 7 dingen, alle personeelsleden 23 dingen laten doen, de blogs van medewerkers en directeur ook op intranet zetten, personeel blijven opleiden
7 Dingen is een groot succes. We zijn ons nu aan het beraden hoe we er verder mee kunnen. We willen het heel graag standaard gaan aanbieden, maar het ontbreekt ons op dit moment aan formatie. Dus daar zullen we een keuze in moeten maken. Voor die medewerkers die nog geen 23 dingen hebben gedaan, denk ik dat ze het zelf moeten aankaarten bij hun leidinggevende en vice versa. Het is ontzettend belangrijk om je als medewerker bij te scholen op het gebied van sociale media. Zonder dat kun je op de langere termijn niet goed meer werken in de bibliotheek. Om de blog van de medewerkers en van mijzelf ook op intranet te zetten vind ik niet zo'n goed idee. De klacht was dat een aantal medewerkers de blogs niet lezen. Ik vrees dat ook met het plaatsen van de teksten op intranet dat niet zal gaan gebeuren. Als medewerker zou je jezelf moeten aanwennen om minstens één keer per week ook op onze website te kijken wat er allemaal te doen is. En dan kun je ook even een blog van een collega meenemen.
Ook het opleiden van personeel blijft een stevig aandachtspunt. Het managementteam wil graag het punten systeem van bibliotheek Almere overnemen. Daarbij wordt met iedere medewerker afgesproken hoeveel studiepunten hij moet halen in een jaar. Dat is niet vrijblijvend, wij vragen van iedere medewerker dat hij bij de functie passend, ieder jaar aan bijscholing doet.
  • Culturele en informatieve programmering aanpassen op de vestigingen, open blijven staan voor activiteiten die niet meteen geld opleveren (de Ochtenden in Egmond), en meer naar buiten gaan.
Afstemmen van je programmering op de vestigingen gebeurt nu al. Het kan misschien nog iets scherper, maar onze domeinspecialisten hebben een goede kijk op wat er lokaal speelt. Zij hebben goede banden met lokale verenigingen en kunnen in gezamenlijkheid een afgestemde programmering opzetten. De opzet van "De Ochtenden" in Egmond gaan we bekijken of het daarvan ook mogelijk is om dat in andere vestigingen over te nemen.  Meer naar buiten gaan, jaaaaaa! Zeker. En daar versta ik ook onder dat je achter je balie vandaan komt, door de ruimte loopt en met klanten in gesprek gaat. Dus dit neem ik van harte over!

Dit was de lijst van alles wat we wel gaan doen. Die lijst stemt me positief en maakt me blij. Er is in twee jaar veel besef gekomen dat we moeten veranderen.

maandag 23 april 2012

Toekomstperspectief, deel 4, Ontwikkelen


De volgende trede
In het uitwerken van de brainstorm flappen kom ik weer een trede hoger op de piramide. Vandaag wil ik met jullie delen wat het managementteam bedacht heeft als het gaat om ‘ontwikkelen’, of ‘ontplooien’. Bij het bedenken van de behoeftepiramide, en het invullen van de taken van de bibliotheek, denken we hier echt aan de oude waarden van de bibliotheek. De volksverheffing! Mensen, burgers de kans geven om zich te ontwikkelen. Door zelfstudie, door te komen luisteren naar een lezing, naar een tentoonstelling te komen, een interessant boek te lezen, een boeiende film te kijken over een onderwerp wat je aanspreekt.

Kenniscentrum
Als we dan naar de toekomst kijken denken wij dat de bibliotheek zich zou moeten ontwikkelen tot een kenniscentrum. Nu zijn we meer een informatiecentrum, alle informatie is gevat in onze collectie: in boeken, tijdschriften, kranten, databanken etc. In het nieuwe tijdperk zullen we meer een gidsfunctie moeten gaan vervullen, ten behoeve van de ‘education permanente’. De bibliotheek levert de faciliteiten om te kunnen leren en we zijn een platform om kennis over te dragen van mens tot mens. De ontvanger kan zich met die kennis verder ontwikkelen.

Gemaksdiensten
Op het gebied van ontwikkelen zullen we voor onze klanten onder andere gemaksdiensten moeten gaan aanbieden. Die kunnen dan inkomsten opleveren. Een gedeelte van wat we aanbieden zal gesubsidieerd zijn, een gedeelte niet.

Programmering
De programmering, cultureel en informatief zal moeten aansluiten bij de ontwikkelingswensen van onze klanten. Zo zien wij kansen voor onder andere trainingen rondom internet (mediawijsheid) en het gebruik van internet, en kennismakingscursussen voor apparatuur en software (medialab). Met 7dingen hebben we daar een mooie start meegemaakt, maar de techniek en de software schrijdt voort. Als het ons lukt om bij de early adapters te horen dan kunnen we een stevige gidsrol daar in spelen voor heel veel mensen in de maatschappij, en ook voor bedrijven. Verder zal de programmering ook lezingen en debatten omvatten. Aansluiten bij actuele en lokale thema’s.

B2B
We zien hier ook kansen voor business to business dienstverlening. Samen met of voor bedrijven zouden wij heel goed debatten kunnen gaan organiseren. Wij kunnen ons heel goed voorstellen dat we bjvoorbeeld samen met de AZ-businessclub lezingen rondom managementvraagstukken gaan organiseren. Wij regelen de sprekers, en zorgen voor achtergrondmateriaal. We kunnen cursussen organiseren hoe je informatie vindt, of lezingen over onderwerpen die spelen voor ondernemers. Nu doet o.a. een Kamer van Koophandel dat , maar waarom zou de bibliotheek dat niet op kunnen pakken? Wij zouden op die manier heel anders in de aandacht van bedrijven komen te staan, en het zou ons extra inkomsten kunnen opleveren. Op die manier kunnen we onze professionaliteit op een heel andere manier gaan uitbaten. We zijn daarin vaak veel te bescheiden.

Excelleren
Als we dit allemaal willen gaan moeten we ook durven te benoemen waarop we willen gaan uitblinken.
-          Media-educatie voor gevorderden: 7dingen en het leren zoeken en beoordelen van informatie.
-          Lezen en verhalen inzetten, film en muziek inzetten als ondersteuning en uitdaging om maatschappelijk vraagstukken aan te vliegen, bespreekbaar te maken. De bibliotheek als kritische bevlogen partij in de stad, die zich toch neutraal opstelt.
-          Spin in het web van maatschappelijk organisaties: culturele , educatieve, gezondheidszorg partners rondom thema’s als welzijn, groen, duurzaam. Het moet zo worden dat als er iets gebeuren moet in stad of dorp het rendement hoger is als het samen met de bibliotheek gebeurt.

Verbinden
groei van mais
De bibliotheek doet dit alles natuurlijk met goed uitgezochte medewerkers die op de hoogte zijn van alles wat er lokaal en landelijk speelt. Hij/zij heeft een brede interesse en is breed geïnformeerd. Hij/zij kent de maatschappelijke ontwikkelingen en maakt net zo gemakkelijk via digitale middelen contact met de doelgroep, als in het dagelijks contact met de klanten in de bibliotheek of ‘in het veld’.  Het begrip toegevoegde waarde ligt bij een ieder voor in de mond als het om de bibliotheek gaat ;-) Wat zullen we groeien met z'n allen.

donderdag 12 april 2012

Toekomstperspectief, deel 3


Toen wij met ons MT bezig gingen met de toekomstvisie hebben we de behoeftepiramide ook bekeken vanuit het perspectief over 10 jaar. In de vorige blog gaf ik onze bespiegelingen over de onderste tree van de piramide weer. Nu gaat het over de trede deelnemen. De trede waar nu nog veel van onze formatie en middelen in zit. Het uitlenen ten behoeve van recreatief lezen. De groep klanten die zich in generalistische termen laat vatten als ANWB-leden, TROS en SBS, maar ook Kassa en Radar, Disney, Libelle, Volendam, C1000 (geen fratsen) en Samsung. Dit is de groep klanten die gebruik maken van Facebook en Hyves.
 
In deze groep klanten, leden, zit ook een risicovolle groep van afhakers. Zij komen nu nog graag naar de bibliotheek, zeggen dat ze nooit zonder bibliotheek zullen kunnen, maar op termijn de overstap zullen maken naar een e-reader en zullen gaan voor het gemak van de nationale digitale bibliotheek. Nu is downloaden iets dat ze  nog als ver van mijn bed zien, maar zich snel eigen zullen maken omdat het gemak de mens dient.
Als bibliotheek zul je dus nu al moeten inspelen op de latente behoefte van deze groep. Zij willen een dynamisch aanbod, ze willen het gevoel hebben dat ze via de bibliotheek voeling houden met de maatschappij, en zij willen het gevoel hebben dat de bibliotheek voeling houdt met hen. Hoe erg het misschien ook klinkt, voor deze mensen moet het 'leuk' zijn om naar de bibliotheek te komen.
De bibliotheek zal ze voorkeuze pakketten moeten bieden. Dit is de groep die erg hecht aan de lokale verankering, aan hun eigen vestiging van de bibliotheek. Die in het verweer komen als 'hun' bibliotheek gesloten dreigt te worden. 'We worden gepakt door politici, door managers, door de gemeente'  is een uitspraak die uit deze groep  gehoord kan worden. Voor ons als bibliotheek is het belangrijk om te zorgen dat we met deze groep klanten in contact blijven, en ze mee nemen in onze ontwikkelingen.
 
Marketing voor deze groep is op basis van het gebruik dat ze van de bibliotheek maken. We moeten deze groep interesseren voor wat de bibliotheek te bieden heeft en ze meerwaarde bieden. Door een laagdrempelige programmering weten we deze groep te boeien en naar de bibliotheek te trekken.
Deze groep is geïnteresseerd in gemaksdiensten. Ze zijn ook blij te maken met acties als 'Voordeel met je biebpas'. Deze leners  gaan naar de bibliotheek omdat lenen goedkoper is dan kopen. Als de bibliotheek onvoldoende 'levert' dan zullen deze leners gaan kopen. Onze verwachting is dat deze groep met invoering van retail, de winkelformule nog een tijd te behouden zijn als klant, maar dat de groep leners op termijn zal krimpen. Het is dus zaak om voor de langere termijn dienstverlening voor deze groep slim te combineren met dienstverlening voor de groep handhavers of de groep ontplooiers.  Als echte idealist is het de uitdaging van de bibliotheek om deze mensen zo te raken dat ze zich geprikkeld voelen door de bibliotheek om te blijven leren, om zich te ontplooien en te ontwikkelen.
 
Het personeel dat ingezet zal worden op de 'deelnemers' zal in ieder geval thuis moeten zijn op het gebied van marketing. Ze zullen goed moeten kunnen monitoren wat de beoogde resultaten zijn, focus op het rendement van de collectie. Verder zullen ze op de hoogte moeten zijn van wat er speelt in de gemeente, in de kern, in het dorp of wijk qua lezingen, activiteiten zodat ze de connectie kunnen maken tussen de interesses van de klant en wat er aan aanbod intern en extern is. Dus de meerwaarde creëren voor de klant, weten wat ze willen en de verbinding voor de klant weten te maken met wat hen interesseert en wat de bibliotheek te bieden heeft (en niet alleen de bieb zelf, maar dus ook in het netwerk van de bibliotheek te vinden is).

vrijdag 6 april 2012

toekomstperspectief, deel 2

De behoeftepiramide, Handhaven

Als we naar de behoeftepiramide kijken dan begint de reden waarom mensen naar een bibliotheek komen als eerste behoefte, heel basaal. Je komt omdat je beter wilt leren lezen, je wilt leren hoe informatie te vinden, je wilt je kunnen handhaven in de maatschappij. Daar heb je ondersteuning bij nodig om je zelfredzaam te maken.


In de brainstorm van ons managementteam hebben we het volgende over die eerste balk in de piramide gezegd. De bibliotheek heeft hier een niet altijd even makkelijke positie. Er zijn meer kapers op de kust voor de groep die hiervoor naar de bibliotheek zou kunnen komen. Als het om het onderwijs gaat merken wij bijvoorbeeld dat een onderwijsbegeleidingsdienst producten verkoopt ten behoeve van leesbevordering aan scholen. Producten waarvan wij denken dat we het beter kunnen, en waarvan we vinden dat een school er structureel in zou moeten investeren in plaats van éénmalig. Wat duidelijk is in het gesprek wat we met die school hebben gehad is dat de school geen goed beeld heeft van wat de bibliotheek kan bieden. We weten onvoldoende duidelijk te maken wat de toegevoegde waarde is van een bibliothecaris bij het lees- en leeronderwijs.

Voor de dienstverlening aan het onderwijs geldt ook dat een aantal politici vindt dat de school maar moet gaan betalen voor de producten van de bibliotheek. Dat is een discussie die we overigens omgekeerd natuurlijk ook voeren met scholen. Ze zijn jaren gewend geweest niet of nauwelijks te betalen voor de dienstverlening van de bibliotheek, zien ons vaak nog als ‘uitleencentrum’. In plaats daarvan zien wij onszelf als een instelling waar je gedegen advies kunt krijgen over hoe je het lezen kunt bevorderen en hoe je kinderen wegwijs kunt maken op internet en ze daar kritisch in te laten worden. Wij vinden dat een speerpunt ,waarop we ook stevig inzetten qua formatie. Bij het onderwijs geldt dus heel sterk een discussie vanuit verschillende kanten dat niet duidelijk is wie wat gaat betalen. Ik zelf hang er eerlijk gezegd ook wat ambivalent in. Aan één kant vind ik dat onze kwaliteiten absoluut geld waard zijn, waar voor betaald moet worden. Maar of dat nou door de school gedaan moet worden, of door de gemeente? Het is in beide gevallen uiteindelijk overheidsgeld, en ik denk dat je daar lokaal goede afspraken over moet maken. Niet onnodig gemeenschapsgeld rond pompen omdat het voor de bühne zo marktgericht lijkt.

Verder hebben we ons ten aanzien van de dienstverlening voor het onderwijs afgevraagd hoe het zit met het gemak wat we bieden. Ziet het onderwijs ons wel als een organisatie waar ze op hun wenken bediend worden? Of zien ze ons als iets wat er jaarlijks bij hoort, iets wat afgevinkt moet worden op een jaarlijks activiteitenprogramma. Dit is duidelijk iets wat we het komend jaar op moeten gaan pakken. Gesprekken gaan voeren met schooldirecties, met schoolbesturen. Waar is behoefte aan, en naar wat voor financieringsconstructies willen we toe?

Toen stelden we onszelf de vraag, want het ging tenslotte om de toekomstvisie, waarvoor komen de mensen die vanuit de behoefte om zich te handhaven over 10 jaar nog naar de bibliotheek. Welke sterkte, welke kracht hebben wij dan?

Als het gaat om de mensen die echt aan de ‘onderkant’ zitten dan vinden wij dat de taken van leesbevordering, media-educatie, burgerschap, juridische vragenuren dat die dicht bij de mensen beschikbaar moet zijn. Deze basis moet ‘so to speak’ om de hoek zitten. Dit hoeft niet in een eigen gebouw, het kan in samenwerking met andere partijen. Die bibliotheek is faciliterend en levert het platform en de connectie. Onze deskundigheid zit in de uitvoerende programma’s van leesbevordering en mediawijsheid en in het feit dat we dan een kenniscentrum zijn geworden. Voor de groep ‘handhavers’ zullen we ook een zomerprogramma moeten gaan ontwikkelen, en er zal een programma komen voor kwetsbare ouderen. Natuurlijk in samenwerking met andere partijen.

Naast de groep ‘handhavers’ is er ook een groep die de bibliotheek gebruikt om zich te ontplooien. Die qua leesniveau de bibliotheek niet nodig hebben, maar die als beginnend ondernemer de bibliotheek wel kunnen gebruiken om hun zelfredzaamheid te vergroten. Men ontmoet gelijkgestemden in de bibliotheek, om kennis en informatie uit te wisselen en te delen. Voor zakelijke ontmoetingen is de bibliotheek een goed ontmoetingspunt om af te spreken. De bibliotheek zorgt er voor dat mensen participeren, hun burgerschap invullen en bij de verschillende spreekuren die de bibliotheek ‘host’ kan men terecht voor advies.

Onze unieke verkoopkracht voor de behoefte handhaven en ontplooien is dat we veel open zijn en dat we veel mensen over de vloer krijgen. We hebben een aantrekkelijk gebouw waar het goed toeven is.

(ill. Ton de Bree)

dinsdag 3 april 2012

toekomstperspectief bibliotheek, vingeroefening deel 1

Vorige week hebben we met het managementteam van onze bibliotheek gebrainstormd over hoe de bibliotheek voor de komende 5 tot 20 jaar verder kan. Een eerste schot voor de boeg deed ik al op 28 maart. In de komende weken zullen jullie tussen andere blogs door hier de uitwerking vinden van al dat denkwerk van ons managementteam. En ik nodig natuurlijk een ieder die ze leest om er op te reageren, want daar worden ideeen meestal beter van;-)

De bibliotheek van de toekomst moet zich ontwikkelen van informatie- naar kenniscentrum. Om een toegevoegde waarde te hebben voor de maatschappij, voor burgers, zal de bibliotheek op 4 pijlers moeten excelleren: lezen, leren, informeren en interesseren. Deze vier pijlers vallen ook onder te brengen in de behoeftepiramide van Kennemerwaard. Iets wat we intern samen met Ferd van den Eerenbeemt hebben ontwikkeld, en wat we gebruiken om onze activiteiten aan te spiegelen.

In de onderste balk van de piramide, Handhaven, vinden we vooral de ondersteuning van lezen voor onderwijs, en ook in het ondersteunen van leren. In het ondersteunen van zoeken, zoekvaardigheden aan leren en het aanleren van kritisch consumeren van informatie. De basis zou je kunnen zeggen die ieder mens nodig heeft om mee te kunnen doen in de maatschappij. We gebruiken hierbij leesbevorderingsprogramma's die landelijk ontwikkeld zijn, waarbij we vinden dat er betere meetgegevens gegenereerd zouden moeten worden. Dus met smart wachten we op een manier om dat meetbaar te maken en vinden we de leesmonitor een mooie start. We hebben graag aangehaakt bij 23dingen, en we hebben gebaseerd op lokale behoefte en in samenwerking met lokale partners onze 'eigen' 7dingen ontwikkeld.


Bij de balk Deelnemen gaat het om interesseren, om lezen voor je plezier, ten behoeve van je vrije tijdsbesteding. De bibliotheek maakt een voorkeuze, zoals we altijd al deden. In de toekomst gaan dat beter laten aansluiten op de behoefte, met een actuele collectie die breed is, met diepte daar waar nodig voor de bevolking. Dus in een stadsvestiging zit er meer diepte in de collectie, omdat daar meer hoger opgeleiden gebruik maken van de bibliotheek dan in de plattelandskern. In de villakernen in ons werkgebied wordt ook een collectie op maat neergezet. Wij gebruiken daarvoor de modellen van het formulebureau, want wij maken graag gebruik van modellen die elders succesvol zijn, en gaan geen eigen wielen uitvinden als het nodig is.

In de volgende trede van de piramide Ontwikkelen, vinden we dienstverlening terug die aansluit bij de behoefte om te leren. Daar heeft de bibliotheek de rol van informeren, de klant laten zien wat er te koop is. Ook hier interesseert de bibliotheek, maar de belangrijkste taak van de bibliotheek is die van platform voor kennisdeling. Het gaat niet alleen om aan klanten, burgers te laten zien wat er in de collectie aanwezig is, het gaat ook om het organiseren van kennisdeling. Informatie wordt pas kennis als je er iets mee doet, als het iets met je doet.

Daarmee grijpt de bovenstaande rol ook gelijk naar de top van de piramide, namelijk naar die van Bijdragen. De bibliotheek faciliteert het leren, in het beschikbaar stellen van ruimte en collectie. Tegelijkertijd organiseert de bibliotheek, zorgt zij voor connectie tussen vrager en antwoorder. Om het prikkelend te zeggen ontwikkelt de bibliotheek zich van god naar gids. In plaats van pasklare antwoorden helpen we je om de weg te vinden naar jouw bestemming. Dat alles in een wereld waarin de hiërarchie is verdwenen. Leraar wordt leerling en andersom. Er zijn geen erkende autoriteiten meer, en tegelijkertijd zijn veel mensen op zoek naar autoriteiten die ze kunnen vertrouwen.

Al deze veranderingen vraagt nogal wat van ons personeel. Om te beginnen een inhoudelijke vakkennis, kennis van de collectie, kennis van het lokale netwerk, kennis van de maatschappij. De performance van de bibliotheek wordt mede afgemeten aan hoe onze medewerkers het doen. Dat betekent dat we beter nog dan nu de talenten van onze medewerkers moeten gaan benutten. HRM is cruciaal om te komen tot een andere bibliotheek.

En verder zullen we de toegevoegde waarde van de bibliotheek in kwalitatief en kwantatief opzicht moeten gaan meten, welk maatschappelijk rendement heeft de bibliotheek.

woensdag 28 maart 2012

De polsstok wat verder zetten

Ik heb er baat bij om af en toe na te denken over waar de bibliotheek over 10 of over 20 jaar zou kunnen staan. Lastig en leuk om te doen. Want we weten helemaal niet goed wat de toekomst ons zal brengen. En tegelijkertijd, ik heb wel de behoefte om er over na te denken. Alleen en samen met de omgeving en belanghebbenden van de bibliotheek. Ik heb na een brainstorm met mijn managementteam mijn gedachten de vrije loop gelaten. Wat zou het kunnen worden? Het is geen recept, het is geen beleidsvisie, het is een hoopvol toekomstperspectief waarvan ik hoop dat in ieder geval een aantal elementen waarheid zullen worden.

CONCEPT BIBLIOTHEEK KENNEMERWAARD (OVER 10-15-20 JAAR)


De bibliotheek van nu staat aan de vooravond van nog grotere veranderingen dan die van de afgelopen 10 jaar.

• Over 10 jaar is de bibliotheek met haar fysieke vestigingen aanwezig in de centrale kern van de gemeenten waarmee ze een subsidierelatie heeft. Deze voorziening in de grootste kern heeft een magneetwerking, het is de plek waar burgers naar toe gaan om te studeren, ondersteuning te krijgen bij het vinden van hun weg in tussen waarheid en leugen, kinderen geïnspireerd worden om te lezen, om zich te ontwikkelen, zichzelf te ontdekken in de talenten die ze bezitten.

• In de overige kernen, wijken heeft de bibliotheek in multifunctionele accommodaties een doelgroepenbibliotheek. Toegespitst op de behoeften van de minder mobielen in die wijk en jeugd tot 12 jaar. De bibliotheek ondersteunt het onderwijs op maat, met leesbevorderingsprogramma’s, met leer- en zoekvaardigheidsprogramma’s. De bibliotheek is betrokken bij het realiseren van het curriculum van de scholen in haar werkgebied.

Voor zorginstellingen biedt de bibliotheek een programma waarmee de instelling in kan spelen op de behoeften van haar bewoners en begeleiders. Met dit aanbod worden bewoners geactiveerd met beeld, lees- en luistermateriaal.

• De digitale bibliotheek wordt landelijk gevuld met content. De bibliotheek vult dit aan met lokaal en regionaal materiaal. Door gebruik te maken van communities en sociale media weet de bibliotheek kenners en vragers met elkaar in contact te brengen. De bibliotheek fungeert als een kennis-HUB voor de burgers van haar werkgebied.


• Bij de vermarkting van diensten ligt de focus op inhoud. De toegevoegde waarde van het personeel zit in de kennis van de collectie, van informatie beschikbaar via andere bronnen en het netwerk waarin de bibliotheek opereert. Bibliotheekmedewerkers zijn in staat om vraag en vrager te verbinden aan antwoord of antwoordgever. Bij de uitleenfunctie van de bibliotheek wordt uitgegaan van de zelfredzaamheid van de klant, de inrichting is afgestemd op de zelfbediening door de klant.



• Over 10 jaar is de bibliotheek Kennemerwaard het regionale kenniscentrum voor (lezen) leren, informeren en interesseren. De bibliotheek maakt deel uit van sociaal maatschappelijke netwerken, en is een partner in lokale initiatieven die een beroep doen op of bijdragen aan de zelfredzaamheid van burgers. Bedrijven werken graag met de bibliotheek samen, om bij te dragen aan hun omgeving, om te zorgen dat de regio interessant blijft voor werknemers en werkgevers. Daarnaast zien steeds meer bedrijven een rol voor de bibliotheek bij de scholing van hun medewerkers. Door zoekvaardigheidstraining van medewerkers zijn werkgevers minder kwijt aan bijscholing van medewerkers. Voor bedrijven die niet beschikken over een goede informatievoorziening blijkt de bibliotheek een interessante partner. De bibliotheek begeeft zich voorzichtig op de commerciële markt, met informatievoorziening op maat voor midden- en kleinbedrijf.


• Over 10 jaar staat de bibliotheek in het hart van de samenleving:

- Op elke basisschool en aan elke school voor voortgezet onderwijs levert de bibliotheek structurele ondersteuning voor het curriculum.

- Bij elke zorginstelling heeft de bibliotheek inbreng op het zorgplein.

- 10 tot 20% van de inkomsten komen van instellingen en bedrijven.

- 50% van het personeel is in vaste dienst, 50 procent werkt op projectbasis.

- Is de bibliotheek Kennemerwaard samen gegaan met de Kopgroep bibliotheken (of een andere (grote) bibliotheek uit de regio.

Over 20 jaar heeft de regio Noord- Holland Noord zich ontwikkeld tot een mengeling van een stedelijk conglomeraat dat bestaat uit het aan één gegroeide Heerhugowaard, Alkmaar, met de buitenwijken Heiloo, Langedijk en Bergen. Daarbuiten is een meer agrarisch en toeristisch georiënteerd gebied, waarbij in de kleine kernen er een strijd gaande is om de voorzieningen te behouden. Binnen het stedelijk gebied wordt er toegewerkt naar één grote magneetvestiging, in het centrum van Alkmaar. Deze centrumvestiging is een debatcentrum geworden, een open podium en een open leercentrum. De bibliotheek weet via de verschillende mediakanalen en via de netwerken waarin de medewerkers van hoog tot laag hun voelhorens uit hebben staan wat er speelt, welke behoeften er aan informatie zijn. De bibliotheek weet een goede verbinding te maken tussen de informatie die op internet voor handen is, en de kennis die bij bewoners van de regio aanwezig is. De bibliotheek weet met deze kennis interessante programmering te bieden, waardoor er vanuit de ommelanden en de stad vele bezoekers dagelijks naar de centrumvestiging trekken. Tegelijkertijd is er met de kleinere vestigingen en met burgers thuis een streaming video verbinding en worden er live online debatten en kennisuitwisselingsbijeeenkomsten georganiseerd.

De overige vestigingen, groot en klein, in of buiten het stedelijk gebied, worden omgevormd tot open leercentra, verbonden aan scholen van welke vorm ook (vve, basis, voortgezet of HBO/ROC, volksuniversiteiten). Bibliotheken hebben zich in de voorgaande 10 jaar steeds beter bij het onderwijs en de politiek geprofileerd als een instelling die met recht een plek claimt bij de ondersteuning van de zelfredzaamheid van burgers. Door samen met het onderwijs te clusteren levert bibliotheek Kennemerwaard voor de regio een niet te missen bijdrage aan de ontwikkeling die de burgers maken. De bibliotheek bestrijdt samen met het onderwijs de laaggeletterdheid en voedt mensen op tot kritische burgers. Al vroeg in het onderwijs wordt de bibliotheek gevraagd om een bijdrage te leveren in het ontdekken van de talenten van de kinderen, en om daar een passend aanbod aan de kinderen aan te doen. Voor basis- en voortgezet onderwijs, voor beroeps- en hoger onderwijs, voor de volksuniversiteit heeft de bibliotheek een aanvullend programma dat zorgt dat leerlingen instaat zijn hun curriculum te volgen met een beter resultaat.

Over 20 jaar speelt de bibliotheek een rol van betekenis bij zelfscholing van werknemers. De bibliotheek levert voor een flink aantal bedrijven informatievoorziening op maat. Door het leveren van nieuwsbrieven met de laatste ontwikkelingen die van belang zijn voor het bedrijf kunnen medewerkers bijpassende scholing voor zichzelf gaan organiseren. Door middel van internet worden belangstellenden voor dezelfde cursus bij elkaar gebracht, die door de bibliotheek gefaciliteerd kan worden.

Over 20 jaar is de bibliotheek een begrip dat staat. Er is geen discussie over de toekomst van de stad en de regio zonder dat de bibliotheek daar een rol in speelt. Er wordt geen project opgestart over het creëren van historisch besef van de regio of de bibliotheek is er bij. De bibliotheek is als een dagelijks festival, een flash mob die ergens opduikt, de bibliotheek organiseert culturele, informatieve en educatieve activiteiten, de bibliotheek is de kerk, het stiltecentrum waar ruimte is voor nadenken, voor contemplatie. De bibliotheek is een gids geworden, die je helpt je dromen te benoemen en ze waar te maken.

vrijdag 2 december 2011

De toekomst van de bibliotheek, een droom

Bij de uitnodiging om een bijdrage te leveren aan de blogkermis Bibliofuture van Joost Heessels heb ik lang zitten twijfelen waaruit die zou bestaan. Nu heb ik kort geleden weer mijn halfjaarlijkse gastcollege gegeven aan de bibliotheekschool in Gent en kwam ik in mijn presentatie deze sheet tegen. Toen ik daar naar keek, dacht ik, ja daar kan ik wel een verhaal om heen bouwen over de toekomst van de bibliotheek. Waarbij ik op voorhand dank wil zeggen aan Albert Boswijk voor het leveren van dit raamwerk en zijn denkexercitie samen met bibliotheek Kennemerwaard.
Het schema gaat over de bibliotheek hoe hij nu in veel bibliotheken is en waar je naar toe zou moeten dromen ;-) Het beeld dat ik hieronder zal proberen te schetsen zal hier en daar wat kort door de bocht zijn, ‘for the sake of the argument’.



Uitleenbibliotheek:
Onderin de ‘oude’ bibliotheek, voor de opkomst van internet. De bibliotheek zit bovenop veel gegevens, data, en wij als bibliotheek hoeven maar te wachten tot mensen ons vinden. We hebben de materialen ontsloten, en als bibliothecaris ben je goed in het vinden van informatie uit je eigen collectie.

Dienstenbibliotheek:
De bibliotheek richt zich meer op dienstverlening, ze is een informatiemakelaar geworden. Mensen, instellingen met vragen kunnen bij de bibliotheek terecht, en daar zit een dienstverlener voor ze klaar om het antwoord te leveren.

Belevenisbibliotheek:
Je komt naar de bibliotheek omdat je iets wilt leren, je wilt jezelf ontwikkelen. De bibliothecaris weet precies wat aansluit bij je behoefte, zij/hij verrast je en verleidt je. Hij/zij geeft je het gevoel welkom te zijn, en je te kennen. Naast de collectie biedt de bibliotheek tal van lezingen en andere activiteiten aan waardoor je het bezoek aan de bibliotheek als een belevenis ervaart. Het is een uitje, een traktatie aan jezelf om naar de bibliotheek te gaan.

Ontmoetingsplek:
Met al die lezingen, activiteiten én kennis van de klanten weet de bibliothecaris mensen met elkaar in contact te brengen. De bibliotheek is de place to be geworden. Als je daar gezien wordt, dan tel je mee. Er is namelijk altijd wel iets te doen, er zijn interessante mensen die spreken, of daar vergaderen en iets samen voor bereiden. De bibliotheek brengt die mensen bij elkaar, en kent de kennis en potentie van haar klanten. Ze is bereid om hierin een voortrekkende rol te spelen, ze realiseert zich dat ze met haar positie als één van de laatste vrijplaatsen in de maatschappij een verantwoordelijkheid heeft om mensen bij elkaar te brengen.

Culturele vrijplaats:
Tja, eigenlijk is het nirvana ;-) Als bibliotheek ben je de verbinder, de spiegel, het geweten, de debater, de filosoof, de wijsgeer. Je weet wat er speelt in de wereld, je kent de problematiek om de hoek, je kent de schoonheid van de kunsten, je bent ingetapt op het creatieve netwerk in jouw stad of dorp, via via nodig je belangrijke denkers uit om rondom actuele thema’s voor vrijdenksessies. Waar in veel steden gesproken wordt over het realiseren van ‘broedplaatsen’ voor kunstenaars en creatieve industrie, wordt in jouw plaats gewezen naar de bibliotheek. Daar zijn de denkateliers waarin alle lagen van de bevolking zich thuis voelen. De professor, de ondernemers en arbeider treffen elkaar daar en hebben een inspirerend gesprek over de toekomst van de euro tot en met de opknapbeurt voor de kinderboerderij. In de bibliotheek als culturele vrijplaats wordt gediscussieerd, gefilosofeerd, gedaan, gedacht, gedroomd.