Posts tonen met het label Edwin Mijnsbergen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Edwin Mijnsbergen. Alle posts tonen

dinsdag 13 augustus 2013

Marktfalen of Marktwerking

Ik wilde vandaag een volgend blog schrijven over de Masterclass van David Lankes. Maar toen viel mijn oog op dit bericht op Twitter van Edwin Mijnsbergen. En daar schrok ik van, al had iedereen in bibliotheekland wel het idee dat uitgevers zelf met een soort leenservice zouden gaan komen. Als er dan ineens in landelijke pers zo een bericht staat is dat confronterend.

Een paar jaar geleden hadden we met het Netwerk van Directeuren in de branche een studiedag onder leiding van Frank Kalshoven, van de Argumentenfabriek. Hij bevroeg ons scherp op nut en noodzaak van bibliotheken. We hadden naar zijn zin daar niet een goed antwoord op. Hij vond ons echt een achterhaald instituut (even kort door de bocht). Hij drukte ons met de neus op zijn feiten. Wat me altijd heeft gestoken in zijn opstelling is het gemak waarmee hij oordeelde over 'de onderkant' van de maatschappij.
www.Loesje.nl

Hij begon met een lesje economie, dat een overheid eigenlijk alleen maar ingrijpt in 'de markt' als er sprake is van marktfalen. Dus als bijvoorbeeld onderwijs, zorg, nutsvoorzieningen e.d. niet voor de gehele bevolking beschikbaar en bereikbaar is, en als je dat als overheid wel zou willen. Dan grijp je in door of het zelf te gaan doen als overheid, of door instituten in het leven te roepen of financieren die bepaalde voorzieningen bereikbaar maakt voor groepen (meestal kansarme) in de maatschappij. Frank Kalshoven vond dat met het economisch en maatschappelijk tijdsgewricht waarin we zitten de rol van de bibliotheek als volksverheffingsinstituut was uitgespeeld. Ik weet niet meer of wij toen ook al geroepen hebben dat er 15% laaggeletterden in Nederland zijn, dat er veel mensen zijn die hun weg niet weten te vinden op internet, dat bibliotheken een belangrijke rol spelen in mensen informatievaardig te maken door ze te leren gevonden informatie kritisch te beoordelen op betrouwbaarheid.

Het feit dat Kalshoven dit zo scherp bediscussieerde met ons, vond ik prikkelend en heeft mij vanaf dat moment meer en meer doen inzien dat het verhaal scherper moet. Ik merk in veel discussies met lokale politici, net als in die discussie met Kalshoven dat hoogopgeleide, vaak blanke, mannen en vrouwen geen idee hebben tegen welke barricaden mensen met een klein inkomen oplopen. Ik ben zelf hoogopgeleid en heb een goed salaris. Ik prijs me gelukkig dat ik heb kunnen studeren in de tijd dat dit nog kon op een studiebeurs zonder rente, als kind uit een arbeidersgezin met vier kinderen. Ik weet dat elke cent bij ons thuis werd omgekeerd. En ik weet dat het nu als kind uit een arbeidersgezin veel moeilijker is om een kans te krijgen op een goede loopbaan.

Het zal mijn opvoeding wel zijn ;-) Ik vind dat ieder kind en iedere burger de kans moet krijgen om zichzelf te ontwikkelen en te ontplooien. Dat iedereen ook de plicht heeft om een bijdrage te leveren aan de maatschappij. Dat laatste kan alleen als je daartoe ook bent uitgerust. Dus kun je lezen, informatie zoeken en vinden en beoordelen op betrouwbaarheid. Dan kun je aan vrije meningsvorming doen, die zo belangrijk is om ook je vrije mening te kunnen uiten. Onderzoek alles en behoudt het goede. En dan kan het niet zo zijn dat je als je geen ruime middelen hebt je verstoken bent van bepaalde informatie die weliswaar wel op internet te vinden zal zijn, maar achter een betaalhekje à €20,-- per maand.

Ik hoop maar dat de € 20 miljoen uitname uit het gemeentefonds voor de inkoop van e-content voor bibliotheken ingezet wordt om juist dit marktfalen te ondervangen.

vrijdag 21 december 2012

Het gaat er om spannen

We zijn de afgelopen tijd in Kennemerwaard druk bezig geweest met allerlei ideeën voor de toekomst. We hebben een mooie toekomstdroom gemaakt in een BHAG, in droge tekst en in verhaalvorm. We hebben een organisatieontwikkelplan gemaakt en we hebben een nieuw functiehuis gemaakt. De bouwstenen liggen er om een mooie toekomst tegemoet te gaan.

En toch.... na het lezen van het artikel van Edwin Mijnsbergen in de Informatieprofessional over de toekomstige informatiespecialist voelde ik mij onrustig worden. Op het gebied van de informatiespecialisme zoals Edwin dat ziet..... we laten daar steken vallen.  Door wat ervaringen die we hier hebben gehad doordat we de boer zijn opgegaan en onze diensten hebben 'verkocht' aan scholen, weet ik: het gaat er om spannen. We moeten echt bijschakelen. De tijd gaat snel en de veranderingen razen aan ons voorbij.

Ik moet in alle eerlijkheid bekennen dat ik af en toe me ernstig zorgen maak. En dat wil wat zeggen, want ik ben een optimistisch mens. Ik geloof in de kracht van mensen, van onze mensen en dus in de kracht van onze organisatie. Maar we moeten echt naar een hoger niveau. We zullen in staat moeten zijn om de dienstverlening die wij aan het onderwijs verlenen naar dat hogere niveau te brengen. Het gaat om de inhoud waarop we het verschil moeten maken. Onze betere kennis van onze collectie, onze databanken, de kennis en vaardigheden om de rijkdom en overvloed aan informatie op het internet te kunnen filteren. Het gaat om de kennis en vaardigheden om te kunnen gidsen op al die (nieuwe) ontwikkelingen.

Ik denk dat we op de inhoud van collectie en databanken de slag wel kunnen maken. Daar zullen we best aan moeten trekken, maar dat gaat goed komen. Onder andere door de functie-innovatie van circa 10-15 jaar geleden aangejaagd door Stef van Breugel heeft er in de frontoffice een uitholling plaats gevonden. De brede vakkennis van vroeger hebben veel medewerkers niet meer, of een specialistische kennis. Of we hebben nagelaten ze daar op aan te spreken. In Kennemerwaard prijs ik mij gelukkig met het feit dat er nog veel medewerkers zijn die wel kennis hebben in de breedte, die als kernkwaliteit nieuwsgierigheid hebben. En we hebben er altijd voor gekozen om onze specialisten ook in te blijven zetten in de frontoffice. Daardoor kunnen deze medewerkers hun collega's ook meenemen in de ontwikkeling. Van elkaar leren. Dus voor die kant van het verschil maken zie ik het niet zo somber in.

Maar de kant van het meegaan in de informatiemaatschappij, om daar een gidsrol in te kunnen spelen. Daar zie ik donkere wolken. Gelukkig hebben we wel medewerkers die prima een groep ouderen kan scholen op het gebied van sociale media. We hebben wel medewerkers die speciaal gezocht worden door specifieke klanten die wegwijs geholpen willen worden op sociale media of geholpen willen worden in het zoeken op internet. We hebben wel medewerkers die interactieve programma's met schoolkinderen kunnen doen. Medewerkers die in staat zijn om als gids op te treden voor bijvoorbeeld kritische ondernemers of leerkrachten van voortgezet onderwijs, die hebben we niet. Die moeten we inhuren. En dat doen we dan ook. Maar ik wil ze in mijn eigen team hebben. En dat gaat denk ik veel meer moeite kosten. Want het gaat er om dat je meer weet, het in je vingers hebt én een vertaalslag kunt maken naar de groep waar je op dat moment voor staat.

We hebben bij mijn weten hebben we niet echt de specialist in huis die helemaal bij is op de manier waarop Edwin daar over schrijft. En dan vooral iemand die er een vertaling van kan maken voor onze eigen organisatie. En als die persoon er wel is, nodig ik hem bij deze uit met mij te komen praten. Want dan wil ik hem of haar graag gebruiken als vliegwiel voor onze organisatie! En als je niet bij ons werkt, maar je voelt je aangesproken en uitgedaagd, dan nodig ik je ook van harte uit om eens te komen praten.

Omdat ik graag positief afsluit ben ik heel blij met de mensen die bij ons de dienstverlening aan VVE en basisonderwijs doen. Met onze combinatiefunctionarissen maken we echt een verschil op die scholen die dat samen met ons doen. De lees- en taalvaardigheden van de kinderen op die scholen gaan vooruit, en kinderen weten beter informatie te vinden, te beoordelen en er zit meer variatie in spreekbeurten en werkstukken. Daar zitten we al op een hoger niveau en is het zaak om daar ook echt blijvend op in te zetten.

Het komend jaar gaan we van start met ons ontwikkelplan. En dus is het voor iedereen van hoog tot laag in de organisatie een tandje er bij, schakelen naar een hogere versnelling. Omdat het moet, omdat we kunnen en omdat we willen!



dinsdag 6 maart 2012

vrije toegang tot informatie?


Jeroen de Boer en Edwin Mijnsbergen zijn een petitie gestart. Ze willen dat de VOB een voorbeeld stelt, een voortrekkersrol speelt in de discussie over vrije toegang tot informatie, ook op via internet.
Mark Deckers besteedde er op zijn blog ook aandacht aan, en maakte een mooie vergelijking waardoor de kwestie nog wat duidelijker werd.
Niet dat ik denk dat ik nou echt nieuw licht op de zaak kan werpen, maar naar aanleiding van het artikel van Jeroen en Edwin en de blog van Mark heb ik nog wel wat vragen en opmerkingen. En ik zal pogen ze zo geordend mogelijk te berde te brengen.

Vrije toegang tot informatie
Bibliotheken hebben altijd geclaimd er te zijn voor vrije toegang tot informatie, cultuur en educatie. Deze ‘claim on fame’ werd nooit volledig waargemaakt. We zijn de toegangspoort tot informatie, en tegelijkertijd geven we in onze catalogi, databases etc. een selectie van wat er te krijgen is. Dat wat we niet hebben proberen we voor klanten te achterhalen. Tegelijkertijd is heel veel informatie niet of nauwelijks te achterhalen, maatschappelijk belangrijke informatie. Soms met maatschappelijke redenen (veiligheid, privacy), soms omdat er economische motieven achter zitten. Veel informatie zit achter een hekje waar je alleen wordt toegelaten als je betaalt, of als je bij de ‘happy few’ hoort die iets mogen weten. Zo is veel informatie van de éne universiteit niet beschikbaar voor de andere universiteit. Marktwerking in het onderwijs, wie heeft de beste/meeste publicaties. Terwijl we met z’n allen meebetalen aan het onderwijs, en onderzoeken er vaak beter van worden als er van meerdere kanten naar gekeken wordt.

Vrije marktdenken
In deze tijd van toenemend aanbod op het gebied van e-content denken veel overheden dat de markt (lees internet) prima de functie van de bibliotheek kan over nemen. In gesprekken met politici, (lokaal, landelijk en Europees) blijkt dat het gemeen gedachtengoed is dat via internet alles beschikbaar is. En als je als bibliotheeklobbyorganisatie (EBLIDA) probeert aan te geven dat het niet waar is (zie boven) en dat hiermee een informatiekloof groeit in de maatschappij, krijg je vaak een meewarige blik te verwerken. Er wordt echt gedacht dat de vrije markt prima werkt als het gaat om informatie. Dat is net zo iets als denken dat de markt uiteindelijk binnen de bankensector uiteindelijk ook wel gaat ingrijpen. “If it sounds too good to be true, than it probably stinks.”  De vraag die je politici misschien zou moeten stellen is of zij ook een vrije toegang tot informatie willen, om zo goed geïnformeerde burgers te krijgen. En wat ze dat waard is. Want dat de makers betaald moeten worden lijkt me ook duidelijk.

Uitgevers/rechthebbenden
In dit tijdsgewricht zitten we op een omslagpunt. Veel openbare bibliotheken (ook de onze) steekt nog heel veel energie in het uitleenproces, terwijl we ook op zoek moeten naar nieuwe manieren om die vrije toegang tot informatie te kunnen waarborgen voor de toekomst. Dan moet je, zoals Mark Deckers terecht meldt in zijn blog, in gesprek met de uitgevers en andere rechthebbenden. Dan voer je het woord namens een grote groep consumenten die vooral een simpel businessmodel willen. Dan voer je het woord namens die mensen die zelf misschien niet eens weten dat ze bedreigd worden door een informatiekloof. En ja, daar moet je principieel in zijn. In Brussel wordt in de onderhandelingen met de belangenvertegenwoordigers van rechthebbenden door de EBLIDA namens de bibliotheken altijd gezegd dat bibliotheken natuurlijk bereid zijn om een billijke vergoeding te betalen voor het beschikbaar stellen of uitlenen van materialen. Nu de inkomsten teruglopen bij uitgevers ten aanzien van hun oude businessmodel met verkoop, met inkomsten via leenvergoedingen blijken veel uitgevers inderdaad in dezelfde valkuil als de muziek- en filmindustrie te trappen. En daarmee neemt de roep om repressie toe, terwijl daarmee de deur voor piraterij alleen maar verder opengaat.

Welk antwoord?
De vraag of bibliotheken nu nog steeds vrije toegang tot informatie zouden moeten bieden lijkt me eerlijk gezegd een non issue. Maar gezien het antwoord van de VOB toch wel goed om die vraag nog maar eens hard op te stellen. Dat de manier waarop we dat als bibliotheken gaan waarborgen lastig is lijkt me ook helder. Want terwijl de VOB namens de bibliotheken onderhandelingen voert over leenrechtvergoedingen voor de uitleningen in de openbare bibliotheken, over vergoedingen voor het beschikbaar stellen van databanken, krantenbanken e.d. zal ze naar mijn idee ook op het andere front een sterkere positie moeten innemen. Dat is in de discussie met rechthebbenden die tot in de rechtszaal voert op eieren lopen. Want de rechthebbenden lijken steeds meer middelen te vinden om die vrije toegang tot informatie te blokkeren. Waarbij bibliotheken als vertegenwoordigers van consumenten vrij makkelijk te vinden zijn, en van nature misschien wel plichtsgetrouw? En terwijl ik niet wil tornen aan het feit dat makers recht hebben op een billijke vergoeding vind ik ook dat burgers recht hebben op vrije toegang tot informatie. Dat zou de VOB moeten bepleiten: op landelijk niveau, bij de politiek, voortdurend voor het voetlicht brengen wat de rol van de bibliotheek is, hoe belangrijk vrije toegang tot informatie is. En dat dit door repressieve maatregelen op internet, met beperkende maatregelen rondom beschikbaar stellen van e-content vanuit ‘de markt’ bedreigd wordt. Met elkaar, met directeuren, met bibliothecarissen (met de NVB samen?)zullen we in discussie moeten gaan over hoe we invulling gaan geven aan die rol in een veranderende wereld. En dat moet principieel!

zondag 30 januari 2011

Mediawijsheid

Hoe mediawijs ben ik?
Ja, dat is een goede vraag. Ik denk dat ik redelijk op de hoogte ben van de 'oude' 23 dingen. Ik gebruik een aantal zaken, daar heb ik in een eerder blog al over verteld. Als ik naar een aantal nieuwe termen kijk van de verdiepdingen dan komt de gedachte "EEEEHhhh???!!!" bij mij op.
De wereld, de mediawereld, verandert razendsnel, en het kost me echt moeite om alles bij te fietsen. Toch denk ik nog steeds dat ik redelijk bij ben. Ik lees met graagte de blog van Edwin Mijnsbergen, en ik volg sinds kort ook de tweets van Frankwatching. En ik volg de rubrieken in m.n. de Volkskrant over ontwikkelingen op het weg. Daarmee hoop ik weliswaar niet als early adapter, maar op z'n minst als goede volger na de eerste pioniers mee te kunnen praten over wat belangrijke ontwikkelingen zijn.

Mediawijs in Alkmaar
Toen vorige week de knokpartij tussen leerlingen van twee verschillende scholen in Alkmaar plaatsvond, stonden er berichten in de krant dat er toe opgeroepen was via sms, Hyves en Twitter. Reactie van sommige scholen was om Twitter of Hyves te verbieden. Dat helpt volgens mij niet. En treffend vond ik dat een voorlichtingsavond op één van de scholen was afgelast ivm te weinig belangstelling. Op een van die scholen ga ik binnenkort praten over Biebsearch, mediawijsheid lijkt me een goed en actueel onderwerp om aan te snijden.

Activiteit in de week van mediawijsheid (of eerder)
Wij werken als bibliotheek al een tijdje samen met het Noord Hollands Dagblad. Meestal rondom lezingen, of zoals afgelopen week rondom de gedichtendag met een wedstrijd. Ik sprak bij de prijsuitreiking van de wedstrijd één van de redacteuren. Of ik nog niet iets wist, een thema om rondom samen te werken. Ik heb hem het voorstel gedaan om een groep van lezers te laten oefenen met 23 dingen, lezers die geen idee hebben wat er allemaal op het web gebeurt en kan. Dat ze er over kunnen bloggen op hun site en op onze site, dat we er een aantal workshops aan kunnen hangen, met uitleg aan hun lezers en aan onze klanten. De bibliotheek zal een aantal coaches leveren, zodat de lezers ook terecht kunnen met hun vragen bij een expert. Dat er ook korte artikelen aan gewijd kunnen worden in de fysieke krant. Hij ging er over nadenken. Ik hoop dat hij er wat in ziet, en anders gaan we het 'gewoon' zelf doen.