donderdag 17 augustus 2017

Inspiratie van NOBB collega's

Bibliotheek Noord Oost Brabant heeft zijn vierde essay uitgegeven. Hier vind je de overige essays. Onderwerp van dit essay is "Het continuüm van het bibliotheekwerk".  Wat ik zeer waardeer van onze Brabantse collega's is het openlijk delen van hun gedachten over het bibliotheekwerk, op een (licht) filosoferende manier. Een vragende manier, open kijken naar ons vak. Niet blind zijn voor de veranderingen die er gaande zijn, niet blind staren op het 'oude'. Ze kijken goed naar de waarden waar de bibliotheek voor staat. Ik heb ook dit essay weer met plezier gelezen, en deel graag met jullie wat de gedachten zijn die bij mij op kwamen.


De rol die bibliotheken ooit hadden als plek waar je betrouwbare informatie kon vinden zijn we kwijt. Toch ligt hier een uitdaging in de tijd van 'alternative facts' die over de samenleving worden uitgestort. De vraag is alleen of wij die rol zomaar weer op kunnen pakken. Hebben wij nog wel (voldoende) personeel in dienst dat weet hoe ze moeten zoeken, dat weet hoe ze de informatie op betrouwbaarheid moet beoordelen, en dat weet hoe ze een dialoog over verschillende zienswijzen moet voeren. Want het gaat niet alleen om het achterhalen van 'feiten' (want wanneer is iets een feit, en wanneer is iets een mening?), het gaat er ook om dat je op basis van bepaalde uitgangspunten discussies moet kunnen aan gaan, of moet kunnen begeleiden. Als voorbeeld: discussies over voedsel en voedselveiligheid. Volg je de wetenschap? Of volg je de foodies? Soms best lastig om hierin feiten van meningen te scheiden.

De vrije toegang tot informatie kunnen wij als bibliotheken helaas lang niet meer bieden. Grote marktpartijen zetten informatie achter betaalmuren. En dat wat er wel beschikbaar is, is niet altijd betrouwbaar. Het zou mooi zijn als wij als bibliotheken het 'algemeen publiek' (wat dat ook mag zijn ;-) bewust kunnen maken van deze ontwikkeling, en hen daarover zo verontwaardigd kunnen krijgen dat er een volksoproer zou ontstaan dat afdwingt dat informatie niet meer achter 'paywalls' staat. In ieder geval die informatie die van belang is voor het algemeen publiek en ook met publiek geld is vervaardigd.

Ik vind de oproep van NOBB dat bibliotheken zich moeten richten in het bieden van inzicht prachtig! Dat sluit aan bij een blog dat ik ooit in 2011 al eens schreef, waarin de bibliotheek in ultieme vorm verwordt tot een culturele vrijplaats en de bibliothecaris een filosoof wordt. Iemand die aanzet tot nadenken! En oei, ook hier ligt er een stevige opdracht. Als je hier als bibliotheek vorm en inhoud aan wilt geven dan heb je heel ander soort vaardigheden nodig dan nu veel van onze medewerkers hebben. En hoe zorg je er voor dat je dit ook voor de volle breedte van je publiek gaat doen? Ik vind het programma zoals NOBB dat neerzet rondom de collectie en maatschappelijke  ontwikkelingen met "Lezers van stavast" heel inspirerend. Tegelijkertijd vrees ik dat je daarmee vooral de bovenlaag van de bevolking bereikt, maar misschien zie ik dat wel helemaal verkeerd. Ik zou op ieder niveau wel zulk soort programma's willen, ik vind ons eigen kleine voorbeeld van "Aan tafel met..." waarbij buurtbewoners met elkaar in gesprek gaan over hun levenservaring iets wat ik graag in dit kader verder zou willen uitwerken. En dan zou het mooi zijn als je naar aanleiding van zo'n gesprek tips uit de collectie zou kunnen geven.

De bibliotheek als ontmoetingsplaats is volgens mij van alle tijden. NOBB zegt dat het kwaliteit moet hebben... dat roept bij mij de vraag op wanneer het volgens NOBB dan kwaliteit heeft? Is het dagelijks loopje naar de leestafel om de krant te lezen, en in sommige gevallen er over in gesprek gaan met de tafelgenoten van kwaliteit? Voor de betreffende bezoeker heeft het vast kwaliteit, al was het maar het dagelijkse loopje en praatje. Mooi onderwerp voor gesprek!

Het plaatsen van sprekers in een context.... ja zoals ook al bij andere samenvattingen van NOBB, hier ligt echt een enorme opdracht als je dit wilt als bibliotheek. Wij willen in Kennemerwaard heel graag een serie stadsgesprekken opzetten, de zogenaamde City Talks op gaan zetten. Maatschappelijke thema's oppakken en ze in een breed perspectief bediscussiëren en over informeren. Dat betekent dat je medewerkers moet hebben die naast een brede maatschappelijke interesse ook zaken in een bredere context moet kunnen plaatsen. Weer die bibliothecaris als filosoof, of als onderzoeksjournalist...

En dan als laatste vragen ze zich bij NOBB af of de beeldcultuur binnen de bibliotheek een grotere rol moet krijgen. Ze hebben er zelf al mee geëxperimenteerd door samen te werken met TEDx in Veghel. Dat is een vorm. En kun je als bibliotheek ook aan collectievorming doen op het gebied van filmpjes "How to..." Nog veel arbeidsintensiever dan je boekencollectie up to date houden lijkt me. Tegelijkertijd is die ontwikkeling wel gaande,  dat zien ze bij NOBB goed. En is dat iets dat je lokaal moet doen, of kun je dit landelijk oppakken? Door specialismen te verdelen, ieder een stukje van de collectie Nederland verrijken met goede instructieve en educatieve films. (ik denk even niet na over eventuele copyright issues met doorlinken etc. ;-)

Kortom, de collega's van NOBB hebben weer 'food for thought' gegeven en daar ben ik heel erg blij mee. Wij mogen volgend jaar weer bezig met een nieuw meerjarenbeleidsplan en dan is het fijn als je bouwstenen hebt om op verder door te denken.

woensdag 2 augustus 2017

De handen in de lucht

Dat ik heel erg trots ben op onze mensen dat wisten jullie natuurlijk al wel... Dat veel van de scholen en instellingen waarmee wij samenwerken blij met onze mensen zijn ook vast wel.... dat veel van onze bezoekers blij zijn met onze medewerkers ligt dan ook in de lijn van de verwachting ;-) 

Ik kan het niet laten om met jullie een terugkoppeling te delen die ik een tijdje geleden kreeg van de onze medewerkers die bij 2 voortgezet onderwijs scholen langs waren gegaan om de dienstverlening van het afgelopen jaar te evalueren.
Dit was wat ze te horen kregen: Bij de school voor VMBO/HAVO/VWO  grote complimenten voor zowel Leonie als Joris van de rector, die een les had bijgewoond). De terugkoppeling van de docenten is ook goed.
De inzet van de Mediacoach zit nog niet in het systeem van de school voor wat betreft de inzet bij acute situaties. Wel is men heel blij met het verrichte werk en wil dit komend jaar graag doorzetten.
Binnen het project dat de bibliotheek op de school uitvoert rondom veilig gebruik van social media ("Veilig Puberen") is hiervoor geen ruimte: volgens afspraak kan een school er maximaal 2 jaar gebruik van maken en is dan een andere school aan de beurt. De rector wil toch doorgaan en heel graag met Leonie! Ze is bereid daarvoor te betalen. En dat is een groot compliment!!


Op de school voor speciaal onderwijs is men heel tevreden over de lessen sociale media die Joris heeft gegeven. Het is niet iedereen gegeven met deze doelgroep om te gaan en Joris pakte dat heel goed op.
Leonie vertelt over haar lessen sociale media en seksualiteit en haar inzet als Mediacoach. Eén van de docenten geeft zelf lessen seksuele voorlichting en is erg geïnteresseerd en enthousiast over de aanpak van Leonie. Ze ziet hierin een prachtige aanvulling op haar eigen lessen.
De vraag van ons is of de school komend schooljaar gebruik wil maken van de inzet van Leonie als Mediacoach binnen het project Veilig Puberen. Dat levert het hilarische tafereel op van 2 juichende docenten met de armen in de lucht J Heel graag dus! Als ze, Joris en Leonie naar buiten lopen horen ze achter zich nog steeds gejuich J Zij hadden een topmiddag!

En ik dus ook toen ik deze terugkoppeling kreeg :-) 

maandag 24 juli 2017

Delen maakt je rijker!

De afgelopen jaren heeft de Innovatieraad inmiddels meer dan 20 projecten subsidie toegekend om daarmee innovatie in onze branche een extra duwtje in de rug te geven.  Het is mooi dat die gelden er zijn, gelukkig zien we ook voorbeelden van innovaties bij bibliotheken zonder dat er subsidie van de Innovatieraad aan te pas komt. De initiatieven zoals die in Route 2020 van de VOB worden opgehaald en gedeeld geven aan dat in heel onze prachtige branche veel wordt ontwikkeld. Inspiratie is er genoeg in het bibliotheekwerk ;-)


Binnen bieb-to-bieb en op www.innovatiebieb.nl worden op onderwerpen nieuwe ideeën en projecten gedeeld. Wat de Innovatieraad opvalt is dat er met graagte wordt gedeeld. Af en toe een vraag wordt er  gesteld door een bibliothecaris die met een specifiek probleem zit, maar dat komt veel minder voor. Er wordt echt heel wat af gedeeld, iedereen presenteert met trots zijn of haar mooie ‘kind’. Wat de Innovatieraad niet ziet (maar misschien kijken wij niet goed), is de koppeling van initiatieven, om daarna samen door te ontwikkelen. En dat is jammer. Want er liggen heel veel kansen op dit terrein. Niets voor niets luidt het adagium: “alleen ga je sneller, samen kom je verder.” Dit principe wordt naar ons oordeel te weinig in de praktijk gebracht.

Waarom ontwikkelen we niet samen producten en diensten? Natuurlijk zijn er voorbeelden, zoals de Bibliotheek op School, waar nu een PO, VVE en VO doorgaande leeslijn in zit. Mooi! En toch zien we ook hier dat er nieuwe projecten  zijn op het gebied van leesbevordering. Die zouden naar het oordeel van de Innovatieraad na bewezen effect in een toolbox van een doorgaande leeslijn moeten worden opgenomen.  En wat voor de leeslijn geldt, zou wat ons betreft ook moeten gelden voor de programmalijnen 21ste eeuwse vaardigheden op het gebied van de digitale skills, op het gebied van de informatievaardigheden. En ik zou me ook heel goed  kunnen voorstellen dat er een mooie programmalijn komt voor de ontwikkeling van medewerkers en voor vrijwilligers. En een toolbox met activiteiten en effectmeeting voor de dienstverlening aan zorgcentra, en op het gebied van bestrijding laaggeletterdheid. Er wordt heel veel ontwikkeld in het land, maar de samenhang ontbreekt in veel gevallen. En dat is jammer.


De innovatieraad ziet in het samenbrengen van initiatieven, het koppelen er van en het gezamenlijk doorontwikkelen een mooie rol voor de POI’s.  Zij hebben immers in de bibliotheekwet de rol gekregen voor het ondersteunen van de innovatie van de fysieke bibliotheek. De Koninklijke Bibliotheek heeft met het in de lucht brengen van het platform Innovatiebieb de mogelijkheid geschapen om initiatieven te delen, de Innovatieraad helpt sommige projecten verder met een beetje geldelijke steun. POI’s wij dagen jullie uit om samen met de bibliotheken die deze mooie projecten gestart zijn de verbinding te zoeken en gezamenlijk door te ontwikkelen tot samenhangende programmalijnen.  Een eerste begin is er al, door de samenwerking tussen de KB en SPN (Samenwerkende  POI’s Nederland)  die een rechtstreekse verbinding hebben gelegd  met de innovatieagenda rond de ‘communities of practices’. Delen maakt je rijker zegt men, en dat is ook zo. Delen en het vervolgens vermeerderen is pas echte winst. Daar ligt nog een wereld te winnen in onze branche!

dinsdag 4 juli 2017

Jordanië, dag 11 en 12

11 april 

Na het ontbijt gaan we een stadswandeling maken. Eerst nog een keer naar het oude Romeinse theater in de stad. Het is opnieuw prachtig. Dan al slingerend langs oude stadswijken, met een mooie oude moskee, oude opgravingen en door de soek. Ik word altijd blij als ik over een markt loop. En zeker in dit soort landen, waar men het stapelen van groente en fruit tot kunst heeft verheven. Het lijkt wel of ze hun waren oppoetsen tot ze glimmen, en een kleine cursus architectuur of bouwkunde hebben gedaan, zo kunstig zien de uitstallingen er soms uit. Joep kan zich niet bedwingen bij een stalletje met baklava. Hij koopt een flink stuk gevuld met spijs en doordrenkt met honing. Zoetekauw!  We lopen verder richting kleding soek, waar onder andere prachtige Palestijnse jurken in de etalage hangen. Schitterend rood borduurwerk op zwart.

Na de oude wijk klimmen we een flink stuk naar boven.  Er is boven een straat met daarin oa een hip t-shirtenwinkeltje dat ik wil zien, en een winkel van de stichting van de koningin. Het t-shirtwinkeltje valt tegen. In de winkel ‘van’ de koningin koopt Joep twee sjaals voor Jasper en Jeroen, Arafatsjaals, al weten we nu dat we dat zo niet mogen zeggen. Het zijn Arabische (rood) of Palestijnse (zwart) sjaals, afhankelijk van de kleur. We drinken thee op een terras, en op weg naar beneden komen we een tentje tegen waar ze bier verkopen. Dan pakken we daar ook nog maar een pintje. We lopen weer naar beneden en besluiten dat we nog twee dingen uit de gids moeten doen. We moeten nog falafel eten bij Hashem, de beste van de stad volgens Lonely Planet. En inderdaad ze zijn lekker. We sluiten af met kanufa bij Habibah, een heel zoet gebak. Dan naar onze kamer, de koffers pakken en op tijd naar bed. Morgen staat Zyad om vier uur klaar bij het hotel om ons op tijd naar het vliegveld te brengen.




















12 april

Oef, het is vroeg als we om vier uur naar beneden stommelen. Zyad staat al voor ons klaar. We bedanken hem eerst zeer uitvoerig voor het terugbrengen van mijn boek. Dat was echt heel erg aardig. Hij zegt dat hij dacht dat het een heel belangrijk boek was, en dat ik er vast in door wilde lezen. We rijden door een donkere stad op weg naar het vliegveld. Daar aangekomen bedanken we Zyad nogmaals, geven hem een flinke tip en zeggen hem vaarwel.

In de rij voor het inchecken en het afleveren van de bagage. Het eerste stuk gaat prima. Maar dan moeten we nog met onze handbagage door de security. Joep heeft zijn verrekijker nog in zijn schoudertas zitten, en daar ontstaat onrust over. Wat is dit?  De douanier weet er duidelijk geen raad mee. Er moet een collega bij komen, hoger in rang. Die komt op zijn dooie gemak aanlopen, in burger, met de handen in zijn zakken. Joep raakt gelijk geïrriteerd.  En dat merkt de man ook. Dus tergend langzaam kijkt hij naar de verrekijker, vraagt Joep wat het is, of hij hem er nog eens uit wil halen etc. Joep steeds wat geïrriteerder. De man duidelijk in zijn macht. Ik zeg tegen Joep dat hij rustig moet doen, dat we er niks mee opschieten als de man ook geïrriteerd raakt. Dus rust bewaren, beleefd blijven en meewerken. “Ja maar” zegt Joep “hij loopt met zijn handen in zijn zakken hier naar toe”. “Laat gaan, schat, laat gaan”.  Dan wordt de verrekijker goed bevonden en kunnen we door . De douanier loopt terug naar een andere balie, met de handen uit de zakken…. Dat wel. Heeft hij het misschien toch begrepen ;-)



 Voor de rest verloopt onze terugreis prima. Terug in Nederland krijgen we alleen een stevige temperatuurshock te verwerken: van 29 graden in Amman, naar 10 in Alkmaar. Brrrr. Gelukkig hebben we een hoofd en hart vol warme herinneringen aan dit prachtige land.

vrijdag 30 juni 2017

Vrijwilligers in de bibliotheek, een do of een don't?

Afgelopen ledenvergadering van de Vereniging van Openbare Bibliotheken hield Jouke Bethlehem van de Noord-Fryslan bibliotheken een stevig pleidooi om een discussie te starten over de inzet van vrijwilligers in de openbare bibliotheek. Zijn pleidooi vind je hier, Omdat ik vind dat de oproep van Jouke op onderdelen terecht is, namelijk dat het goed is er een discussie over te voeren, en omdat ik vind dat er op zijn pleidooi wel nuanceringen of overdenkingen bij te plaatsen zijn reageer ik niet via zijn post op LinkedIn maar via dit blog.

Jouke zegt in zijn pleidooi impliciet dat de inzet van vrijwilligers een negatieve betekenis heeft voor je dienstverlening, Dat gaat mij te ver, daarmee diskwalificeer je een groep vrijwilligers die heel goed werk doen in de bibliotheek.
Ik ben opgeleid als bibliothecaris, en ik denk dat ik niet de enige ben die aan de balie de vraag kreeg of ik er voor betaald kreeg, en of er een opleiding voor was. Het beeld dat veel van onze bezoekers jarenlang hebben gehad bij het werk dat de bibliotheek deed, en welk niveau dat dus ook had (terecht of onterecht laat ik dan in het midden) was dat het een vrijwilligersbaan was. Die vraag heb ik overigens altijd gekregen wanneer ik in een bibliotheek werkte waarin alleen betaalde krachten werkten! Ik heb ook enkele jaren gewerkt in bibliotheken waar er een mix van betaalde  en vrijwillige medewerkers waren. Daar kwam die vraag veel minder vaak voor, omdat voor diepgaande vragen of problemen altijd het betaald personeel de oplossing bood. Waarmee dan ineens het beeld van de toegevoegde waarde van de professional duidelijk was ;-)

Ik ben het met Jouke eens dat de inzet van vrijwilligers een strategische keuze zou moeten zijn. Daarbij vergeet ik niet die bibliotheken in Nederland die al jaar en dag werken met vrijwilligers, en vaak met een enorme inzet qua uren en betrokkenheid van vrijwilligers. Dit zijn bibliotheken waar de situatie historisch al zo gegroeid is. Voor die bibliotheken valt er niet veel te kiezen, geen vrijwilligers meer betekent geen bibliotheek meer. Ik wil het hebben over bibliotheken die van oudsher werken met betaalde krachten, of grotendeels met betaalde krachten. Daar zou die inzet van vrijwilligers een strategische keuze moeten zijn met een bijbehorende visie en beleid.

In Kennemerwaard hebben we bij ons meerjarenbeleidsplan 2014-2018 gezien dat onze ambities verder reiken dan wat we met onze beschikbare formatie kunnen realiseren. Dan kun je er voor kiezen om je ambities naar beneden bij te stellen, dat is niet hoe wij in elkaar zitten in Kennemerwaard. We kijken naar manieren hoe we onze ambities toch kunnen waarmaken. Wij kiezen er voor in Kennemerwaard om onze betaalde medewerkers de kans te bieden zich verder te professionaliseren, dan wel op de klassieke bibliotheek dan wel op onze andere programmalijnen. In alle gevallen geldt dat we ook van vrijwilligers gebruik maken.  Ook aan de vrijwillige medewerkers stellen we kwaliteitseisen. We hebben vrijwilligers die in de klassieke bibliotheek gastheer- of vrouw zijn en zo het betaalde personeel ondersteunen, we hebben taalvrijwilligers die taalcafé's voor inburgeraars draaien, er zijn bij ons vrijwilligers die met professionele ondersteuning culturele programma's samenstellen voor en door senioren, er zijn vrijwilligers die samen met onze professionals coderdojo's geven, cursussen Linux geven. Het beeld is dus nogal divers als je kijkt naar het werk dat vrijwilligers doen binnen Kennemerwaard.  We kijken ook hoe we onze vrijwilligers de kans kunnen bieden om zich verder te ontwikkelen. Dat verschilt dan ook weer per 'type' vrijwilliger. Sommigen willen graag meer kennis op doen op het gebied van privacy en internet, anderen willen zich verder ontwikkelen als taalmaatje of als gastdocent bij coderdojo's. Voor iedereen proberen we een passend scholingspakket te bieden (zoals natuurlijk ook voor ons betaald personeel). En in een klein aantal gevallen komt het voor dat een vrijwilliger doorstroomt naar een betaalde baan bij ons.

Nu moet ik zeggen dat ik vanuit een iets bevoorrechte positie spreek. In de afgelopen crisis- en bezuinigingsjaren zijn wij niet zo hard getroffen als sommige collega's in het land. Wij hebben het weliswaar ook niet zonder gedwongen ontslagen kunnen redden, die hebben bij ons plaatsgevonden in de backoffice. Bij de medewerkers in de vestigingen en de directe dienstverlening zijn er geen ontslagen gevallen. De inzet van vrijwilligers in de publieksdiensten levert ook bij ons wel vragen op bij medewerkers, natuurlijk! Tot nu toe kunnen we duidelijk maken dat het ter ondersteuning is, en dat er geen banen komen te vervallen. Het gaat om een verschuiving van werkzaamheden, waar mogelijk. Hoe dat gaat, waar je de scheidslijn trekt moet je met elkaar lokaal bediscussiëren. Betaald personeel in de vestigingen zal nodig zijn, niet alleen voor de klassieke bibliotheek, ook voor de programma's laaggeletterdheid, taal- en leesbevordering, leven lang leren, en participatie en zelfredzaamheid. In onze visie investeer je als bibliotheek in je professionals én in je vrijwilligers. Met de gezamenlijke inzet van betaald en vrijwillig personeel bereik je meer, daar ben ik van overtuigd. Ik vind het afwijzen van vrijwilligers in de klassieke bibliotheek vreemd, als je ze wel in wilt zetten op andere onderdelen in je bibliotheek, Het gaat om de strategische keuze, waar maakt het betaalde personeel het (maatschappelijk) verschil, en welke kennis en know-how heb je binnen, en wat wil je op de langere termijn binnen hebben. Daar moet je het vooral lokaal over hebben, en dan zou je op landelijk niveau de discussie moeten voeren hoe je zorgt dat je een goed personeels- en vrijwilligersbeleid op zet.

Jordanië, dag 11, 10 april

Vanochtend zal Hussam ons komen halen. Maar bij de balie zit een andere man op ons te wachten Zyad is zijn naam. Hussam is ziek vertelt hij ons. Hij weet niet goed wat Hussam mankeert. Zyad is wat plezieriger in de omgang dan Hussam. Hij is wat mededeelzamer. De tocht naar Amman zal ca. 4-5 uur duren. We rijden ter hoogte van Wadi Rum als de auto ineens als een gek begint te piepen en Zyad heel snel de auto aan de kant van de snelweg zet. Het is een hybride auto, en de boordcomputer geeft aan dat het systeem herstart moet worden. Zyad doet verschillende pogingen, maar de auto wil niet meer starten.

Daar staan we dan, midden in de woestijn. Zyad belt een bevriende chauffeur en binnen 10 minuten staat die naast ons. Zijn collega, met passagier op de achterbank komt kijken wat er aan de hand is. Hij probeert ook enkele malen de boel te herstarten. Motorkap omhoog en turen. Beide heren komen er niet uit. De passagier is inmiddels uitgestapt en naast ons op de vangrail komen zitten. We raken aan de praat. Het is een Noord-Ier, Paul heet hij. Even later stopt er nog een auto, nog een helper. Die komt ons eerst allemaal een flesje water overhandigen, en een flesje Sprite. Dat is wel heel attent hier midden in de woestijn. We kletsen een beetje met elkaar en met Paul. Het boek over Mohammed dat ik aan het lezen ben ligt naast me op de vangrail. Geen tijd om er in te lezen.

Dan komt de chauffeur van  Paul naar ons toe. Hij vraagt aan Paul of wij een beetje oké zijn.  Dat is blijkbaar het geval. En dan vraagt hij of het oké is… en ja dat is ook het geval. Voor we het weten worden onze spullen over geladen. De auto van Zyad kan niet verder…. Hij put zich in duizend excuses uit. Dat hoeft niet, hij kan er niks aan doen. Hij gaat wachten op de garage uit Amman, die komen hem en de auto ophalen. Wij kunnen mee met Paul en zijn chauffeur. Dus alles over geladen en we gaan weer op weg. Dat is wel echt heel bijzonder. Kom er eens om in Nederland of Europa, het is zeker nog 350 kilometer naar Amman.  En om dan zomaar vreemde mensen met je mee te nemen… heel bijzonder. We zijn ongeveer een half uur onderweg als ik ineens mijn boek over Mohammed mis. Shit! Op de vangrail laten liggen. Wat stom zeg! De chauffeur belt Zyad, die er blijkbaar nog staat. En even later krijgen we bericht dat het boek gevonden is… Zyad zal het meenemen als hij ons naar het vliegveld brengt overmorgen.

Na ca. 1,5 uur rijden stoppen we bij een wegrestaurant voor een kop koffie en een sanitaire stop. We zijn inmiddels een beetje bijgepraat met Paul. Hij werkt in Dubai, waar de salarissen hoog zijn. Zo kan hij door zuinig te leven tijdens vakanties verre reizen maken. Hij is oa in Zuid-Amerika geweest, en nu reist hij na Jordanië door naar Iran. Hij wil eigenlijk weer terug naar Noord-Ierland om opnieuw te gaan studeren. Maar hij weet nog niet zo goed wat. Het leven in Dubai bevalt hem maar matig, het is niet ‘echt’ zegt hij. Teveel mensen met hoge salarissen die van gekkigheid niet weten wat ze met hun geld moeten doen. En de inwoners van Dubai zelf kijken neer op mensen uit andere landen, en werken zelf niet of nauwelijks.





In Amman worden we keurig afgezet bij ons hotel door de chauffeur van Paul. Het is een beetje aan het eind van de middag. We besluiten in de buurt een hapje te gaan eten, maar eerst even lekker lezen op het balkon van onze kamer. We willen daarna in de buurt op zoek naar een bar waar we een biertje kunnen drinken. Volgens de reisgids zitten er een paar vlakbij maar we kunnen ze niet vinden. We besluiten uiteindelijk maar bij een restaurant zonder alcohol, maar wel vlakbij ons hotel een hapje te eten. Met natuurlijk de onvermijdelijke citroensap met munt. Lekker! We zijn redelijk op tijd terug in het hotel en gaan op bed zitten lezen. We zijn best moe en het licht gaat op tijd uit. Rond elf uur, half twaalf gaat ineens de telefoon. Het is de receptie. Er is een boek voor mij bezorgd. Of ze het moeten komen brengen? Nou nee, dat hoeft niet, we komen het morgenochtend wel halen. Is Zyad het dus komen brengen! Wat ontzettend lief en aardig.

donderdag 29 juni 2017

Jordanië, dag 10, 9 april

We staan ontspannen op, maar wel op tijd. We willen voordat we met de bus naar Berenice gaan bij de Grieks-Katholieke kerk langs. De dienst begint om 10 uur. Als we bij de kerk aankomen staan er maar liefst drie politieauto’s voor de deur. Het vreedzaam naast en met elkaar leven heeft ook heir blijkbaar wel een prijs. Net zoals in Nederland er steeds vaker bewaking bij Joodse gebouwen staan, of bij moskeeën is dat hier dus het geval bij de christelijke gebouwen.

Binnen de muren van de kerk is het een drukte van belang. De dienst is al begonnen. We gaan achterin de kerk staan, maar dat is niet de bedoeling. Men ziet ons staan en wenkt ons in de banken. Er wordt ingeschoven en opgestaan.  We schuiven in.  Het is een levendige dienst. Een voorgeschreven liturgie (schat ik in met mijn protestante kennis ;-). Men weet precies wanneer er welke tekst gezongen moet worden, wanneer men moet staan, of gaan zitten.  De dienst is in een mengsel van Latijn en Arabisch.  Kinderen en volwassenen lopen in en uit. Heel anders dan in een Nederlandse kerkdienst. Iedereen wel op zijn paasbest gekleed. Een aantal kinderen zit met een paasstok, met een ei of een kip er op.  Er zit een jongetje op één van de eerste rijen, die sjans wil met een meisje ergens achterin. Hij staat regelmatig in het middenpad, te wenken naar het meisje achterin de kerk. Maar zij lacht alleen maar en schudt nee,  Hij moet naar haar komen. Dat doet hij, en hij wil haar aan de hand meenemen naar zijn bank voorin.  Ze gaat heel even met hem mee, maar blijkbaar bevalt haar niet zo  goed, dus ze loopt weer naar achteren.  Het jongetje blijft af en toe wenken, zij lacht lief maar komt niet meer naar voren. Kleuterflirts… leuk om te zien. De priester komt met een kelk de kerk door, iedereen wordt zegenend met de kelk op het hoofd aangeraakt.

We kunnen niet tot het eind van de dienst blijven en vertrekken dus na ca. 3 kwartier. Het is zoals de priester ons heeft gezegd. Niemand kijkt er van op als je vertrekt. Iedereen loopt hier in en  uit. We vertrekken naar de bus naar Berenice.  Daar zoeken we een plek aan het strand, in de schaduw. Flippers aan, snorkel op en het water in.  Het is prachtig onder water. Mooie koralen (goed voor uitkijken weten we inmiddels sinds gisteren) en kleurrijke vissen. Na een tijdje wordt het water toch te koud en gaan we het water uit om even op te warmen in de zon. Het gezelschap aan het strand is divers, van westerse dames in bikini of badpak, tot dames in lange bedekkende kleding. Rond een uur of vijf vertrekken we weer naar Aqaba.






We douchen en besluiten opnieuw in het visrestaurant naast het hotel.  Aan de tafel achter ons zitten twee jonge dames, zeer bloot gekleed. We raken aan de praat, het zijn twee zussen die uit Amman komen. Duidelijk uit de betere klasse. Ze vertellen het één en ander over hun leven, de oudste werkt op een kantoor. Ze heeft een studie in luchtvaart gedaan, ze wil graag internationaal gaan werken. Dan zal ze toch echt iets aan haar Engels moeten doen wat dat is zeer beroerd. Haar zusje spreekt nog slechter Engels, en is ook nog een beetje een giechelige puber. Beide meiden zeggen dat het prima leven is in Jordanië, en dat er heel veel vrijheid is. En dat de koning geweldig is. Hun vader werkt in de kring dichtbij de koning, en dus is het duidelijk wat ze vanuit een bevoorrechte positie spreken.  Ze willen graag naar Amsterdam, dat lijkt hun echt geweldig. Maar wat er te zien zou zijn, ik heb de indruk dat ze niet veel verder zullen komen dan een rondvaart door de grachten en shoppen, shoppen, shoppen….

We breken op en gaan terug naar ons hotel. Morgen terug naar Amman.