maandag 4 januari 2016

De bibliothecaris: Vakliteratuur inhalen

Zo tijdens het kerstreces is het tijd om de stapel van ongelezen boeken, tijdschriften door te bladeren en kijken of er nog iets bij zit dat echt gelezen moet worden. En ja, daar zat wel wat tussen. Een kleinood van Bibliotheek Noord Oost Brabant (NOBB). Het essay: Over bibliotheken en betrokkenheid, deel 2 De bibliothecaris. Deel 1 las ik in 2013 en was toen reden om Mari Nelissen en Marina Polderman uit te nodigen voor een discussie over de rol van de bibliotheek met onze Raad van Toezicht.

Dit essay, inmiddels al weer meer dan een jaar oud lag nog ongelezen op een stapel. En dat terwijl het zo dik niet is, en wel heel compact een aantal mooie overpeinzingen biedt. Die op hun beurt mij weer tot vragen en overdenkingen aanzetten.
The Librarians, serie TNT

In dit essay gaan de mensen van NOBB in op wat de rol zou moeten zijn van de moderne bibliothecaris. Ze belichten rollen, doelen en houding. Ze beginnen met de diverse rollen van een bibliothecaris, geïnspireerd op de ideeën van Seth Godin.
De bibliothecaris als producent, impresario, leraar, conciërge, connector. De minst uitdagende (of veiligste) daarvan is de rol van conciërge, alleen faciliteren dat er iets in je bibliotheek plaats vindt. De andere rollen vragen ook echt iets van bibliothecarissen. Een open houding, een leven lang willen leren, intellectuele vrijheid en veiligheid uitstralen en intellectuele eerlijkheid.

We staan in Kennemerwaard aan de vooravond van een groot veranderingsproces, en tegelijkertijd is het een doorgaand groeiproces. Voor de uitvoering van ons nieuwe meerjarenbeleidsplan hebben we andere kwaliteiten nodig van onze medewerkers. Daar zijn we de afgelopen jaren al steeds mee bezig geweest. We willen onze medewerkers 'wapenen' met een ondernemende houding, een lerende houding, een nieuwsgierigheid naar de wereld om ons heen en de wil om mensen te helpen die te leren duiden. Dat laatste kun je alleen als je zelf de wil hebt te willen leren, nieuwsgierig te zijn, het 'avontuur' op te zoeken, op zoek te gaan naar antwoorden,  en misschien nog wel veel meer naar vragen. Ik vond het heel erg inspirerend om van de medewerkers uit Alkmaar Centrum eind vorig jaar een terugkoppeling te krijgen over hoe zij aankijken tegen de veranderende bibliotheek. Daar sprak een grote betrokkenheid en wil om te veranderen uit, al zaten er heel veel vragen over hoe precies dan.

Een belangrijke opmerking uit het essay is de vaststelling dat management beter wordt betaald en gewaardeerd in de CAO dan inhoudelijke kennis. Er wordt een oproep gedaan om de CAO in dat licht kritisch te bekijken. Ik wil dat van harte onderschrijven. Daarmee wil ik niet zeggen dat al het management de deur uit zou moeten (ik zou mezelf brodeloos maken ;-). Wel denk ik dat de bibliotheek van de toekomst meer hoger opgeleide medewerkers nodig heeft. Dat medewerkers als zij ingezet gaan worden op de rollen als producent, impresario, leraar en connector ook een hogere waardering verdienen. Die stap zijn we in Kennemerwaard ook geleidelijk aan het maken. Medewerkers die met hun vakkennis echt een verschil maken in de uitvoering van programmalijnen hebben de afgelopen jaren telkens de mogelijkheid gehad om een stapje hoger qua functieniveau te komen. Misschien niet in het tempo als zou moeten, en misschien niet in het tempo dat zij zelf zouden willen ;-)

De kunst van het veranderen is er één die wij proberen in de vingers te krijgen.... weten welke verandering je wilt helpt daarbij. En de essays van NOBB helpen daarbij. Dus dank aan de collega's uit Oss en omgeving. Voor een ieder in het bibliotheekvak het lezen waard!

zaterdag 2 januari 2016

2015 in boekenlijstjes

Afgelopen jaar 2015 deed ik mee aan de challenge "een boek per week" op Pinterest. Ik wist bij voorbaat al dat dit kansloos was... te druk soms met mijn werk, en te weinig prioriteit, en een voorkeur voor dikke pillen maakte dat ik wist dat ik dat aantal van 53 boeken niet ging halen. En toch vond ik het een charmant idee om een jaar lang bij te houden wat ik gelezen had. Ik heb er toch maar mooi 34 uitgelezen, van zeer diverse aard. Als ik nu terug kijk naar wat ik in 2015 heb gelezen dan wil ik toch een paar van mijn favorieten met jullie delen.

In de categorie Non-Fictie:
1. 1812 van Adam Zamoyski
2. De Boerenoorlog van Martin Bossenbroek
3. Aan de rand van de wereld van Michael Pye

In de categorie kinder/jeugdboeken:
1. Eén mens is genoeg van Els Beerten
2. Bunkerdagboek van Kevin Brooks
3. De Goochelaar, de geit en ik van Dirk Weber

In de categorie lekker (romantisch) leesvoer:
1. Met het bloed van mijn hart II van Diana Gabaldon
2. Het boek des levens van Deborah Harkness
3. De laatste keizerin van Jung Chang

In de categorie spannend:
1. De officier van Robert Harris
2. 13 uur van Deon Meyer

In de categorie literatuur:
1. Oorlog en terpentijn van Stephan Hertmans
2. Ik kom terug van Adriaan van Dis
3. Birk van Jaap Robben

Het is me goed bevallen om bij te houden wat ik gelezen heb, dus ik denk dat ik dat maar blijf doen op Pinterest. Op naar een boek per week in 2016.... opnieuw kansloos.... :-)

woensdag 23 december 2015

Ervaringen van de "werkvloer": Uitdiepen meerjarenbeleidsplan 2015-2018

Dat je als directie en managementteam goed bent in de theorie, en dat de vertaling naar de praktijk vaak lastiger is dan je denkt, weet je wel. Toch is het goed om dat je te realiseren, en nog fijner is het als je dat als 180 graden feedback krijgt van je medewerkers. Vooral als die medewerkers bereid zijn om uit hun comfortzone te stappen en het gesprek aan te gaan met elkaar en met 'het management'. 

Vanochtend kreeg het managementteam van Kennemerwaard een presentatie van een werkgroep van medewerkers van het team Alkmaar Centrum, Oudorp, De Rijp en Overdie. Annette, Linda, Lisa, Caroline, Monique en Esther hadden zich gebogen over wat het meerjarenbeleidsplan nu betekent voor de 'werkvloer'. Daarbij ging het om vragen als: hoe gaan de toekomstige functies er uit zien, moet de infrastructuur aangepast worden?,  welke communicatie is nodig en hoe moet de organisatie er uit gaan zien?

We kregen een aantal belangrijke conclusie, aanbevelingen en ideeën over de uitvoering te horen. Fijn was het om te horen dat ze blij zijn met alle activiteit van onze bibliotheek, en het visionair management. Waarbij de kanttekening werd geplaatst dat 'onze' theorie goed is, maar de praktijkuitvoering beter kan. Daarbij werd als belangrijkste aanbeveling mee geven dat er sprake moest zijn van een mentaliteitsverandering. Medewerkers moesten meer delen, meer de blik naar buiten hebben en veel meer ook tijdens teamvergaderingen presentaties geven over welke kansen ze zien, welke dingen er al gebeuren en welke ideeën ze hebben. Er was een diep gevoeld besef dat je de verantwoordelijkheid hebt als medewerker om nieuwsgierig te zijn naar de ontwikkelingen in de maatschappij en die ook met je collega's te delen. 

Een belangrijke aanbeveling was dat er meer transparantie en meer communicatie moest komen. Daarmee werd onder andere bedoeld dat wanneer een medewerker een cursus of scholing had gevolgd, er ook een vervolg aan zou moeten worden gegeven. Dat aan een medewerker duidelijk moest worden gemaakt wat hij/zij nu moest gaan doen met die opgedane kennis. Dus als leidinggevenden zou er veel meer gemonitord moeten worden op de gewenste resultaten na scholing, en dus ook scholingstrajecten na een tijd evalueren.

Ook werd, terecht, opgemerkt dat er heel veel activiteiten worden georganiseerd in verschillende vestigingen, maar dat dit onvoldoende bekend is. En dat wat in de ene vestiging wordt georganiseerd, ook best goed zou kunnen werken in een andere vestiging. Het zou naar idee van de werkgroep een goed idee zijn om bv een activiteitenleider aan te stellen, die dit op zou kunnen pakken.

Aan het eind van de presentatie bleek dat de werkgroep ook nog op 2 vragen bleef 'hangen'. Ze wilden graag toestemming om met de aanbevelingen en de oplossingen aan de slag te gaan en ze uit te kunnen voeren in de praktijk. En ze wisten nog niet goed waar ze op 1 januari 2017 zouden willen staan. Daarbij was voor hen belangrijk om bijvoorbeeld meer inzicht te krijgen in de verdeling van de formatie, de hoogte van de subsidies, de inzet van vrijwilligers, de begroting, de aanstaande reorganisatie, welke scholing mogelijk is en wat de rol van de collectie zal zijn.

Daarna ontspon zich een discussie tussen de werkgroep en de leden van het managementteam. Daar kwam als belangrijkste conclusie wat mij betreft uit dat het vormgeven aan een verander- of transitieproces heel erg ingewikkeld is. Dat de medewerkers van de vestigingen graag betrokken willen zijn bij planvorming (dat is overigens ook gebeurd met het meerjarenbeleidsplan), maar ook heel erg bij de uitvoering. Dat is ook altijd onze intentie als leidinggevenden. Als management grote lijnen aangeven, en de medewerkers zelf de invulling laten geven. En dan zie je dat het toch lastig is, dat je onbedoeld elkaar misschien wel in een houdgreep houdt. Want waar de werkgroep vroeg om toestemming voor het uitvoeren van de aanbevelingen, hebben ze die dus nou net niet nodig (die toestemming). En dat is vallen en opstaan, met elkaar durven te leren, uitproberen, de fout in gaan, en opnieuw proberen en het dan beter doen. 

Ik vond het erg inspirerend om de terugkoppeling te krijgen van de werkgroep. Om mij zelf maar weer eens te herhalen als ik over onze medewerkers praat, ik werd er erg blij van. Want hoewel ik dat misschien niet vaak zeg, ik realiseer me terdege dat het juist op 'de werkvloer', in de vestigingen heel erg moeilijk is om een verandering in te zetten binnen de huidige setting van uitlening, vragende klanten/bezoekers en met vaste roosters. Daar waar bij onze consulenten de uren toegeschreven zijn naar een bepaalde programmalijn, en er dus duidelijk is hoeveel uur er besteed kan worden, is het binnen de uren die beschikbaar zijn voor vestigingen veel lastiger. Want je moet een beweging maken waarin je je oude vertrouwde werk los moet laten, en je zelf vorm moet/kunt geven aan de ambitie van Kennemerwaard. En dan kan ik me de onzekerheden heel goed voorstellen, ga ik het wel goed doen, en ga ik wel het goede doen volgens het managementteam. Dat is het mooie van ons proces, dat is het mooie van deze werkgroep: weten dat je met elkaar op pad bent, dat de uitkomst voor niemand helder is. Dat de weg naar de uitvoering van ons meerjarenbeleidsplan net zo waardevol is als de bestemming. 

Hulde aan de werkgroep! Namens het hele managementteam krijgen jullie geen toestemming (want die hebben jullie niet nodig ;-) , wel de hartelijke dank voor jullie presentatie en jullie betrokkenheid. Ik kan niet wachten op de eerste terugkoppeling over hoe het gaat met de uitvoering van de verbeterpunten.


donderdag 17 december 2015

Delen van verhalen over de (nieuwe) bibliotheek

Gisteren hadden we bij Kennemerwaard een discussiemiddag rondom de uitvoering van ons Meerjarenbeleidplan met ons managementteam en onze Raad van Toezicht.  In alle gesprekken met de Raad van Toezicht merk ik dat ze heel enthousiast zijn over onze organisatie, maar dat ze het ook moeilijk vinden om zich een beeld te vormen van die nieuwe rollen van de bibliotheek. En dus waren gistermiddag zes van onze medewerkers uitgenodigd om iets te vertellen over hun werk.
http://www.hi-re.nl/wp-content/uploads/inspiratie1.jpg


Het begon met Stephan, die vertelde over zijn zoektocht in hoe je communities vorm geeft. Hij richt zich op het thema duurzaamheid. In een kleine twee jaar tijd is het hem gelukt om rondom dit actuele thema een groep van betrokken burgers, kleine bedrijfjes, zzp'ers en eigen medewerkers te laten ontstaan: Duurzaam Doen. Met een relatief klein budget allemaal vanuit bevlogenheid een bijdrage leveren. Niemand krijgt (volledig) betaald voor zijn/haar inbreng, de mede-organisatoren zijn collega's, betrokken ondernemers of burgers die voor een kleine tegenprestatie mee vorm geven aan een 'beweging' waar de bibliotheek het faciliterend middelpunt van is. Stephan deelde hoe moeilijk het is om los te laten.... en hoe mooi het is als ons dat lukt als bibliotheek en hoeveel je dan kunt bereiken.

Vervolgens kwam Maria aan het woord. Ach... Maria... geef haar het woord over bestrijding laaggeletterdheid en ze praat je de oren van je hoofd. Als je niet na een gesprek met Maria inziet hoe belangrijk dit thema is, welke impact we als bibliotheek hebben  op de levens van mensen dan heb je een hart van steen.

Jolanda vertelde over onze programma's rondom programmeren, coding, raspberry pi's. De zoektocht naar waar nou precies behoefte aan is. En dat dit dus heel erg per doelgroep verschilt. Van workshops/lessencyclus in LINUX naar workshops programmeren zonder computers voor het basisonderwijs. Van Lego Mindstorm en Scratch en CoderDojo. Op zo'n moment voel ik mij heel oud ;-) al weet ik ongeveer wat het inhoudt omdat ik naar de workshop voor collega's van Jolanda ben geweest.

Jeanet vertelde over het succes van Kennemerwaardse leesconsulenten op basisscholen. Hoe we van 4 scholen naar 41 scholen in 4 jaar tijd zijn gegroeid. En hoe blij en tevreden de scholen met ons zijn en hoe de leesresultaten op school omhoog gaan. En dat we nu ook vragen vanuit de VVE krijgen, aangekaart door het basisonderwijs. Om zo nog beter te kunnen voorkomen dat er leesachterstanden ontstaan. Jeanet staat echt te glimmen van trots als ze vertelt over haar collega consulenten.

Suzan vertelde over Dag en Dauw. Ons 'senioren' programma samen met Artiance (centrum voor de kunsten). Ook hier een verhaal over een zoektocht, van sturen naar loslaten en faciliteren. Van mensen betrekken bij wat ze willen leren of zien, naar mensen zich zien ontplooien en zelf een bijdrage aan het programma te laten doen doordat ze nu zelf op de planken gaan staan. Over hoe je (kwetsbare) ouderen bereikt en hen in staat stelt een nieuw sociaal netwerk op te bouwen. Ook Suzan vertelde hoe moeilijk het is om los te laten... en hoe mooi de resultaten zijn als je dat lukt.

Als hekkensluiter kwam Leonie aan het woord over haar project Veilig Puberen. Een bijzonder project waarbij de bibliotheek 3 lessen mediawijsheid geeft in bovenbouw basisschool en onderbouw voortgezet onderwijs, met als speciale focus seksualiteit en internet. Je schrikt er van als je hoort waar kinderen allemaal mee geconfronteerd worden, en wat ze bedoeld of onbedoeld elkaar aandoen met het verspreiden van foto's of filmpjes. En zo onder de indruk ben ik dan als ik Leonie hoor vertellen hoe ze kinderen in hun kracht zet, hen duidelijk maakt dat zij zelf het verschil kunnen maken in niet hard over anderen en over zichzelf te oordelen. En hoe ze van kinderen terug hoort dat ze na haar lessen filmpjes en foto's van hun telefoon of tablet halen omdat ze inzien dat het niet slim is om die te verspreiden. Zeer indrukwekkend om te horen en haar betrokkenheid met die kinderen te zien.

Dat kreeg ik ook terug van onze Raad van Toezicht. Wat mooi om te zien wat er allemaal nog meer gebeurt, en nu hebben we er een veel beter beeld bij. Dan vallen dingen op hun plaats, de goede dienstverlening die dagelijks in onze vestigingen door al onze medewerkers wordt verleend, in combinatie met het 'nieuwe' bibliotheekwerk, wat in sommige gevallen zelfs al 'oud' of in ieder geval vertrouwd aan het worden is. Samen vormen ze het beeld van de bibliotheek van de toekomst. Ze hebben elkaar nodig en kunnen elkaar heel goed versterken. De vestigingen met hun bezoekersstromen, waar meer en meer ook invulling wordt gegeven aan onze programmalijnen. En de vestigingen als uitvalsbasis voor programma's op school, in de wijk, bij instellingen. Mooi! En ja, daar word ik blij van als ik merk dat mijn enthousiasme voor alles wat we doen van uitlenen tot mediawijsheidlessen rondom seksualiteit gedeeld en uitgedragen wordt.

dinsdag 15 december 2015

Jullie mogen alles van me/ons hebben.....

9 en 10 december was 'tout' bibliotheekland in Eindhoven. Op woensdag op het biebcongres, waarbij veel nieuwe en bestaande projecten en ideeën werden gepresenteerd. Altijd leuk om te zijn, en vanuit Kennemerwaard waren we met een stevige delegatie van ca. 12 personen aanwezig. We hadden maar liefst drie projecten waarmee we onszelf presenteerden. Heel erg leuk.

De keuze in workshops, talks, debatten etc was erg groot, en dan waren er ook nog leveranciers en collega's uit het land om mee bij te praten. Altijd tijd te kort. Van de Kennemerwaardse collega's kreeg ik terug dat het allemaal erg leuk was, maar dat ze niet zo heel veel nieuws hoorden. Ja, dat kan denk ik dan op zo'n moment, want overal in het land is iedereen met dezelfde thema's bezig. En toch is het goed om van elkaar te horen waar je mee bezig bent. Zelf was ik oa bij de workshop van Midden-Brabant over het wijk- en plattelandsbibliotheekwerk. Inderdaad inhoudelijk niet echt vernieuwend, maar wel inspirerend. Samenwerking met zoveel mogelijk partijen in je omgeving, kijken waar je elkaar kunt versterken. We doen dat al wel in Kennemerwaard, maar het is nog niet zo tot wasdom gekomen als bv in Goirle bij bibliotheek Midden-Brabant. Je kunt ook leren van elkaars ervaringen en kijken waar een ander verder is dan jij!

De volgende dag was de algemene leden vergadering van de VOB. Daar hoorde ik aan de koffietafel, maar ook tijdens de vergadering de verzuchting dat 'we' met z'n allen niet voldoende opschieten. Dat dingen te lang duren voordat ze 'op de markt' zijn. Dat we last hebben van belangenverstrengelingen. En ja, dat kan best op een aantal fronten waar zijn. Landelijke infrastructurele projecten, programma's waarmee je goed resultaten kunt meten.... het duurt allemaal (te) lang en er spelen verschillende belangen. De vraag is alleen of als één of twee bibliotheken het zouden op pakken het sneller zou gaan. Dat zou kunnen... willen twee bibliotheken die die uitdaging aan zouden willen gaan om iets voor het hele land te ontwikkelen zich dan melden? En dan wel rekening houdend met al die verschillende meningen, wensen ;-)

Ook hoorde ik dat we last hebben van 'achterblijvers' en van slechte directeuren. Kan iemand die even voor mij aanwijzen dan? Ze zullen er vast zijn, want in elke branche heb je 'slechte' directeuren. Maar zouden degene die dat zeggen het zelf in zo'n situatie beter doen? Misschien wel, maar iedereen heeft blinde vlekken (ook ik) waarvan je mag hopen dat ze door de rest van je organisatie worden opgevangen.

Toch denk ik dat het wijzen naar anderen ons niet verder gaat helpen. Producten of diensten die we ontwikkeld hebben zouden we met elkaar moeten delen. Want waar de één goed in is, kan door een ander vaak weer gebruikt worden in zijn of haar lokale bibliotheek. Vaak met een lokale twist, maar dat is niet erg. Ik noemde hierboven al het voorbeeld van Midden-Brabant, ik denk dat van hun aanpak onze mensen in wijk of dorp heel geïnspireerd zullen raken. Dus ga ik ze zeker op dit initiatief wijzen. Ik leen graag goede ideeën van anderen. En ik stel ook graag onze ideeën ter beschikking aan collega's. Ik hoorde van onze medewerkers die een workshop hebben gegeven op het biebcongres dat ze veel contactgegevens hebben uitgewisseld. Prima!

Zo komen we volgens mij als branche uiteindelijk verder.... door uit te wisselen, door lokaal op te pakken wat lokaal speelt... en dat landelijk te delen.... vooral naar ons zelf kijken over wat wij kunnen bijdragen aan die branche....! Gelukkig gebeurt dat ook al, onder andere op het biebcongres, maar ook door collegiale uitwisseling. En om dat je altijd zelf het beste kan beginnen met iets te veranderen als het in je macht ligt: ... iedereen mag alles van me/ons hebben (behalve mijn pincode ;-)

donderdag 26 november 2015

De derde geldstroom: lekker bezig

Het is een veel gehoord argument in discussies rondom cultuur en (publieke) financiering. Ga op zoek naar een derde geldstroom, wees ondernemend(er). Achterliggende gedachte is vaak dat dan de subsidie die een overheid verstrekt wel verminderd kan worden. Zo'n argument of aanmoediging wordt naar mijn idee vaak veel te gemakkelijk gebruikt, zonder enige kennis van zaken of betreffende instelling wel geschikt is om makkelijk een derde geldstroom aan te spreken. Of dat de vermindering van subsidie zomaar in dezelfde mate op te vangen valt door 'ondernemend' te zijn. Ik kreeg een tijdje geleden het impliciete verwijt dat onze bibliotheek niet ondernemend en innovatief genoeg was. En ik kreeg daarbij de vraag of ik wel eens over het introduceren van horeca had gedacht. Want daarmee kon ik vast onze eigen inkomsten wel opkrikken. Op zo'n moment moet ik echt op mijn lippen bijten.... diep ademhalen en dan de uitnodiging doen aan dit raadslid dat als hij een horeca-ondernemer kent die de korting van anderhalve ton op onze subsidie door middel van een goede horeca in de bibliotheek kan opvangen, ik mij aanbevolen houd voor contact met deze persoon. Ik zal hem/haar met open armen ontvangen!

Natuurlijk zijn er mooie voorbeelden in het land van succesvolle ondernemende instellingen, zo lukt het Naturalis om via crowdfunding de financiering voor de Tyrannosaurus Rex rond te krijgen.Ik weet zeker dat ook een aantal (grote) bibliotheken zoals Arnhem, Amsterdam, Rotterdam, Leiden, Haarlem en ik vergeet er vast een paar, extra geld binnen weten te halen met hun horeca en verhuur. Chapeau! (Doen wij overigens ook). Tegelijkertijd durf ik de stelling aan dat het in de meeste gevallen om een aanvulling gaat van inkomsten, geen vervanging van subsidie. Want je plust maar niet zo maar even dit soort grote bedragen bij op je reguliere geldstroom.
Het Rijksmuseum en andere (grote) musea lukt het vaak om via fondsen of particuliere weldoeners mooie projecten te realiseren. Ook verschillende bibliotheken weten via fondsen en prijzen geld binnen te halen voor projecten. Bibliotheek Utrecht heeft volgens mij met de andere 3 grote steden een grote ESF subsidie binnen weten te slepen, en ook de PSO's lukt het vaak om groot projectgeld binnen te slepen.
Windmolens;Wikipedia commons

En precies daar zit de crux! Het gaat om projecten. En die zijn mooi, en nodig, want daarmee kun je dingen in beweging brengen. Maar ze zijn er niet voor bekostiging van je reguliere bedrijfsvoering. Die zul je toch echt met die eerste twee geldstromen moeten bekostigen. Subsidie en eigen inkomsten. En die eigen inkomsten omhoog krikken dat lukt niet zo maar. Er is prijselasticiteit (zoals dat zo mooi heet) in wat je voor je reguliere producten kunt vragen. Bij te hoge kosten haken teveel mensen af en schiet je jezelf in de voet. Nieuwe producten ontwikkelen kost tijd en dus geld. Waarbij je dan zelfs nog het risico loopt dat als je dat doet je het verwijt krijgt dat je marktverstorend bezig bent, of dat wat je nu aan het doen bent nou echt niet de taak is van de bibliotheek.

Voordat dit nu een klaagverhaal gaat worden, niet helemaal mijn stijl ;-) dan nu het goede nieuws. Er valt wel geld binnen te halen voor projecten. Ja, dat kost tijd, en aandacht, en vrijmaken van mensen en denkkracht. We hebben die handschoen die de politiek ons heeft toegeworpen opgepakt. In bibliotheek Kennemerwaard hebben we sinds 2010/2011 een eigen adviseur projectfinanciering, een fondsenwerver zo je wilt. Deze medewerker heeft korte lijnen met onze productontwikkelaars, met onze accountmanagers en consulenten die op de vernieuwing zit. Ze gaan samen zitten, de ontwikkelaar vertelt wat hij/zij van plan is, en onze adviseur gaat vervolgens aan de slag om te kijken of er ergens nog niet een potje of fonds is waarmee extra financiering kunnen binnenhalen. Ze weet heel goed hoe ze projecten zo moet omschrijven dat ze passen binnen de regels van overheden of fondsen. En inmiddels is ze er heel goed in geworden. Eind 2013 hadden we zo rond de € 73.000,- aan projecten op onze balans staan, eind 2014 was dat al opgelopen naar € 118.000,-. Voor 2015 hebben we inmiddels bijna € 170.000,- aan projectfinanciering binnen weten te halen. Dat is al flink hoger dan de doelstelling van € 150.000,-- die we hadden voor dit jaar.

Dat niet alles altijd lukt mag ook duidelijk zijn. Even voor jullie beeld: er zijn ter waarde van € 544.630,- aan projecten her en der ingediend. Maar het loont om een (eigen) fondsenwerver te hebben die goed op de hoogte is van waar de potjes met geld te halen zijn. En het mooie is dat we met de projecten heel veel vernieuwing kunnen realiseren, nieuwe dingen uitproberen die als ze succesvol zijn ook toegevoegd worden aan onze dienstverlening. Waarmee we dan extra inkomsten kunnen genereren en dus onze eigen inkomsten kunnen verhogen op termijn. Dus hoera voor onze Miranda! Voor 2016 mikken we op zeker € 175.000!

dinsdag 10 november 2015

Overdie, een kleine geschiedenis

We zijn met onze vestiging Overdie genomineerd voor de beste bibliotheek van Nederland. We zijn er apetrots op dat we de shortlist (opnieuw) hebben gehaald. Nu heb ik niet de verwachting dat we de hoofdprijs gaan binnen halen, want geduchte andere kandidaten. Maar net zoals ik alle andere keren vond dat we al gewonnen hadden op voorhand (Alkmaar Centrum, meest duurzame bibliotheek, Heerhugowaard Centrum), vind ik dat nu ook. Ik zal uitleggen waarom.

Overdie is een zogenaamde 'Vogelaarwijk'. Een diverse bevolking van immigranten, eerste, tweede en derde generatie, gemengd met een autochtone bevolking variërend van woonwagenbewoners tot bemiddelde middenklasse. Een boeiende mix. In deze wijk stond tot de helft van de jaren tachtig een filiaal van de bibliotheek. Dat filiaal sneuvelde in een bezuinigingsronde, te weinig lezers, te weinig gebruik, en men kan wel naar het centrum. Voor de scholen werd enig soelaas geboden in één keer per week anderhalf uur een bibliobus. Programma's als de Bibliotheek op School bestonden niet.

Het was denk ik ergens eind 2007 dat ik door het toenmalig afdelingshoofd van de gemeente Alkmaar gevraagd werd of ik niet eens in gesprek wilde met het bestuur van het wijkcentrum over samenwerking. Zelden ben ik zo warm ontvangen. Wat een enthousiasme bij het bestuur. Dat het zo belangrijk was dat kinderen konden lezen, dat ze zo graag weer een vaste, eigen vestiging van de bibliotheek wilden. En of dat niet gerealiseerd kon worden. Er gingen niet eens zoveel gesprekken overheen, een paar gesprekken met de gemeente over een projectsubsidie en intern, en we gingen aan de slag. Binnen een paar maand hadden we een lokaaltje op de eerste verdieping in het wijkcentrum ingericht als bibliotheek. Als wij er niet waren dan werd het door andere huurders gebruikt. Zo kon het wijkcentrum de ruimte efficiënt inzetten. Het gaf wel eens gedoe, dat gaat zo als je een dak samen deelt. Biljarters die met een keu in de hand de kinderen achterna zaten die, omdat de bibliotheek nog niet open was, rondom de biljarttafel liepen te hollen. Maar daar kwamen we na gesprekken altijd wel weer uit.

Ondertussen was het wijkcentrum bezig met nieuw- en verbouwplannen. Dat was een langdurig proces. Nieuwbouw bleek niet mogelijk, wel verbouw. En of wij alsjeblieft wilden blijven, en waar we dan wilden zitten. Fijn als je zo gewaardeerd wordt dat je mee mag denken. We wilden op de begane grond met een zichtlocatie. Dat is gelukt. Vanaf november 2014 zijn we nu gevestigd op de begane grond met een jeugdbibliotheek. Het ziet er prachtig uit, en ook het verbouwde wijkcentrum ziet er geweldig uit. Gastvrij en uitnodigend. Onze medewerkers en bezoekers vertellen dan ook niet voor niets trots over wat ze allemaal doen en waarom Overdie moet winnen.

Dat stenen omhulsel zijn we heel erg blij mee, nog blijer zijn we met alle vorderingen die we in en vooral met de wijk maken. Niet alles lukt meteen. De ruime openingstijden die we graag wilden door tijdens de ochtend open te zijn met een half schuin oog toezicht van de beheerder is nog niet gelukt. Daar moeten we nog verder over praten. De samenwerking met de scholen gaat heel erg goed. Op een aantal scholen in de wijk hebben we een leesconsulent, en de kinderen komen graag naar de bibliotheek ook al hebben ze op school ook een collectie. We hebben hele leuke projecten met de ouderkamers van de scholen o.a. "Lezen in de keuken". Er zijn contacten en activiteiten met de moskee en met groepen in de wijk die met ons samenwerken. Boekenpret en voorleesprojecten voor ouders die geen leestraditie hebben hebben voet aan de grond in de wijk. Met de andere huurders van het wijkcentrum wordt gekeken of we samen dingen kunnen doen. Niet alles tegelijk, niet alles heeft gelijk resultaat. Het begint met het gesprek. Er is een leeskring voor beginnende volwassen lezers, we lezen voor en we organiseren activiteiten samen met het Centrum voor Jeugd en Gezin. Kortom het sprankelt en bruist in en buiten de bibliotheek. Doordat we daar zitten, weten mensen uit de wijk ons makkelijker te vinden en benaderen ze ons ook makkelijker.

Of we winnen op 27 november? Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat Overdie en haar bewoners, onze bibliotheek in zijn geheel heeft gewonnen met deze levendige vestiging! Een aanwinst voor de wijk, en wat de wijk Kennemerwaard brengt is een aanwinst voor ons bibliotheekwerk!