Posts tonen met het label vaardigheden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vaardigheden. Alle posts tonen

maandag 2 september 2013

Masterclass New Librarianship, deel 7

Ik hoop dat ik het ga halen om de masterclass af te maken, de agenda stroomt vol en iedereen begint op stoom te komen. Hoe zegt men dat ook al weer? "Willen is kunnen" Ik ga mijn best doen. Dit wordt in ieder geval weer een lang blog.

Een reflectie op wat David Lankes schrijft naar aanleiding van het Salzburger Curriculum. Uitgedacht door een aantal slimme mensen uit bibliotheken en musea. Waar hij driftig gebruik van heeft gemaakt.
Deze groep slimmeriken hebben met elkaar bedacht wat de bibliotheek (en het museum) van de toekomst zou moeten zijn, en wat dat betekent voor de eisen aan de bibliothecaris van de toekomst.

Lankes deelt het Salzburger Curriculum in twee stukken op. Het framewerk en de actuele gebieden/onderwerpen. Onder het framewerk vallen de missie, de toepasbaarheid en de waarden. De missie schreef ik al eerder over op mijn blog. Over de toepasbaarheid van het curriculum zegt Lankes dat het formeel en voortdurend leren moet zijn. Volgens mij bedoelt hij dat je als bibliotheek in moet zetten op een leven lang leren. Voor je burgers en voor je zelf als organisatie met je medewerkers. De waarden die daarbij noodzakelijk zijn: openheid en transparantie, zelfreflectie, samenwerken binnen en buiten de bibliotheek, service, empathie en respect, continue leren en excellentie nastreven, creativiteit en verbeelding.

Daarna licht Lankes de actuele onderwerpen toe.

Transformationeel sociaal engagement: Als bibliothecaris moet je een vorm van activisme aanhangen. Daarmee bedoelt Lankes dat je een sociale verantwoordelijkheid moet voelen. Wij als bibliothecarissen moeten ons verantwoordelijk voelen voor de leerprocessen die een maatschappij, een gemeenschap nodig heeft om zichzelf te kunnen verbeteren. Dat betekent dat je een kritische sociale analyse moet maken. Wat speelt er in je gemeenschap en wat kun jij daar als bibliotheek aan bijdragen om hierin verbetering aan te brengen. Dat betekent dat je je zelf op de agenda moet zetten, maar dat je ook het publiek moet agenderen. Dus aansluiten bij wat je gemeenschap wil vanuit die doelstelling dat je de gemeenschap wilt helpen zichzelf te verbeteren. (Dat is dus niet u vraagt wij draaien). je moet er een lobby voor orgnaisaren, de bibliotheek sluit aan bij de grotere agenda van de gemeenschap. Dat maakt ook dat je veel beter naar mijn idee je maatschappelijke waarde kunt aantonen. Sterker nog, ik denk dat als je dit goed doet je dat nergens meer hoeft uit te leggen, dan doen anderen dat voor je. Je draagt dan namelijk bij aan het duurzaam oplossen van problemen, aan de duurzaamheid van een gemeenschap doordat je voor ze werkt en met ze werkt. Je begrijpt de maatschappelijk noden, je weet wat de maatschappij nodig heeft. Daar komt als kers op de taart ;-) conflictmanagement bij. Want dit is allemaal heel noodzakelijk en idealistisch, er zal altijd sprake zijn van conflicterende belangen of problemen. (Ik neem maar als voorbeeld de 20% van de klanten die gericht zoeken die niet blij zijn als je de bibliotheek inricht op werelden, dat conflicteert met de 80% die willen snuffelen en nu na jaren behelpen wel blij zijn met een inrichting op thema). Je moet conflicten kunnen benoemen, en daar waar mogelijk op zoek gaan naar de gezamenlijke waarde. (In het geval van mijn voorbeeld, die klanten die gericht willen zoeken een alternatief bieden van gratis thuis reserveren en het dan op kunnen halen in de bibliotheek).
www.powerpr.nl

Technologie: Lankes zegt dat je in de eisen voor vaardigheden van bibliothecarissen niet heel specifiek moet maken welke kennis men moet hebben van technologie. Er verandert namelijk veel en snel op dat gebied, dus is het handiger om in de eisen op het beoogde resultaat te gaan zien. Zoals het creëren van en onderhouden van een effectieve virtuele aanwezigheid op internet (webpresence). Verder is de vaardigheid om technologie aan te leren belangrijk, en de vaardigheid om die over te kunnen dragen aan collega's en de community. En bij die overdracht moet je als bibliothecaris de vaardigheid hebben om dat over de generaties heen te doen. Flexibiliteit is zeer belangrijk, kun je als bibliothecaris schakelen op en evolueren met de technologie. Ik zie het bij me zelf (hand in eigen boezem), ik heb braaf 23 dingen gedaan, en getuige dit blog en mijn twitteraccount maak ik ook wel gebruik van een aantal geleerde zaken. De verdiepdingen, de muziekdingen, ik heb er niet of nauwelijks naar gekeken moet ik in alle eerlijkheid bekennen. Nu is de vraag of het voor mij als directeur van belang is om alle nieuwe technologieën onder de knie te hebben, maar ik hink een beetje op twee gedachten daarbij. Goed voorbeeld doet ten slotte goed volgen ;-)  Wat verder dan nog door Lankes wordt genoemd is dat je als bibliothecaris in staat moet zijn om te crowdsourcen, naar buiten te reiken. Met crowdsourcing bedoelt Lankes niet dat je daar op zoek moet naar de derde geldstroom, hij bedoelt dat je je burgers mee laat denken in het vinden van oplossingen. De wisdom of the crowd aanspreken.

Management voor participatie: Om je gemeenschap goed ten dienste te kunnen zijn, en om ze te laten participeren in jouw bibliotheek heb je volgens Lankes begrip van institutionele duurzaamheid nodig. Hoe zorg je voor het voortbestaan van jouw organisatie, van jouw initiatieven. Daarvoor heb je kennis nodig van fondsen, gemeentelijke geldstromen en ook van hoe je je relevantie aantoont. Je zult moeten lobbyen voor je organisatie. Dat is de verantwoordelijkheid van iedere bibliothecaris. En mij uit het hart gegrepen! Van mij mogen medewerkers het best oneens zijn met beslissingen die door managementteam en mij genomen worden. We kunnen daar intern over discussiëren en kijken of we nader tot elkaar kunnen komen. Waar ik echt laaiend van word is als ik een medewerker tegen een bezoeker hoor zeggen: Dat hebben 'ze' boven besloten, ik vind het ook niks of woorden van dergelijke strekking. We staan samen voor de goede zaak, en daar hebben we het intern over. Naar buiten hebben we één  verhaal. En als je je daar niet in kunt vinden moet je je afvragen of je dan wel voor deze bibliotheek wilt werken, of hoe je verandering kun aanbrengen in het gekozen beleid door intern te bespreken hoe het anders kan.
Lankes zegt dat je als bibliothecaris ook een besef moet hebben van bedrijfsvoering, van budgettering en van economie. Eigenlijk de basis van huishouden zal ik maar zeggen ;-) Het is goed je af te vragen wat dingen globaal kosten en welke opbrengsten, in harde pecunia of in maatschappelijke waarde daar tegen over staan. Verder zegt Lankes dat je ethiek en waarden moet kennen, en met elkaar moet delen. Hij zegt dat je met elkaar moet delen. De voordelen en de winst, maar dat je ook moet weten wat je wanneer deelt met wie. Dat sluit voor mijn idee aan op wat ik hierboven zei. Verder moet je kunnen werken in en met interdisciplinaire teams, bestaande uit medewerkers van verschillende takken van sport en ook van verschillende instellingen. Dat zal in de toekomst meer en meer het geval worden als je je echt wilt gaan richten op het helpen verbeteren van gemeenschappen. En als laatste binnen dit hoofdstuk zegt Lankes dat je goed moet zijn in het analyseren van gegevens, vooraf zul je moeten bepalen welke impact je nastreeft, en welke waardering of waarderesultaat je zoekt. Als blijkt dat iets niet werkt zul je ook bereid moeten zijn de stekker er uit te trekken.

Management van 'eigendommen'/'bezit': Als bibliotheek heb je een collectie, data en een netwerk. Met deze vaardigheid bedoelt Lankes dat je als bibliothecaris ook goed moet weten hoe je dit 'bezit' moet bewaren. Hoe je het moet veiligstellen en conserveren, maar ook hoe je nieuw bezit vergaart. Welke visie heb je op je collectie, waar bestaat die uit en vooral: voor wie is de collectie bedoeld. Lankes zegt ook dat als je weet voor wie je collectie bedoeld is, je de vaardigheid moet hebben om die zo goed mogelijk te verspreiden. Je wilt tenslotte je schatten zo goed mogelijk delen en onder de aandacht brengen. Dus kennis van marketingtechnieken (in basis), kennis van ontsluiting, weten wat werkt, en dingen uitproberen. Lankes kijkt naar de bibliotheek en de collectie in de breedste zin van het woord. Hij heeft het over een markt van ideeën. Dat beeld spreekt me erg aan, zo'n markt met allemaal (streek)producten waar je lekker tussen de kramen kunt snuffelen, overal wat proberen en proeven en op een gegeven moment precies weten bij wie je wat kunt halen.

Culturele vaardigheden: Onder dit kopje zet Lankes een flink aantal zaken op een rij die heel erg actueel zijn. Hij heeft het over de bibliotheek als stilteplek. In de loop der jaren werd de bibliotheek daar heel erg mee geassocieerd, en zijn er ook in heringerichte bibliotheken (ook de onze) stilteplekken gecreëerd. Waar je je kunt concentreren en terug trekken om je nieuwe ideeën eigen te maken. Maar tegelijkertijd zegt Lankes dat je ook nieuwe vormen van leren moet onderzoeken en aanbieden als bibliotheek. Bied een discussieplatform aan, probeer gaming in de bibliotheek uit, daag uit en prikkel. De nieuwe collectie volgens Lankes gaat langs nieuwe scheidslijnen. Die scheidslijnen zijn cultuur, ras, ideeën, leeftijd, sekse. Binnen die groepen en tussen die groepen zit een spanningsveld. Niet dezelfde leerbehoeften en niet dezelfde manier waarop, en ook niet altijd begrip voor elkaar. Wij zien het in onze heringerichte bibliotheek waarbij er door sommige bezoekers wordt geklaagd dat we de jeugd over drie plekken hebben verdeeld. Dat levert bij sommige leden de verzuchting op dat het vroeger in ieder geval maar op één plek lawaaiig was, en nu nergens meer rustig. Hetgeen natuurlijk behoorlijk overtrokken is, maar dat toont aan dat er over en weer niet altijd begrip is. Je zult dus als bibliothecaris goed moeten kunnen communiceren en kunnen bemiddelen tussen groepen met die verschillende behoeften. Interculturele vaardigheden! Je moet op micro en macro niveau kunnen analyseren wat er aan de hand is en kunnen schakelen tussen de behoeften van de verschillende groepen. Dat is echt niet eenvoudig, een behoorlijke opgave. Het helpt als je als bibliotheek een gevarieerd personeelsbestand hebt, in leeftijd, sekse en  afkomst. Met het hebben van culturele vaardigheden bedoelt Lankes ook dat we zoveel mogelijk vaktaal moeten vermijden, of op zijn minst begrijpelijk moeten maken. Dat is een valkuil, ik weet dat wij het wel eens hebben over 'de catwalk', 'de werelden', 'het medialab', 'displayen'..... Als laatste van de culturele vaardigheden noemt Lankes dat je verschillende manieren van leren en van geletterdheid moet kunnen ondersteunen. Dat betekent dat je leren via gesprek, via contemplatie, via gaming, via beelden (ik denk dat gelijk ook 100 talenten) moet kunnen ondersteunen. Je moet je gemeenschap kennen en dezelfde taal als zij kunnen spreken.

Kennis/leren/innovatie : Lankes sluit dan af door te zeggen dat bibliotheken niet hetzelfde is als boeken, als een database of een gebouw. Bibliotheken zijn een missie, een 'learning space'. Dat betekent echt een positieverandering, die we niet alleen intern nog moeten maken maar ook heel erg duidelijk met onze buitenwereld moeten delen. Daar moeten we samen als bibliothecarissen aan willen bouwen. Soms moet je improviseren en soms moet je innoveren. Het gaat er om dat je als bibliothecaris op de informatietaak gaat zitten, je interpreteert de informatie en je verspreidt hem. Jij als bibliothecaris weet hoe je de informatie moet zoeken en hoe je die op betrouwbaarheid moet beoordelen. En dat is ongelooflijk waardevol. Om Neil Gaiman te citeren: Google kan je 100.000 antwoorden geven, een bibliothecaris kan je het goede antwoord geven.





maandag 19 augustus 2013

Masterclass New Librarianship, deel 6

De zomerdagen wentelen voorbij. Ik merk dat collega's weer terugkomen van vakantie, en dat ook bij gemeenten ambtenaren zich weer wat gaan roeren. Dus mijn lege agenda en mailbox vult zich langzamerhand opnieuw. Tijd om me met het New Librarianship bezig te houden dreigt er zomaar bij in te schieten. En ik ben nog maar halverwege ;-)

De laatste module die ik volgde was over de vaardigheden die een bibliothecaris volgens Lankes zou moeten hebben. Hij wijdt daar twee modules aan, een globaal en één over het Salzburger Curriculum. Hier mijn overdenkingen bij de globale module.

Volgens Lankes moet je als bibliothecaris een aantal noodzakelijk vaardigheden in je arsenaal hebben.

a toolbox: Per Erik Strandberg sv:User:PER9000
1. Je werkt in een publieke dienstverlening, en dat moet je je realiseren. Het publiek, de burger is er niet voor jou, jij bent er voor hen! Ik noem dat maar het verschil tussen klantgericht en klantgedreven. Ik geloof dat de meeste medewerkers heel erg klantgericht of klantvriendelijk zijn, maar klantgedreven gaat een stap verder. Dat betekent dat je je afvraagt wat die klant wil, dat je met hem in gesprek gaat. Dat doen wij denk ik onvoldoende. In Kennemerwaard doen we het af en toe. Vier keer per jaar via een online klantenpanel. en we hebben een groep 'klantenpeilers'. Medewerkers die getraind zijn om kwalitatief onderzoek te doen onder bezoekers van de bibliotheek over bepaalde aspecten van onze dienstverlening. (Ja ik weet dat Lankes het woord klant verfoeid) Nou ja, precies dus wat Lankes zegt, je moet je zelf ten dienste stellen van de maatschappij, hoe kun je die helpen een betere samenleving te worden. We onderzoeken denk ik nog te vaak vanuit bestaande dienstverlening. De crux ligt hem in niet alleen je bestaande dienstverlening te verbeteren maar ook om onze samenleving, de burgers waarvoor we werken dat te bieden wat ze niet verwachten maar wel willen.

2. Administratieve vaardigheden. Dat lijkt een overbodige vaardigheid, maar Lankes merkt terecht op dat je als bibliothecaris een idee moet hebben welke randvoorwaarden noodzakelijk zijn om goed bibliotheekwerk te kunnen verrichten. Dus moet je een globaal beeld hebben van welke kosten er mee gemoeid gaan, welke ICT middelen en welke personeelsinzet. Je moet een soort begroting of projectplan op kunnen stellen, en dan zijn er natuurlijk specialisten in je organisatie die dat kunnen vertalen en verwerken. Maar jij moet zelf inschattingen kunnen maken van benodigde middelen, tijd etc. Enige kostenbewustzijn is op zijn plaats. Dat moet ook weer niet doorschieten. Bij ons in de bibliotheek hebben we ongeveer twee jaar geleden budgethouderschap doorgevoerd. Ik merk dat sommige medewerkers heel veel tijd en aandacht besteden in het navlooien van rekeningen van een paar tientjes, maar juist op de grote bedragen geen idee hebben of het klopt of niet. En dat ze het lastiger vinden om bij grote bedragen en grote firma's navraag te doen op de opbouw van de rekening. Terwijl je altijd kritisch moet zijn op de kosten, maar je je ook moet afvragen wanneer je het meest effectief bent in het controleren van kosten.

3. Organisatie van de informatie. Hoe zorg je voor de ontsluiting van je informatie, hoe zorg je er voor dat burgers die informatie kunnen vinden. En hoe zorg je voor de connectie tussen mensen onderling zodat zij kennis kunnen delen. Ik denk dat met ontwikkelingen als het semantisch web, associatief zoeken (Aquabrowser), indelen op werelden, 'PIMmen', bouwen van digitale etalages er stappen worden gezet om meer in lijn met hoe een niet wetende burger informatie zoekt informatie wordt ontsloten. Dat zal vast elke keer weer scherper en beter kunnen. Vooral op het vlak van het opbouwen van een kennisnetwerk van mensen, en hoe je dat goed kunt ontsluiten.... via community's en databases... daar ligt nog een wereld te winnen denk ik.

4. Informatie zoeken. Je moet goed zijn in weten wat mensen zoeken. De vraag achter de vraag leren beantwoorden. Het 'ouderwetse' bibliothecarissenwerk, niet gelijk achter je pc duiken omdat je denkt wel te weten wat het antwoord op de vraag is. Nee, eerst met iemand in gesprek gaan om te achterhalen of je de vraag goed hebt begrepen. Want misschien ligt het antwoord wel niet in een boek of een databank, maar help je iemand veel beter door hem in contact te brengen met een expert.

5. Collectie opbouw en ontwikkeling. Een collectie opbouwen vanuit de wensen wat je gemeenschap wil en wat die gemeenschap er zelf aan toevoegt en bijdraagt.

Volgens Lankes moeten we ons realiseren dat de competenties van bibliothecarissen (bijvoorbeeld toegankelijkheid van informatie verzorgen/bieden) niet snel zullen veranderen. Vaardigheden (zoals bijvoorbeeld catalogiseren) is ook niet aan enorm snelle veranderingen onderhevig, al gebeurt daar natuurlijk in de afgelopen 10-20 jaar met tagging e.d. wel wat. Maar op het gebied van technologieën verandert er meer en sneller iets. MARC of het semantisch web maken dat het vak van de bibliothecaris op kennis en kunde in transitie is. Want de veranderende technologieën hebben uiteindelijk effect op de benodigde vaardigheden en competenties. Overigens denk ik dat het niet alleen de technologieën zijn, het zijn de veranderende wensen van de maatschappij om ons heen. Die maken dat bibliothecarissen zich verantwoordelijk moeten voelen voor hun eigen transitie en veranderingsproces. Je moet omdat je voor het publiek werkt, voor de maatschappij. En omdat die verandert moet jij mee.