Posts tonen met het label marketing. Alle posts tonen
Posts tonen met het label marketing. Alle posts tonen

donderdag 22 december 2022

Al doende leren op onbekend terrein

We zijn als bibliotheek Kennemerwaard bezig met een groot project dat de naam The Third Space draagt. In dit project zijn we samen met nog 8 bibliotheken, medegefinancierd door PICA op zoek naar hoe we bepaalde doelgroepen beter kunnen bedienen. We onderzoeken waar hun behoeften liggen en gaan samen met hen ‘iets’ ontwikkelen dat past bij hun vraag. We willen ook ontdekken hoe we ons aanbod hybride kunnen maken, online en offline. We hebben een kleine kerngroep, projectgroep die het project trekt.  Het is een zoektocht op voor ons (relatief) onbekend terrein

We hebben ervoor gekozen om ons te richten op jongeren zonder startkwalificatie. Dat sluit mooi aan bij een proeftuin die we in onze vestiging De Mare aan het opzetten zijn en bij het project JobFlow dat we met subsidie van de Koninklijke Bibliotheek uitvoeren voor diezelfde doelgroep.  

Waar te beginnen? Het is een groep die de bibliotheek niet of nauwelijks bezoekt en die de bibliotheek niet of nauwelijks bereikt. Hoe groot is deze groep eigenlijk? Daarvoor doet onze marketingmedewerker, tevens projectleider, eerst stevig deskresearch. En wat blijkt, juist in de wijk De Mare is deze doelgroep oververtegenwoordigd bij aansprak op jeugdzorg. Hier ligt dus wel een kans om iets voor deze groep te doen.  

Om de doelgroep te kunnen bereiken hebben we contact gezocht met de verschillende partners in de stad. In het gebouw van één van onze partners hebben we een bijeenkomst met jongeren gepland waarin we hen bevragen op waar ze tegen aan lopen, of ze nog wel eens in de bibliotheek komen, waarvoor ze wel naar de bibliotheek zouden willen komen. 


De belangrijkste opbrengsten van die bijeenkomst is dat jongeren gelijkwaardig behandeld willen worden en dat ze niet oordelend tegemoet getreden worden. Dat krijgen ze al te vaak van ouders, onderwijs en hulpverleners. De bibliotheek kan daarin dus echt onderscheidend zijn en daar ligt ook gelijk een uitdaging voor ons. Te vaak hebben jongeren al een negatieve ervaring met de bibliotheek gehad, zijn ze eruit gestuurd omdat ze zich ‘niet hebben gedragen'.  Hoe zorgen we ervoor dat we op een open manier met jongeren het gesprek aangaan als ze in de vestiging wat al te zeer ‘aanwezig’ zijn. 


Lezen doen deze jongeren niet of nauwelijks meer, lenen doen ze zeker niet. Op waarvoor ze dan wel naar de bibliotheek willen komen zijn de antwoorden divers. Een soort rode draad valt wel te ontdekken in hun antwoorden. Vrijetijdsbesteding in de vorm van gamen, sporten, muziek of spelletjes. In mijn woorden: zorgen dat er een groep gelijkgestemden is waarmee ze dingen samen kunnen doen. Een ander element wat een aantal keren werd genoemd is het geven van informatie, onder andere over muziek, voorlichting over drugs en informatie over toeslagen, budgetteren, regelen van verzekeringen etc.  

In een vervolgsessie gaan we nadenken over iets wat we concreet de jongeren kunnen bieden en dat samen met hen ontwikkelen. Al doende leren met de jongeren en met elkaar. Wordt vervolgd dus... 

dinsdag 14 juli 2015

Wijze lessen van Seth Godin

Ik volg al een tijdje het blog van Seth Godin. Niet altijd kan ik iets met zijn overdenkingen, maar dat zal vast met de lezers van mijn blog ook zo zijn ;-) Een tijdje geleden had Seth een blog over hoe je ideeën in een organisatie een goede voedingsbodem kunt geven, en welke rol je daar als directeur in kunt hebben. Daar benoemde hij een aantal stevige aandachtspunten voor medewerkers en directeuren die ik graag (in rood min overdenkingen daarbij) met jullie deel.

Seth benadert veranderingen graag alsof het om marketingacties gaat. De principes van marketing zijn wat hem betreft goed toepasbaar op je organisatie. Hij geeft tips hoe je daar als medewerker of directeur/leidinggevende gebruik van kunt maken wanneer je verandering wilt.

Het gaat volgens Seth om de perceptie, die indruk of de impact die je wilt maken.
* Permissie: Hiermee bedoelt Godin niet dat je permissie zou moeten hebben, maar meer of het je 'gegund' wordt. Ben jij iemand waarna geluisterd wordt, vinden collega's het interessant om van je ideeën te horen, zijn ze er nieuwsgierig naar? En als dat niet zo is, hoe zorg je er voor dat wat jij te vertellen hebt interessant voor ze wordt?
Nou dat is natuurlijk een leuke vraag voor een directeur, wordt er wel naar mij geluisterd. Een lekkere realitycheck ;-) Nu denk ik dat er over het algemeen wel naar mijn ideeën geluisterd wordt, maar daarnaast vind ik het ook belangrijk om te weten wat onze medewerkers er van vinden. Dat helpt me namelijk in het scherpen van ideeën en maakt de plannen over het algemeen beter.
* Ideavirus: Breng jij je ideeën verder in de organisatie? En worden ze ook verder gebracht, ben jij niet de enige die met je goede idee op pad gaat? Hoe zit dat met de betrokkenheid van je collega's op de plannen? Hebben ze het er ook over als jij er niet bij bent?
In alle eerlijkheid moet ik bekennen dat ik meer van de ideeën binnenbrengen ben, of over de schutting gooien als je het negatief wilt zien;-) Met een collega ergens op bezoek en dan vervolgens gaat de collega er mee aan de slag. Waar nodig leg ik het bij een leidinggevende neer, of bij een ambtenaar als ik denk dat er bij de gemeente nog wat draagvlak moet komen. Het komt ook wel voor dat ik zelf eerst een plannetje uitwerk, maar meestal gaat het dan om de grote lijnen en niet om de uitvoering zelf. Goede ideeën die door een ander onder mijn aandacht worden gebracht breng ik wel graag verder, door te kijken of we ergens uren of budget vrij voor kunnen maken, of ergens een potje met geld aan kunnen boren. 
* Je verhaal: Achtergrondgegevens zijn natuurlijk heel belangrijk, en het initiatief op zichzelf. Maar past het bij het verhaal van je organisatie en bij de mensen die bij je organisatie werken? Heb jij het bijvoorbeeld over kosten of over winst, terwijl de organisatie meer gericht is op maatschappelijke impact (of andersom). Stuur je dan wel de juiste boodschap de organisatie in? Ga je dan je beoogde verandering wel bereiken? Een belangrijk element waar je als verteller van het verhaal wel rekening mee dient te houden, en wat vaak over het hoofd wordt gezien.
Een scherpe vraag die Godin stelt. Ik ben snel geneigd om ergens een kans in te zien, en kan een idee ook wel 'passend' praten in één van onze programmalijnen. Die programmalijnen hebben als achterliggende motivatie het maatschappelijk effect. Tegelijkertijd ben ik ook wel zo reëel om in gesprekken met medewerkers aan te geven dat het noodzakelijk is om inkomsten te genereren met onze activiteiten. De verandering bij Kennemerwaard moet op beide elementen van de vraag van Godin plaats vinden. Er moet meer inkomstenbewustzijn komen én er moet meer tijd en aandacht komen voor het uitvoeren van de programmalijnen. Overigens wat mij betreft met de prioriteit op het laatste, en dan komt daarna het eerste ook aan de orde. 
veranderingsprocessen www.c2m-management.nl

* Bijzonder: Doe je iets wat zo bijzonder is dat het noodzakelijk is om er over te praten?
Hah! Jazeker doen wij bij Kennemerwaard iets bijzonders ;-) We proberen nieuwe dingen uit zoals programmeren voor kinderen, mediawijsheidslessen voor pubers, taal- en leescafé's, lezen in de keuken, leeskring voor beginners. Dag en Dauw, duurzaamheidscommunities laten ontstaan, erfgoedprogramma's,  lees- en mediaconsulenten op (basis)scholen etc. etc. Heel veel dingen zijn misschien voor collega-bibliotheken niet bijzonder, want het gebeurt op meer plekken in het land. Maar voor onze medewerkers is het belangrijk dat ze van elkaar weten wat ze doen, waar ze enthousiast van raken. Door die kennis eerst onderling te delen kunnen ze allemaal stuk voor stuk optreden als ambassadeur van de bibliotheek. Want het de goede boodschap verkondigen begint intern in je organisatie, en dan raken medewerkers hopelijk zo geïnspireerd dat ze op verjaardagen trots vertellen over wat de bibliotheek tegenwoordig allemaal doet.
* Clans/groepen: Wie zit er in je 'team'? Niet omdat ze hiërarchisch gezien bij jouw team horen, maar omdat ze met je mee willen doen. Zijn de mensen die bij je 'team' horen degene die geleid willen worden, en degene die willen helpen om de organisatie te veranderen omdat zij denken dat de richting die je in wilt slaan de juiste is?
Wat ik leuk vind van onze organisatie is dat we vrij veel medewerkers hebben die wars zijn van hiërarchie. Die lopen bij een MT-lid naar binnen omdat ze even willen sparren. Die weten dat ze altijd een beroep op mij kunnen doen op het moment dat ze ergens naar binnen willen komen met een goed idee. Wat dat betreft denk ik dat er heel veel van onze medewerkers in 'het' team zitten. (Ik wil niet spreken van 'mijn' team, want de organisatie bestaat gelukkig uit veel meer mensen dan mijzelf die willen veranderen omdat ze de noodzaak er van in zien, en omdat ze er plezier aan beleven!). 
* Verspreiding van ideeën: Breng jij je ideeën bij de 'early adopters' en zorg je ervoor dat zij door met het idee aan de slag te gaan het idee breder in de organisatie draagvlak krijgt? En zorgen zij er voor dat uiteindelijk de ideeën door de meerderheid begrepen en uitgedragen wordt?
We hebben de goede gewoonte in Kennemerwaard om met onze plannen intern 'de boer' op te gaan. Het MT zit niet in een kamertje in een ivoren toren ideeën te bedenken en kondigt vervolgens vervolgens per decreet aan wat het nieuwe beleid is. We praten veel met elkaar. Aan de koffietafel, tijdens teamoverleggen, werkoverleggen, tijdens de zogenaamde 'roadshows'. Dan zie ik dat ideeën ook rijpen, input van medewerkers brengt het idee verder en men helpt elkaar om verder te komen. Het is dus niet zo dat ik dat doe, maar dat het een redelijk natuurlijk principe is wat in onze organisatie aanwezig is. Overigens vaak wel aangejaagd door een leidinggevende als het om een grotere groep van medewerkers gaat, maar onderling weten collega's elkaar goed te vinden om zaken af te stemmen, door te praten etc.
Dan eindigt Godin met de opmerking dat interne marketing begint met nadruk. Weet wat je wilt bereiken, welke boodschap je wilt overbrengen. En wees daar net zo alert op alsof je een product extern op de markt wilt brengen. Elke memo, email en presentatie die je intern doet of verstuurt is een marketingactie en moet je als zodanig behandelen.
Ik ga denk ik de tekst van mijn email-handtekening aanvullen met het motto van ons meerjarenbeleidsplan ;-) Dat is alvast een begin.

vrijdag 20 april 2012

Spiegelbeeld



De afgelopen tijd zijn we in Kennemerwaard bezig geweest, met hulp van een externe partij, om te kijken wat het beeld van bedrijven is als zij aan de bibliotheek denken. Dan blijkt dat de spiegel die we voor gehouden krijgen door bedrijven, heel anders is dan het beeld dat we van ons zelf hebben.
Hieronder geef ik jullie een paar beelden zoals bedrijven die aan ons terug hebben gegeven:

Hoge knuffelbaarheidsfactor en een achterhaald beeld:
●     De Openbare Bibliotheek is een instituut dat op veel goodwill kan rekenen. Een Openbare Bibliotheek roept nostalgische herinneringen op uit de jeugd. Echter de bibliotheek speelt bij de meeste respondenten nauwelijks meer een rol van betekenis, tenzij men de bibliotheek bezoekt met (eigen) kinderen/kleinkinderen of men op zoek is naar zeldzame exemplaren van boeken en/of CD’s.
●     Het is de algemene opvatting dat de Openbare Bibliotheek nobele doelen nastreeft, zoals het bevorderen van de leesvaardigheid en leesplezier, mediawijsheid, toegang tot informatie, etc.
●     Het beeld dat men heeft van het profiel van de leners, is de onderkant van de maatschappij en kinderen (veelal van hoger opgeleide ouders).
●     Het woord bibliotheek roept wat stoffigs op, het is er niet dynamisch, weinig tot geen beleving, je moet er stil zijn!
●     Bibliotheek Kennemerwaard speelt een belangrijke rol ter ondersteuning van leesbevordering bij kinderen.

Onvoldoende naar buiten gericht:
●     Het begrip/woord mediawijsheid wordt gezien als een intern bibliotheek begrip en men kan zich er moeilijk iets bij voorstellen.
●     Men is niet op de hoogte van de vele diensten en activiteiten die vanuit de Bibliotheek Kennemerwaard worden geïnitieerd. Men is hierover positief verrast en men ziet dat de aangeboden diensten maatschappelijke waarde hebben en men ziet graag dat deze diensten ook in de toekomst gecontinueerd worden.

Weinig toekomstperspectief:
●     De huidige bibliotheek wordt voornamelijk gezien als uitleenhuis, belangrijk voor de taalontwikkeling bij (jonge) kinderen.
●     De perceptie is dat bibliotheken in de toekomst minder m2 nodig hebben in verband met de aankomende digitaliseringslag.
●     Het huidige imago van de bibliotheek is op dit moment minder aantrekkelijk voor bedrijven om zich mee te kunnen associëren. De belangrijkste redenen hiervoor zijn:
o   Dat men de perceptie heeft dat de leden van de bibliotheek uit een sociaal lagere klasse zijn.

o   Een boek lenen bij de Openbare Bibliotheek in de optiek van marketeers een inferieur product is.(In de marketing theorie bestempelt een product als inferieur indien het product minder wordt gekocht als het inkomen stijgt. Voorbeelden van inferieure producten zijn, hamburgers, caravans, busreizen, etc.)
o   Men het uitlenen van papieren boeken associeert met een product dat aan het einde van zijn levenscyclus is. Waardoor het voor bedrijven weinig aantrekkelijk is om zich ermee te associëren.

Werk aan de winkel
Het gaat er niet om of wij in de bibliotheek vinden of dat beeld terecht is. Dit is wat anderen van ons vinden, en waar we dus mee te maken hebben. We zullen dus de beelden moeten behouden die goed zijn, en overboord gooien wat dat niet is. En heel hard werken aan nieuwe producten, en ze vooral heel erg goed onder de aandacht brengen! Want er liggen zeker kansen. Als je bedrijven vertelt wat we allemaal doen zijn ze positief verrast. Men vindt de waarden waarvoor de bibliotheek staat erg belangrijk voor onze maatschappij. Het is dus zaak om nog meer naar buiten te gaan, met een goed verhaal om dit beeld om te buigen.
strip Margreet de Heer