Zijn betoog ging over de focus in onze maatschappij op het lichaam en de lichamelijke gezondheid. Veel aandacht is er voor sport, voorkoming en bestrijding van obesitas. Daar gaat veel geld en tijd naar toe, en daar zitten grote zorgen bij de overheid.
Vervolgens vertelde Kuyper over zijn jeugd, over hoe mooie verhalen hem hadden gevormd. Hoe hij nu ziet dat kinderen niet of nauwelijks meer lezen. Tv kijken, gamen en achter de I-Pad. De ziel van een kind is gekrompen van 21 naar 17 gram. De kinderziel wordt steeds kleiner gemaakt omdat er op scholen niet genoeg aandacht is voor lezen, en voor ook 'moeilijk' lezen. Kinderen krijgen teveel pulp aangereikt. Waar bij de keuze voor kleding, een school, een sportclub, speelgoed het beste vaak niet goed genoeg is, wordt als er al boek wordt gekocht een boek van de hoogste stapel (lees bestseller) gekocht. De fantasie van kinderen wordt niet meer geprikkeld, en dat is doodzonde.
Kuyper meldde dat het neerzetten van kinderboeken op scholen allemaal wel leuk lijkt (de Bibliotheek op School) maar dat dit de dood in de pot is voor kinderboekenschrijvers die zo helemaal geen inkomsten meer krijgen vanuit het leenrecht. En voeg ik er dan maar aan toe, het gaat om die leesconsulent van de bibliotheek of die bevlogen leerkracht die kinderen enthousiast maakt voor boeken. Alleen boeken neerzetten helpt niet, kinderen moeten het leuk (gaan) vinden!
Al met al hield Sjoerd Kuyper een bestraffende wijsvinger op naar de overheid. Die bezuinigt op cultuur, op schrijversbeurzen, op bibliotheken, op onderwijs. Daarmee veroorzakend dat de kinderziel steeds verder krimpt en geen nieuwsgierigheid meer voelt, geen leervermogen meer heeft, geen taalgevoel. In de oude Griekse uitdrukking gaat de geest ook voorop "een gezonde geest in een gezond lichaam". Dat is niet voor niks: mensen die veel lezen, hebben procentueel ook een gezondere levensstijl, andersom is het helaas niet zo dat mensen die veel sporten ook lezers zijn. Kuypers verhaal was af en toe als een parabel, een sprookje met de harde werkelijkheid als ondertoon.
Herman ten Cate, Het beleg van Alkmaar, 1573 |
Jullie begrijpen dat beide toespraken mij uit het hart gegrepen zijn. En wat ben ik blij dat twee belangrijke toespraken in Alkmaar dit thema op de agenda zetten. En echt, ik heb niets met de agendering van het onderwerp te maken gehad. Kan het besef dat lezen net zo belangrijk is als sporten een olievlek worden, kunnen gemeenten ophouden met bezuinigen op bibliotheken, scholen meer inzetten op leesplezier en leesonderwijs met ondersteuning van bibliotheekmedewerkers? (Gelukkig is dat besef bij onze gemeenten al behoorlijk aanwezig). Als in Alkmaar 2 keer binnen een half jaar dit onderwerp door belangrijke maatschappelijke spelers aangekaart wordt, dan kan dat toch ook elders in Nederland?!
Kan dan het oude gezegde opnieuw waarheid worden? VAN ALKMAAR DE VICTORIE?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten