Posts tonen met het label leren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label leren. Alle posts tonen

dinsdag 12 februari 2019

Brave new learning conference, 11-12 februari 2019


De afgelopen twee dagen was ik op de conferentie Brave New Learning, in de Openbare Bibliotheek Amsterdam. Slimme mensen uit onderwijs, bibliotheek en aanverwante sectoren spraken zich uit, wisselden ervaringen uit, inspireerden en discussieerden over wat we kinderen van nu mee moeten geven aan kennis en vaardigheden om toegerust te zijn voor de banen in 2050. Een wenkend perspectief, maar ook nogal een hooggegrepen ambitie. Kunnen we met de kennis van nu voorspellen wat we dan nodig hebben? Er is in ieder geval gepassioneerd over gesproken. Hieronder wat ik aan aantekeningen en bespiegelingen heb opgeschreven.:
Paneldiscussie op maandag over the learning friendly city

Philip Schmidt, MIT medialab kwam met het verhaal over zijn opleidingsinstituut. Studenten voelden geen connectie meer met het instituut. Ze waren te groot geworden, dus studenten hadden geen gevoel meer bij welke community ze nou hoorden. Bij MIT hebben ze dat opgelost door weer kleinere evenementen te organiseren waar mensen elkaar leren kennen, en bibliothecarissen weer contact kunnen leggen met de individuen en hun behoeften. Hij gaf in zijn verhaal ook aan dat hij centrale bibliotheken belangrijk vindt, de flagshipstores waar je echt uit kunt pakken. Belangrijker zijn de vestigingen in de wijken en dorpen in zijn ogen. Daar is meer en makkelijker contact met de inwoners van de wijken te leggen, de impact van programma's is groter door naar buiten te gaan.

Rolf Hapel, Aarhus legde de gedachte achter de vier ruimten van de bibliotheek uit, die zijn digitaal and analoog.
Inspiration space, serendipiteit
Learning space,
Meeting space, democratie, ontmoeting, gesprek 
Performative space, innovatie, uitvoering Bij het ontwikkelen van de nieuwe bibliotheek in Aarhus is in het begin en nog steeds grote groepen van bewoners gevraagd om mee te denken. De input die ze daar ophaalden heeft veel veranderingen veroorzaakt in de opzet van de bibliotheek. Eén van de belangrijkste elementen daar is het principe van Homo ludens: de spelende mens. Als je zorgt dat je het plezier van leren en spelen aan blijft spreken blijf je interessant voor jong en oud. 

Corinne Vigneux, Tom Tom & Codam college
Codam: opleiding voor coding, vanaf 15-16 jaar. Het gaat niet zozeer om het leren van coderen, maar veel meer peer-to-peer leren. Kinderen leren samenwerken, ze moeten elkaar leren beoordelen op hun samenwerking en prestaties. Het initiatief is gedeeltelijk ontstaan door een tekort aan leraren die 21ste eeuwse vaardigheden, en dan vooral op het gebied van computional thinking kunnen over brengen. Leraren hebben het curriculum ontwikkeld, kinderen moeten zelf aan de slag. Er is een toegangstest voorde school maar die is niet doorslaggevend. Kinderen mogen een maand meelopen, en daarin worden ze gevolgd in hun ontwikkeling.  Daarna volgt een beoordeling of ze mogen blijven of niet.
Ik vroeg me daarbij af of zo'n systeem ook zou kunnen werken in onze makerspaces en bv met de programma's van CISCO? Omdat we te weinig personeel hebben om hier vol op in te kunnen zetten, wat zou je dan kunnen doen met peer-to-peer learning?

Martti Raevaara, Aalto University
Studenten zijn zelf onderdeel van het curriculum, cocreatie en peer to peer. De universiteit focust op ondernemerschap, aanmoedigen van eigen initiatief ipv consument of klantgedrag.  Op de campus naast de universiteit ook een kinderdagverblijf en basisschool plus ruimte voor start ups die samenwerken en elkaar voeden en feedback geven op het gehele proces van leren. School als een service, in plaats van als product of als component van een leertraject is de benadering die ze kiezen.

Daarna ontstond er een discussie met de zaal en het panel waarin onder andere dit ter sprake kwam:
Wat is de maximum grootte voor een community, Dunbar, U.K. heeft daar theorie over. 500 ?  De mens is 'geprogrammeerd' om binnen bepaalde groepsgrootte samenwerken. Bibliotheekgebouwen zouden daar ook op ingesteld moeten zijn, en de medewerkers toegerust om dit te ondersteunen. Verschillende ruimten voor verschillende processen.
Hoe maak je de mix tussen formeel en informeel leren. Dat is met name interessant binnen scholen, maar hoe kan de bibliotheek dat goed ondersteunen. Bibliotheek zou kunnen focussen op het leren leren, soft skills, niet de technische vaardigheden want dat verandert steeds.

Daarna volgde ik een workshop van Catalina Catan, een zzp'er die met design thinking bezig is op het gebied van onderwijs.
Future learning, speculative design
Probleem in huidige onderwijs: push aanpak op leren, vanuit schaarste van kennis.
Probleem is niet de schaarsheid van informatie, maar de informatie overload
4 c's zijn belangrijk geworden: communicatie, creativiteit , critical thinking, co-creation (?)
Science richt zich meer op hoe de dingen zijn (verklaring) terwijl design zich richt op hoe de dingen zouden moeten zijn.


Vandaag startte weer met een plenaire discussie: skills or the job markets of the future
Paul Hunter, Digital learning director, IMD, trad op als discussieleider.  
Michiel Dijkman, Samsung CSR (Corporate Social Responsibility) programma gestart 6 jaar geleden. Ze hebben innovatie het onderwijs ingebracht: eerst hardware, maar daarna ook programma's voor leerkrachten. Kennis en vaardigheden zijn nodig om de apparatuur te bedienen, en er innovatieve onderwijsprogramma's mee te ontwikkelen. Het gaat niet alleen om kennisoverdracht maar vooral ook het toepassen van de kennis.  Samsung ontwikkelt een app waarmee leerkrachten hun kennis kunnen beschikbaar stellen en kunnen zoeken naar collega's elders met kennis die zij niet hebben. Ze kunnen een pitch houden van hun ideeën, online en offline contact leggen. Achterliggend idee is dat leerkrachten van elkaar leren, en uiteindelijk door elkaar te inspireren betere lesprogramma's ontwikkelen voor kinderen zodat ze beter toegerust zijn voor toekomstige banen.

Viktor Bos, Amsterdam economic board
Programma's gericht op meer leerkrachten met IT vaardigheden zodat kinderen op school beter les krijgen, met name op gebied van informatica en programmeren. Daarnaast omscholings- en bijscholingsprogramma's zodat meer mensen in de IT kunnen gaan werken.
Manifesto circular education, in elke vorm van onderwijs aandacht voor circulaire industrie.

Stan Majoor,  urban management Hogeschool van Amsterdam (University of applied Science ) Nadenken over wat voor educatieve programma's je nodig hebt om informeel, cross sectoraal leren en vaardigheden ontwikkelen te stimuleren en te valideren.

Lucian Cosinschi, Minerva Schools
Ontwikkelen van een nieuw soort universiteit. Waarbij de competenties van afgestudeerden beter aansluiten bij de vraag van het bedrijfsleven.
Vier kerncompetenties
Persoonlijke vaardigheden, interpersoonlijke vaardigheden Critical thinking, creative thinking, effectieve communicatie en interactieve communicatie.
Deze vaardigheden worden meegenomen in het curriculum, naast de normale vakken. De universiteit biedt veel praktijkonderwijs gedurende de vier jaar, met ook colleges op verschillende werelddelen. Global citizenship vinden zij een belangrijk onderdeel van de educatie.

Martin Diepeveen, Microsoft NL
Kennis wordt minder belangrijk om op te testen, want veel kennis raakt achterhaald binnen een jaar of vijf. Het gaat er om dat je de juiste kennis op het juiste moment hebt. Dus meer je vaardigheid om dit te leren, je leerattitude is van belang. Dat zit meer in de softskills, leervaardigheid, houding en ook creativiteit, sociale en emotionele vaardigheden.
Social-emotional skills, growth mindset, ethics.

Tijdens het vragenkwartier met de zaal werd er één belangrijke kwestie aan de orde gesteld. Het panel was een 'all-white, all-male' panel. De mannen hadden er niet over nagedacht dat ze hier zelf een rol in kunnen spelen. Als je gevraagd wordt in een panel, vraag je dan wie er nog meer in dat panel zitten? En ben je bereid om de naam van een collega aan te dragen die kan zorgen voor een diverser samengesteld panel. In alle eerlijkheid moet ik zeggen dat ik zelf die vraag ook nog nooit heb gesteld als ik voor een spreekbeurt of panel wordt uitgenodigd. Zette mij wel aan het denken. De mannen gaven aan dat ze blij waren met de feedback en het zich aan trokken dat ze hier niet over na hadden gedacht. 

Als laatste ben ik naar een workshop geweest van Noah Schöppl die betrokken is bij Project Together - how to transformative social innovation. In een sneltreinvaart trok hij ons door het proces om van een (sociaal) idee naar uitvoering te gaan. Hieronder nog wat aantekeningen over wat hij aan informatie vooraf gaf:
Vijf uitdagingen voor sociale ondernemers 
1. Mainstreaming vs greenwashing (grote bedrijven nemen bv duurzaamheid over maar niet echt, marketing ) 2. Diversiteit 
3. Heropreneurship va system practice.. wat wil je bereiken, voor wie en hoe ga je het echt bereiken.
4. Well being vs performance
5. Technology.. je moet ook veranderen binnen de technologie, mede vormgeven

Wat is belangrijk
1. Luister naar je doelgroep
2. Denk groot, ga niet voor kleine wijzigingen maar voor grote impact.
3. Begin klein
4. Ga snel, snel, goedkoop en dirty... veel prototypen.
5. Vind de juiste partners maar blijf onafhankelijk 
6. Cut the bullshit... zet je zelf niet op een voetstuk, je bent zo sterk als je netwerk waarmee je iets in beweging hebt gezet.
7. Verander het systeem, zoek voor indirecte impact.
En daarna moesten we met elkaar aan de slag en een idee uit werken.

Al met al veel opgestoken deze twee dagen. Veel gepraat met mensen van binnen en buiten de bibliotheek. Aantal goede ideeën gehoord waarmee we in Kennemerwaard verder kunnen.

vrijdag 11 oktober 2013

Mentale voorkeur

Eerder dit jaar blogde ik over een workshop die ik volgde bij Satori en Knowmads. Daarinkrijg je aan de hand van een organisatiespel inzicht in hoe erg wij soms in hiërarchische systemen gevangen zitten, en wat het doet met mensen. Huib Kraaijeveld, de begeleider van die dag, vertelde mij toen al dat het een tweeluik was, en dat ik dus ook nog de body en mindworkshop zou moeten volgen om het volledige effect te krijgen. Goede koppelverkoop ;-) Dat is niet eerlijk om te zeggen, want Huib doet dit soort sessies met studenten van Knowmads, met bevriende relaties tegen een vriendenprijs, vooral om ons te laten proeven aan heel andere workshops, trainingen dan een gemiddeld trainingsbureau of consultantbureau je zou laten beleven.

Huib Kraaijeveld 
Vandaag dus de workshop body en mind. Het begon met een half uur Aikido, een Japanse vechtsport, die gebaseerd is op het principe om de energie van je aanvaller te gebruiken. Je zet zijn energie in om er een tegengestelde beweging van te maken door eerst mee te bewegen, de ander uit zijn evenwicht te halen en dan jouw beweging daarvoor in de plaats te brengen. Ik zeg het maar in mijn bewoordingen, ik weet zeker dat Huib daar heel andere, betere bewoordingen voor zou hebben. Door ook lijfelijk te oefenen merk je hoe zeer je soms niet 'in je lijf' zit, maar in je hoofd. En dat het goed is om je te realiseren dat je lijf wel mee moet doen als je niet opgebrand wilt raken.

Daarna gingen we aan de hand van een businesscase oefenen met onze mentale voorkeuren, volgens het mental preference mind board. Voor de workshop hadden we allemaal een vragenlijst moeten invullen zodat onze begeleider wist welke voorkeur we hadden. Er was een acteur aanwezig die zich perfect in de verschillende rollen wist in te leven. Even kort uitgelegd, je hebt vier stijlen: Logisch, Creatief, Praktisch, Emotioneel. Hoe je een probleem aanpakt is sterk afhankelijk van hoe je voorkeur is. Ook hoe je naar andere mensen kijkt is afhankelijk van je eigen voorkeur. Mijn voorkeur is een mix van logisch en creatief, hoewel ik ook wel een tikje emotioneel in mij heb. Praktisch is een rol die je mij liever niet moet geven, hoewel... als ik er over nadenk... dan kan ik dat ook wel, maar ik vind het niet echt leuk.

Wat ik bijzonder vind aan het volgen van zo'n workshop is dat Satori (Huib) dat altijd doet met studenten van KnowMads. Jonge mensen die enthousiast zijn, overal vandaan komen (uit heel Europa), en die heel graag willen leren. Met hun onbevangen blik maken ze dat ik ook weer fris kan kijken naar processen tussen mensen zonder in een oordeelstand te schieten. En ik zie ook gelijk weer hoe ik dan in onze eigen bibliotheek dit kan gebruiken. Want een flink aantal medewerkers van onze organisatie zit veel meer in de voorkeur voor emotioneel en praktisch. Dat betekent dat ik nu weer heb geleerd om in gesprekken, in presentatie voor medewerkers over toekomstperspectieven aan te sluiten bij wat voor hen belangrijk is. Hoe gaan we het doen en wat betekent het voor onze mensen, dat zijn die dingen die aansprekend zijn voor de praktisch en emotioneel ingestelde medewerkers. En natuurlijk ook daar waar nodig een vertaling maken voor de logische en creatieve mensen die we ook hebben. Dus analyses en er bij betrokken kunnen zijn. En daar ligt dan de link met de Aikido-oefeningen die Huib ons aan het begin liet doen, de metafoor. Beweeg met de mentale voorkeur van een ander als je die mee wilt nemen op je pad. En laat die doordat je dat doet ook een andere weg zien, samen op pad.

Voor een ieder die geïnteresseerd is in een workshop bij Satori raad ik aan eens op de website te kijken en teken vooral eens een keer in en laat je verrassen.

zondag 9 december 2012

Wie heeft het juiste recept?

Afgelopen dagen heeft zich, wederom, een felle discussie afgespeeld over het retaildenken in het openbare bibliotheekwerk in Nederland. Aanleiding was een interview in Bibliotheekblad met Hanneke Kunst, aanhanger en aanjager van retaildenken van het eerste uur. En daarop kwamen de reacties van vermaarde tegenstanders van dit denken en ook voorstanders van dit concept. Ook op twitter barstte de discussie weer los.

Ik moet zeggen dat ik er inmiddels heel erg moe van word. Want wie heeft nou het juiste recept om de bibliotheek van de toekomst neer te zetten? Je kunt heel veel van retail vinden, je kunt het prachtig vinden, want meer leden en meer uitleningen. Je kunt het afschuwelijk vinden want het gaat in de toekomst niet meer over uitleningen en leden, het gaat om zingeving en het gaat om maatschappelijke waarde. In ieder geval denk ik dat je het niet als een doel moet zien, maar als een middel. En zo gebruiken wij het dus ook. Een middel om vernieuwing in te zetten. Eén die voor veel medewerkers nog behapbaar is, en dat zelfs nog niet altijd. Wij zetten het in om onze huidige lezers beter te kunnen bedienen, en om het beeld dat zij van de bibliotheek hebben positief te beïnvloeden. Daar zijn vast ook andere manieren voor... wij gebruiken retail.

Er zijn collega's in het land die geloven dat het e-book onze redding is, mits we de rechten eindelijk voor elkaar krijgen. Er zijn collega's die daar absoluut niet in  geloven. Ook hiervoor geldt dat het geen doel op zich is, het is een middel. En het is goed om te kijken hoe je dit in je dienstverlening kunt opnemen. Want ons publiek heeft op dat gebied wel een verwachtingspatroon, ze willen het graag via de bibliotheek kunnen lenen. Zo niet, hebben ze nog wel een vriend, vriendin, kennis die voor hen 5.000 titels op een stickje zet. Dat lid zie je nooit meer terug en die schrijft zich uit. In Kennemerwaard bieden we dat wat er is op landelijk niveau, uitgezonderd het e-portal van de NBD,  via onze website aan. Dus zijn wij blij met Lees meer, al kan het allemaal nog veel beter.

Er zijn collega's die vinden dat het om zingeving moet gaan, om de informatiefunctie, om content curation. Er zijn er  die dat een heilloze weg vinden. Wij zijn die positie in hun ogen al jaren kwijt en gaan die achterstand nooit meer inlopen. In Kennemerwaard zetten we wel met hernieuwde krachten in op de informatiefunctie. Door mee te doen met Biebsearch, door met combinatiefunctionarissen op scholen het onderwijs te ondersteunen in leesbevordering en informatievaardigheden. Dat vraagt andere medewerkers met andere competenties. Daar moeten we ruimte voor vinden, soms in eigen begroting, soms door co-financiering. Met een krimpend budget en bulten ambities is dat niet eenvoudig.

Je zou kunnen zeggen dat bibliotheek Kennemerwaard een opportunist is. of dat we geen visie hebben op het bibliotheekwerk. Ik denk dat we al werkend aan verbetering op zoek zijn, naar hoe we de waarde van de bibliotheek voor de toekomst nieuwe invulling kunnen geven. Wij hangen alles wat we doen op aan de behoeftepiramide die ons richting geeft. Want we doen veel, proberen het goede te behouden en tegelijkertijd te vernieuwen en te innoveren. Ik weet zeker dat heel veel collega's in het land op dezelfde manier bezig zijn, ieder vanuit zijn of haar idee van wat goed is nu en in de toekomst. Laten we vooral open staan voor elkaars ideeën  en van elkaar leren. Want al wil je niets met retail, dat wil niet zeggen dat de gedachte die er in ieder geval voor mij achter zit, kijken en luisteren naar je klant, een heel belangrijke is. En dat moet zich niet beperken tot je fysieke vestiging, ook in het educatieve en digitale terrein gaat dit op. Het gaat er om dat besef bij je medewerkers tussen de oren te krijgen, voor zover ze dat niet hadden. En dat het bibliotheekwerk van de toekomst er één is waarin je je plek in de maatschappij moet bevechten op maatschappelijke waarde. Door je burgers verdieping te bieden, door ze ter verleiden iets te ontdekken wat ze daarvoor nog niet wisten, om ze het beste uit zichzelf te laten halen, ze de mogelijkheid te geven zich te ontwikkelen.

Ik vind de Overijsselse bibliotheken een mooi voorbeeld. Zij voeren de retail door, en zetten daarnaast ook met hun Innovatielab goed in op vernieuwing, digitale ontwikkelingen en zingeving. Het één kan prima naast het ander bestaan, en waarschijnlijk bevruchten ze elkaar ook nog. En natuurlijk lukt het bij de ene bibliotheek beter dan bij de ander. De een richt zich meer op digitalisering, de ander is heel blij met het uitmelken van de uitleenfunctie.

Ik ken collega's die roepen dat we één koers moeten varen. Ik ken collega's die zeggen dat we lokaal gefinancierd worden en dat het dus een mission impossible is om één nationale bibliotheekorganisatie met franchisehouders na te streven. Beide hebben vast gelijk. Vooralsnog is het zo dat we met onder andere het bekvechten over wel of niet retail geen stap verder komen.

Ik leer heel graag van mijn collega's, van mensen binnen en buiten de branche. Ik ben geïnteresseerd in hun ideeën  En ik doe er mijn voordeel mee. En als ik iets hoor of zie dat ik toepasbaar en kansrijk acht voor Kennemerwaard ga ik er mee aan de slag. Van die zaken die ik minder kansrijk acht, of wat kritische kanttekeningen bij heb, probeer ik (geheel tegen mijn karakter in ;-) mij toch te onthouden van veroordeling. Dat helpt namelijk niets. Het mooie is dat zolang we allemaal nog lokaal gefinancierd worden we tot op zekere hoogte de ruimte hebben tot lokaal ondernemerschap. En daaronder versta ik ook goed kijken wat je buren, je collega's doen, en daar van te leren. Want daar was de bibliotheek toch van? Een ieder de kans te geven via vrije toegang tot informatie, cultuur en educatie om het beste uit zich zelf te halen? En laat dat nou voor iedereen iets anders kunnen zijn.

vrijdag 23 maart 2012

Leren van elkaar

Gisteren kreeg ik mijn collega Astrid Vrolijk, directeur van bibliotheek Zwolle op werkbezoek. Astrid is ongeveer anderhalf jaar geleden ingestroomd in onze branche, vanuit een functie als directeur van een Centrum van de Kunsten. Tijdens dat gesprek meldde ze dat ze zich veel vrijer voelt om zaken te benoemen die haar bevreemden dan in haar vorige baan. Ze heeft conservatorium gedaan (dacht ik onthouden te hebben), en bij medewerkers van het Centrum van de Kunsten, muziekdocenten werden haar opmerkingen blijkbaar bekritiseerd omdat ze dezelfde achtergrond had. Grappig, want ik beschouw het altijd als een voordeel dat ik zelf opgeleid ben als bibliothecaris nu ik directeur ben. Ik heb zelf, al is het inmiddels lang geleden, klassenbezoeken gedaan, inlichtingen gegeven, aanschaf gedaan, lezingen georganiseerd, persberichten geschreven; kortom alles gedaan wat een gemiddelde all-round bibliothecaris ook doet of heeft gedaan. Ik voel me vrij om zaken op te merken, juist omdat ik die achtergrond heb. Vraag is natuurlijk of het echt uitmaakt welke achtergrond je hebt als je directeur bent. Wat belangrijk is naar mijn idee, is dat je bevlogen bent over wat de rol van de bibliotheek in de huidige maatschappij is, dat je een visie hebt op de toekomst. Dat je bereid bent te luisteren naar alle belanghebbenden: klanten, medewerkers, politiek, ambtenaren, scholen, instellingen. En dat je bereid bent te leren.


Ik vond het voornemen dat Astrid had genomen, één werkbezoek per maand, een mooi voornemen. In het verleden is onder de vlag van het bijna ter ziele Netwerk voor Directeuren een uitwisselingsprogramma uitgedacht. Op grote flappen kon je opschrijven wat je te bieden had als bibliotheek en als directeur, en als collega kon je daar op inschrijven. Zo zouden we elkaar als directeuren verder kunnen helpen door kennis te delen. Het geplande werkbezoek aan Rijswijk is helaas nooit gerealiseerd. Er was iets met stakende treinen of stroomstoring oid en daarna goede voornemens die vervlogen in de waan van de dag. Mijn voornemen om te leren van anderen heb ik 'ondergebracht' bij een intervisiegroep met een aantal collega’s uit het land. Met elkaar bespreken we een casus die één van ons inbrengt. Kijken of je elkaar verder kunt helpen. Hoewel het ook vaak ‘verzandt’ in gezellig bijpraten. In het Noord-Hollandse zitten we met een paar directeuren zo eens in de twee/drie maanden bij elkaar om te bekijken of we beter samen kunnen werken, en elkaar kunnen helpen met het oplossen van problemen.

Het mooie van deze collegiale uitwisselingen vind ik dat er naast een feest der herkenning van bijna overal dezelfde problemen en uitdagingen je ook van je collega’s leert. Iedereen heeft een andere stijl en aanpak. We streven wel allemaal hetzelfde doel na, namelijk het realiseren van goed bibliotheekwerk. We hebben allemaal in basis hetzelfde netwerk lokaal, maar ook met verschillen. Juist die verschillen zijn interessant. Daar zitten de kansen, de ideeën. En met gezamenlijk nadenken over de uitdagingen waar we voor staan komen we vaak verder dan dat we alleen in ons directeurskamer kunnen bedenken.