Posts tonen met het label BHAG. Alle posts tonen
Posts tonen met het label BHAG. Alle posts tonen

vrijdag 21 december 2012

Het gaat er om spannen

We zijn de afgelopen tijd in Kennemerwaard druk bezig geweest met allerlei ideeën voor de toekomst. We hebben een mooie toekomstdroom gemaakt in een BHAG, in droge tekst en in verhaalvorm. We hebben een organisatieontwikkelplan gemaakt en we hebben een nieuw functiehuis gemaakt. De bouwstenen liggen er om een mooie toekomst tegemoet te gaan.

En toch.... na het lezen van het artikel van Edwin Mijnsbergen in de Informatieprofessional over de toekomstige informatiespecialist voelde ik mij onrustig worden. Op het gebied van de informatiespecialisme zoals Edwin dat ziet..... we laten daar steken vallen.  Door wat ervaringen die we hier hebben gehad doordat we de boer zijn opgegaan en onze diensten hebben 'verkocht' aan scholen, weet ik: het gaat er om spannen. We moeten echt bijschakelen. De tijd gaat snel en de veranderingen razen aan ons voorbij.

Ik moet in alle eerlijkheid bekennen dat ik af en toe me ernstig zorgen maak. En dat wil wat zeggen, want ik ben een optimistisch mens. Ik geloof in de kracht van mensen, van onze mensen en dus in de kracht van onze organisatie. Maar we moeten echt naar een hoger niveau. We zullen in staat moeten zijn om de dienstverlening die wij aan het onderwijs verlenen naar dat hogere niveau te brengen. Het gaat om de inhoud waarop we het verschil moeten maken. Onze betere kennis van onze collectie, onze databanken, de kennis en vaardigheden om de rijkdom en overvloed aan informatie op het internet te kunnen filteren. Het gaat om de kennis en vaardigheden om te kunnen gidsen op al die (nieuwe) ontwikkelingen.

Ik denk dat we op de inhoud van collectie en databanken de slag wel kunnen maken. Daar zullen we best aan moeten trekken, maar dat gaat goed komen. Onder andere door de functie-innovatie van circa 10-15 jaar geleden aangejaagd door Stef van Breugel heeft er in de frontoffice een uitholling plaats gevonden. De brede vakkennis van vroeger hebben veel medewerkers niet meer, of een specialistische kennis. Of we hebben nagelaten ze daar op aan te spreken. In Kennemerwaard prijs ik mij gelukkig met het feit dat er nog veel medewerkers zijn die wel kennis hebben in de breedte, die als kernkwaliteit nieuwsgierigheid hebben. En we hebben er altijd voor gekozen om onze specialisten ook in te blijven zetten in de frontoffice. Daardoor kunnen deze medewerkers hun collega's ook meenemen in de ontwikkeling. Van elkaar leren. Dus voor die kant van het verschil maken zie ik het niet zo somber in.

Maar de kant van het meegaan in de informatiemaatschappij, om daar een gidsrol in te kunnen spelen. Daar zie ik donkere wolken. Gelukkig hebben we wel medewerkers die prima een groep ouderen kan scholen op het gebied van sociale media. We hebben wel medewerkers die speciaal gezocht worden door specifieke klanten die wegwijs geholpen willen worden op sociale media of geholpen willen worden in het zoeken op internet. We hebben wel medewerkers die interactieve programma's met schoolkinderen kunnen doen. Medewerkers die in staat zijn om als gids op te treden voor bijvoorbeeld kritische ondernemers of leerkrachten van voortgezet onderwijs, die hebben we niet. Die moeten we inhuren. En dat doen we dan ook. Maar ik wil ze in mijn eigen team hebben. En dat gaat denk ik veel meer moeite kosten. Want het gaat er om dat je meer weet, het in je vingers hebt én een vertaalslag kunt maken naar de groep waar je op dat moment voor staat.

We hebben bij mijn weten hebben we niet echt de specialist in huis die helemaal bij is op de manier waarop Edwin daar over schrijft. En dan vooral iemand die er een vertaling van kan maken voor onze eigen organisatie. En als die persoon er wel is, nodig ik hem bij deze uit met mij te komen praten. Want dan wil ik hem of haar graag gebruiken als vliegwiel voor onze organisatie! En als je niet bij ons werkt, maar je voelt je aangesproken en uitgedaagd, dan nodig ik je ook van harte uit om eens te komen praten.

Omdat ik graag positief afsluit ben ik heel blij met de mensen die bij ons de dienstverlening aan VVE en basisonderwijs doen. Met onze combinatiefunctionarissen maken we echt een verschil op die scholen die dat samen met ons doen. De lees- en taalvaardigheden van de kinderen op die scholen gaan vooruit, en kinderen weten beter informatie te vinden, te beoordelen en er zit meer variatie in spreekbeurten en werkstukken. Daar zitten we al op een hoger niveau en is het zaak om daar ook echt blijvend op in te zetten.

Het komend jaar gaan we van start met ons ontwikkelplan. En dus is het voor iedereen van hoog tot laag in de organisatie een tandje er bij, schakelen naar een hogere versnelling. Omdat het moet, omdat we kunnen en omdat we willen!



vrijdag 22 juni 2012

Big Hairy Audacious Goal, deel 2

Die droom waar ik gisteren al over schreef zou je als een spannend verhaal moeten kunnen lezen. En hoe gaat dat verhaal dan, bijvoorbeeld:

Arend, directeur van een basisschool in Alkmaar, 50 jaar, getrouwd, 3 kinderen heeft de CITO cijfers gekregen van zijn leerlingen. Hij is er stevig van geschrokken. Een kwart van de kinderen uit de bovenbouw scoort lager dan het landelijk gemiddelde. De trend van de afgelopen jaren dat er steeds minder kinderen een HAVO of VWO advies krijgen heeft ook dit jaar doorgezet. Het percentage dat naar de HAVO/VWO zou kunnen is weer 2% lager dan afgelopen jaar.


Arend besluit nu echt in te grijpen. Hij belegt een spoedvergadering met zijn lerarenteam om de CITO resultaten door te spreken. Hij wil weten hoe het komt dat de kinderen steeds minder goed scoren. Na de gebruikelijke excuses van te hoge werkdruk, kinderen uit kansarme wijken, te veel formulieren om in te vullen vraagt Arend zijn lerarenteam om met oplossingen te komen die de prestaties van hun leerlingen echt beter maken. De CITO toets toont aan dat veel kinderen leesachterstanden hebben, en dat ze middelmatig scoren op de vakken geschiedenis en aardrijkskunde.

De leraren komen gezamenlijk tot de conclusie dat er meer aandacht voor lezen moet komen. Lezen is de sleutel tot betere prestaties, niet alleen voor het lezen zelf, maar ook voor de andere vakken. Verder willen de leerkrachten graag meer tijd aan de voorbereiding van hun lessen kunnen besteden. Ze vinden dat ze te weinig met actuele zaken kunnen doen en te weinig verdieping kunnen bieden aan die kinderen uit de klas die dat wel willen en aankunnen.

Arend vraagt aan de leerkrachten of ze misschien ook ideeën hebben hoe ze dit kunnen oplossen. Want het probleem is dan wel benoemd, hoe gaan ze het oplossen. Janneke, een van de leraressen verteld dat haar zus op een school in Heerhugowaard lesgeeft. Daar hebben ze een combinatiefunctionaris van de bibliotheek. Die helpt de onderwijzers met programma’s voor het lezen. Janneke stelt voor om de bibliotheek uit te nodigen voor een gesprek. Misschien heeft de bibliotheek wel ideeën over hoe ze hun leesonderwijs leuker kunnen maken waardoor de kinderen meer plezier in lezen krijgen.

Arend nodigt de bibliotheek uit voor een gesprek en gezamenlijk besluiten ze een proef te doen waarbij de bibliotheek de school ondersteunt bij het leesonderwijs en ook helpt met het bijbrengen van zoekvaardigheden aan leerlingen en leerkrachten.

Twee jaar verder:

Lerares Janneke zit op zondag avond haar lessen voor te bereiden. De tv staat aan, en haar mobiel ligt naast haar. Haar mobiel trilt, een twitterbericht komt binnen. In China is een enorme aardbeving geweest. Janneke was net bezig met haar les over aardrijkskunde, over de werking van de aarde. Ze wil haar les wel wat actueler maken. Ze zoekt zelf informatie over aardbevingen op, dat vindt ze op wikipedia. Maar ze heeft problemen om haar presentatie goed op haar stick te krijgen die ze morgen in haar Smartboard wil laden. Ze kijkt op haar horloge en ziet dat de helpdesk van de bibliotheek nog open is. Ze belt meteen. Ze krijgt Robert aan de telefoon. Gelukkig maar, die heeft haar al een paar keer goed geholpen met wat softwareachtige problemen. Ze vertelt hem waar ze mee bezig is en al pratend helpt Robert haar om haar presentatie op te slaan op haar usb stick. Ondertussen heeft Robert haar nog wat extra informatie toegemaild over China en over aardbevingen. Hij vraagt haar of er wel genoeg boeken op school zijn over China en aardbevingen. Janneke weet dat niet zeker. “Weet je wat” zegt Robert, “morgenochtend laat ik even nog een aantal extra materialen voor je bezorgen die jou les goed ondersteunen”. Opgelucht hangt Janneke even later op. Op maandag ochtend wordt er na het kringgesprek op haar raam getikt. Daar staat de chauffeur van de bibliotheek, die de beloofde extra materialen komt brengen.

Fatima die bij meester Fred in de klas zit leest heel veel. Ze heeft bijna alles al gelezen in de kast die voor haar bedoeld is. Op aanraden van meester Fred gaat Fatima langs bij de bibliotheek. Ze vertelt een beetje verlegen aan Anna dat ze alles al gelezen heeft. Zou Anna nog wat meer voor haar weten? Anna neemt haar mee naar de jeugdhoek en vraagt Fatima welke boeken ze leuk vindt. Samen zoeken ze door de kasten en vinden ze twee boeken die Fatima niet kent. “Als je ze uit hebt”, zegt Anna, “zorg ik dat er weer een paar nieuwe voor je staan. En heb jij ook een tablet?” Fatima knikt, die heeft ze van school te leen gekregen. Ze is er heel trots en zuinig op. “Neem die dan volgende keer ook maar mee” zegt Anna. “Er is een jonge schrijver hier uit Alkmaar die voor kinderen van jouw leeftijd schrijft. Hij is nog maar net begonnen en zoekt proeflezers. Lijkt je dat wat om als één van de eersten een boek te lezen en te vertellen hoe je het vond?” Dat lijkt Fatima wel wat.

Meester Fred, ondertussen, heeft niks met dat hele programma van de bibliotheek. Hij vindt het allemaal maar onzin. Hij kan zich prima zelf redden. Hij gaat braaf elke drie weken met z’n klas op bezoek in de bieb, hij helpt Irma, medewerkster van de bibliotheek, dan ook als ze uitlegt hoe de bibliotheek werkt. Hij kent het klappen van de zweep. Fred is amateurfotograaf en daar gaat al zijn vrije tijd aan op. Lezen doet hij alleen in fotobladen, waar hij zelf lid van is.

Nu hoorde hij wel laatst dat er een nieuw fotobewerkprogramma Photolight is. Dat heeft hij inmiddels gekocht, maar hij kan er niet echt mee over weg. Als hij met zijn klas op bezoek is in de bibliotheek ziet hij dat er een medewerker van de bibliotheek in een andere hoek bezig is met een klein groepje mensen. Ze zijn foto’s aan het bewerken ziet hij. En het lijkt wel erg op Photolight, wat hij zelf heeft gekocht. Terwijl zijn klas lekker bezig wordt gehouden door de Irma ( ja ze doet het altijd wel goed hoor, al kan hij het zelf natuurlijk veel beter) struint hij toch even naar dat groepje cursisten toe. En ja, ze zijn onder begeleiding van een medewerker van de bibliotheek bezig met Photolight. Hij vraagt aan één van de cursisten of het een beetje wil lukken, en of de cursus beantwoord aan zijn verwachtingen. De man kijkt hem licht verstoord aan, maar begint dan heel enthousiast te praten over het cursusaanbod van de bibliotheek. “Leuk man! Je kunt op klassikale zaken intekenen, en je kunt ook met een groepje dat je zelf bij elkaar zoekt aan de bibliotheek vragen om een docent rondom een bepaald thema voor je te organiseren. Helemaal top!” De man zit nu bijna wekelijks bij de bibliotheek. Laatst zat hij nog bij een cursus over het bouwen van een website. Erg leerzaam. En hij zat er nota bene tussen een heleboel ondernemers, zelfstandige professionals. Hij had nooit gedacht dat die nou ook nog gebruik zouden maken van de bibliotheek, maar zie je…. En hij wijst naar drie mensen die in het restaurant zitten… dat zijn alle drie zzp’ers. Die zitten hier lekker te werken en te netwerken. Is de bieb ideaal voor.

Het is inmiddels mei en de CITO resultaten van de school van Arend zijn binnen. Na twee jaar intensief samenwerken met de bibliotheek is hij blij om te zien dat voor het tweede achter één volgende jaar zijn de resultaten omhoog gegaan. De school heeft nu voor het eerst meer aanmeldingen gekregen van nieuwe leerlingen. De leesvaardigheid van de kinderen is met sprongen vooruit gegaan. De leerkrachten hebben meer plezier in hun werk gekregen doordat ze voor de voorbereiding van hun lessen ondersteuning krijgen van de bibliotheek in het integreren van actuele onderwerpen. Met de levering van e-content en boeken krijgen de kinderen ook meer verdiepingsmateriaal aangeleverd. Er zit meer uitdaging in het lesgeven en de kinderen vinden het ook leuker. De bibliotheek heeft zelfs al een paar keer een interessante workshop met een natuurwetenschapper en een striptekenaar georganiseerd voor de school. De kinderen maken ook betere werkstukken en spreekbeurten. De onderwerpen waarover ze het hebben zijn gevarieerder en ze gaan ook meer de diepte in. Al met al is Arend heel tevreden over het besluit dat hij twee jaar geleden met een stevige aarzeling nam. De kosten die hij maakt voor de dienstverlening van de bibliotheek verdient hij door een afnemend ziekte verzuim van zijn leerkrachten en door het toenemend aantal leerlingen dubbel en dwars terug. De bibliotheek levert echt waar voor haar geld.

donderdag 21 juni 2012

Big Hairy Audacious Goal, deel 1

Ik weet dat er een aantal mensen in spanning zitten te wachten op het 'ei' dat het management van bibliotheek Kennemerwaard aan het leggen is als het gaat om hun toekomstvisie. Ik hou jullie nog een klein beetje in spanning.
Maandag 18 juni zat het managementteam van Kennemerwaard opnieuw bij elkaar om te praten over onze toekomstvisie. Onder begeleiding van Floris Hurts, van Avicenna academie voor leiderschap, en onder andere schrijver van “De onmisbaarheidsfactor”. Hij vertelde ons tijdens de ochtenduren het één en ander aan basis, food for thought zo gezegd. En na de lunch gingen we zelf aan de slag.


Wat Floris ons voor de lunch meegaf was het volgende:

Een toekomstvisie, een doel voor de toekomst moet een ‘big hairy audacious goal’ zijn (gebaseerd op het boek “Built to last” James Collins and Jerry Porras). Dat betekent dat je een visie moet bedenken waarvan je het gevoel hebt dat als je je uiterste best doet, dat je het dan net zult kunnen bereiken. Maar alleen als je alles op alles zet. Voor de bibliotheek betekent dat misschien wel een oplossing bedenken zonder boeken.

De droom moet gaan over je klant, welk probleem ga je oplossen voor je kernklant. En hoe groter de horizon die je kiest, hoe kleiner je rol in het totaal. Dus als wij als bibliotheek vinden dat we een rol willen spelen in de behoeftepiramide als het gaat om ‘bijdragen’, wat bovenaan de behoeftepiramide staat en dus pas als laatste op het ‘wensenlijstje’ van potentiele klanten of gebruikers, dan betekent dat dat we een hele sterke droom moeten hebben.

Bij het bedenken van een BHAG is het belangrijk dat je een soort mindmap maakt van je klant. Daarbij is het belangrijk te bedenken of we onze kernklanten wel goed genoeg kennen. En stel dat je kiest voor een instelling als kernklant, moet je ook bedenken wie daar uiteindelijk de eindgebruiker is.

Wij hebben een tijdje geleden al binnen Kennemerwaard gekozen om ons de komende jaren meer te gaan richten op het onderwijs. Dat wil niet zeggen dat we niets meer gaan doen voor onze andere klanten. Maar het betekent wel dat we onze dienstverlening voor het onderwijs ‘state of the art’ willen gaan maken. Zodanig dat medewerkers van scholen, kinderen, ouders, grootouders zo enthousiast worden over de bibliotheek dat dit maakt dat zij ook gebruik van de bibliotheek gaan maken.

Ons motto: wij maken (laten) leren leuker, beter, effectiever.


Over wat voor soort dienstverlening hebben we het dan over 5 tot 10 jaar?

De bibliotheek levert content voor de hardware van scholen, we leveren met een prijsvoordeel. Als de school wil kunnen wij ook de hardware (tablets) leveren met een prijsvoordeel. De bibliotheek is 7 dagen per week van 7 uur ’s ochtends tot 24.00 uur bereikbaar voor leerkrachten. De bibliotheek levert zijn diensten via cross-channeling (fysiek en digitaal) en op de smartphone (of diens opvolger). De dienstverlening die we leveren is gepersonaliseerd, we kennen de behoeften van onze klanten en tippen ze over activiteiten, interessante publicaties over hun interesses. Verder hebben we ook gepersonificeerde diensten. De medewerker van het onderwijs weet welke medewerker hij voor welk probleem of vraag kan benaderen. Wat de bibliotheek levert is ‘sexy basaal’, het valt onder ‘need to have’, zonder de dienstverlening van de bibliotheek tel je niet mee.

De dienstverlening van de bibliotheek is gemakkelijk, je hebt geen gedoe. Beetje te vergelijken met de HEMA. Als je de bibliotheek een vraag stelt is er direct contact en reactie en binnen 4 uur heb je antwoord.


De bibliotheek levert gestandaardiseerd maatwerk; dienstverlening aan het onderwijs is modulair uit te bouwen. De bibliotheek heeft een bezorgdienst. Het is verwelkomend voor de klant. Je voelt je uitgedaagd door de bibliotheek om meer te willen weten, meer te willen leren. Je wilt erbij horen als klant. En er is altijd iets nieuws te doen. De dienstverlening van de bibliotheek voelt als iets heel vanzelfsprekend.

De uitwerking van alles wat we willen bereiken voor onze kernklant, het onderwijs, moet zo’n stevige basis hebben en zo’n spin off dat we heel makkelijk ook dienstverlening voor andere partijen kunnen bieden. Soms door hetzelfde te bieden maar dan iets anders verpakt, soms door de accenten net iets anders te leggen zodat ze aansluiten bij hun behoeften. En dat hoeft niet moeilijk te zijn omdat we onze klanten goed kennen en ons in hen kunnen verplaatsen. We praten met ze, we betrekken ze bij onze dienstverlening.
Hoe je dat nu als een verhaal kunt vertellen, dat laat ik jullie morgen weten ;-) En dan hoop ik natuurlijk op heel veel reacties!