zaterdag 20 mei 2017

Jordanië dag 4, Wadi Mujib, Karak, Dana

3 april
Hussam staat ons al weer op tijd op te wachten. Vanaf nu reist hij met ons mee, en slaapt dan op de plek waar wij ook zijn. Voordat we vertrekken worden we aangesproken door de manager van het hotel. Of alles in orde was, en ja dat was het zeker. Aan de muur hangen oude foto's van bedoeïenen met tenten. Hij legt uit dat het Madaba was zoals het was voordat de christenen kwamen. Toen werd Madaba alleen af en toe bezocht door rondtrekkende bedoeïenen, er was niet zoiets als een echt dorp, meer de resten van de oude plaats uit het begin van de jaartelling. In Madaba wonen christenen en moslims vreedzaam naast elkaar meldt hij ons. Geen probleem. En Jordanië is echt een super veilig land. Of we dat maar veel willen vertellen in Nederland. Jordanië heeft veel te lijden onder de oorlog in buurland Syrië. Niet alleen door de 2,5 miljoen vluchtelingen die het land op vangt, maar vooral doordat de toeristenindustrie in elkaar gezakt is. Men denkt dat het hele Midden-Oosten niet veilig is, en wij kunnen getuigen dat Jordanië echt een heel erg veilig en bovendien gastvrij land is, met prachtige landschappen en zeer veel oude historische sites. Waarvan acte dus. NB: na onze vakantie vragen meerdere mensen mij of het niet gevaarlijk was in Jordanië, of we niet spanning voelden op straat. Dan vertel ik dat ik  twee weken na de vakantie in Brussel ben geweest en dat ik daar meer politie en leger in paraatheid heb gezien dan in Jordanië! Dus dat het maar net is hoe je er tegen aan wilt kijken. Ja zeker zijn we roadblocks tegen gekomen onderweg met controlepunten, loopt er politie en bewaking bij de grote toeristische trekpleisters, maar niet meer dan in Europa, en soms gewoon minder.

We vertrekken richting Wadi Mujib. De Jordaanse Grand canyon.  Door prachtig berglandschap, wat al ruiger wordt. En dan zien we op een gegeven moment de canyon! We hebben een paar jaar geleden ook de Grand Canyon in de verenigde staten gezien, maar deze mag er zeker ook zijn. Echt zeer fraai. Weids en ruig, diep en breed. Met veel verschillende kleurschakeringen. Heel bijzonder. Ik had er geen idee van dat zoiets in Jordanië zou zijn. Maar ja, ik had ook niet gedacht dat hier zoveel goed bewaarde Romeinse opgravingen zouden zijn, of kruisvaarders of Umayidden kastelen......
We hebben zin in koffie, en natuurlijk weet Hussam wel een tentje. Aan de overkant van de wadi, langs de dam, opnieuw omhoog zit een restaurant met een prachtig uitzichtpunt. Het terras zit in de schaduw, en daarvoor is het nu nog te koud buiten. Dus gaan we binnen zitten. Hussam kent de eigenaar. De vader van de man die Hussam de hand komt schudden was ooit gids. Van zijn verdiende centen heeft hij dit restaurant gebouwd. Op een prachtig punt. De Turkse koffie smaakt prima, en we bekijken het geheel. Zeer opvallend een grote poster aan de muur van een of ander Duits mannenkoor. Die hebben hier bij de opening opgetreden wordt ons verteld. Na de koffie door richting Karak.

Daar is een oud kruisvaarders kasteel uit de 11 de eeuw. Een stevig fort, dat uiteindelijk toch door Salahdin overwonnen is. Ook hier worden Joep en ik gevraagd hoe we heten, waar we vandaan komen en of ze met ons op de foto mogen. Braaf antwoorden we en lachen we voor de foto. Het is wel grappig om te merken dat de Jordaanse kinderen allemaal hun Engels willen oefenen, ze willen contact, maar hun Engels gaat vaak niet verder dan de eerder genoemde zinnetjes. 
Je moet in het kasteel je verbeelding het werk laten doen, hier sliepen ooit ridders uit Engeland, Duitsland, Frankrijk, met hun meegebrachte soldaten, voetknechten. Alles voor de heilige oorlog, het beloofde land en de heilige stad Jeruzalem moest ontzet worden van de 'heidenen'. Wat moeten die mannen zich klein gevoeld hebben, in een land waar ze de taal niet spraken, een volledig andere cultuur, waar ze waarschijnlijk ook niet welkom waren. Heet en warm en stoffig, ver van huis.
Hoe is het nu? Fris windje langs de muren, voorjaarsbloemen in bloei. Prachtig uitzicht over de omringende bergen en tussen gelegen groene valleien. Wel met een stevige bewaking van de Jordaanse politie. Vorig najaar is in dit fort een aanslag gepleegd door een moslimextremist en lieten een paar toeristen tussen de muren van dit oude kruisvaarderskasteel hun leven.
Als we uitgekeken zijn wacht Hussam ons weer op.  Of we willen lunchen. Dat kan dan in het naast gelegen restaurant. Ook dit trekt ons weer niet erg, maar goed, we laten ons mee tronen. Echt een groot toeristenrestaurant, waar geen kip te bekennen is. Met buffetopstelling. We worden er niet heel vrolijk van. Als het eten klaar is lopen we langs het saladebuffet, het warme gedeelte laten we aan ons voorbij gaan. De salades zijn heerlijk, dat moet gezegd. Hussam eet hier weer gratis, maar onze rekening valt niet mee. 18 JOD voor twee flinke borden salade en een fles water en een cola light.Tja.... (is omgerekend ongeveer €22,-)


We rijden door naar Dana. Een oud dorpje, gelegen aan de rand van een natuurreservaat. Het dorpje is pas sinds een aantal jaren weer bewoond. Er wonen een aantal families die hier de verschillende hotels runnen. Ons hotel heeft een aantal kleine slaapzalen met gedeeld toilet, geen douche voor de heren. Daar moet Hussam tot zijn verdriet slapen. Wij krijgen een opgeknapt huisje, waarin een bed, en een douche en toilet. Hele dikke muren, en gelukkig ook hele dikke dekens. Het is ijskoud in het huis.  We zetten onze spullen neer en lopen terug naar het hotel voor de ontvangst met thee. Onze gastheer is net even te glad. Heel aardig, maar je voelt dat het net niet klopt. Wij vragen hoe het morgen zit met onze wandeling. Hij antwoord:' alles in het dorp gaat via mij, dus ook jullie gids. Alles start hier, zeg maar hoe laat je wilt gaan wandelen. Hoe lang ga je? Drie uur? Zeg maar hoe laat, ik regel het'. Juist... of het is ook echt zo, of hij is arrogant. Ik vind het in ieder geval niet een echt plezierige manier van doen, er spreek ook een bepaalde 'zekerheid' of verveeldheid uit. Alsof je in een goedlopende toeristenplaats komt aan het eind van het seizoen, en de mensen in het hotel eigenlijk geen toerist meer kunnen zien. En dus bij elke vraag vermoeid gaan kijken, denken...daar heb je die toeristen weer.














Na de thee lopen we even door het dorp, bewonderen het piepkleine moskeetje midden in het dorp, lopen naar het eind van het dorp met zicht op de vallei waar we morgen gaan lopen. De lokale hangouderen vragen ons waar we vandaan komen, en ik word iets te enthousiast omhelst door een klein manneke die een lange Nederlandse dame wel erg leuk vind. Daarna lopen we terug naar ons huisje. Boek lezen op het terras, voor zolang de temperatuur het toe laat. We kijken uit op een vervallen schuurtje en braak liggend terrein. Achter ons een huis met een veld met verwaarloosde fruitbomen. Tussen de bomen scharrelen drie opgewonden puppies. Af en toe een schel blafje, en even lekker stoeien met elkaar. Dichtbij durven ze niet te komen. Het zijn wel snoepjes van hondjes... worden vast geitenhoeders of waakhonden. Op het veld onder ons komen ineens twee ezeltjes aan met een klein drafje. Achter hen aan een de oudere man, het kleine manneke van eerder met keffiyah. De ezeltjes nemen een loopje met hem. Hij zegt dat hij ze wil vangen. Ze spelen verstoppertje met hem. Staan eerst aan de ene kant van de schuur te loeren waar hij is, als hij dan van achteren aan komt gelopen spurten ze snel de andere kant op. Ze zijn hem duidelijk te slim af.

Rond zeven uur lopen we naar het eind van het dorp. De zonsondergang bewonderen, maar we zijn iets aan de late kant. Dan wachten op het avondeten. En daarna naar bed.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen